13 april 2011

Coelum non Animum

In mijn huidige lijfboek, de Lanny Budd serie van Upton Sinclair, vind ik deze regel van Horatius. Zoals vaak frappeert deze schrijver mij door de scherpte van observateur. Hier beschrijft hij het gedrag van de sterk materieel verwende Amerikanen in het interbellum: "Zij die naar andere landen reizen, krijgen een andere hemel boven zich, maar veranderen niet van geest".
Echter, anno 2011 gedragen zovelen zich als de verwende Amerikanen destijds; velen barsten van het geld en vliegen kost relatief weinig. Met vakantie gaan heet ook niet meer zo maar wordt "reizen" genoemd; alsof je ergens naar toe gaat vanwege een bestemming. Maar je komt toch altijd weer terug zonder dat je ginds ook maar enig doel had en geen andere bestemming vond dan je "vermeien" om maar eens een "vergeten woord" te gebruiken; net als destijds de dagjesmensen na een "dagje Zandvoort" of een "weekje Bakkum". Het kan niet ver genoeg gaan; de Himalaya's, Thailand (vroeger een klank uit een mystiek oord), Vietnam (ken ik vooral van de oorlog die er in de jaren zestig werd gevoerd), Laos, Cambodja, ja zelfs Australië en Nieuw Zeeland; wat heb je daar te zoeken als westerling. Cultuur?
Het is toch vooral Europa waar je de meest interessante culturele uitingen vindt; een afwisseling die ongekend is; vele talen naast elkaar, architectuur, musea. En dat in een context van een geschiedenis die je (naar ik toch voor de lezer hoop) enigszins bekend is.
Ik trek me in de tijd die mij nog rest in ieder geval terug op dit heerlijke plekje waar een ID-kaart voldoende is en paspoort en visa overbodig.

Geen opmerkingen: