20 november 2017

Drie keer, scheepsrecht

Ruim op tijd waren we op Berlijn Hbf; we liepen wat rond, kochten nog een broodje voor onderweg en zagen tot onze schrik dat onze trein niet werd aangekondigd. Bleek 20 minuten eerder te zijn vertrokken. Een vriendelijke dame bij de info zocht eea voor ons uit en toen hadden we een ice naar Hannover. Of de duvel ermee speelde liep deze door een stommiteit al bij vertrek een vertraging van bijna een uur op.
Hoe het verder gaat aflopen gaat u lezer nog horen maar voor mij is het duidelijk: nooit meer die Bahn maar Flixbus. We vragen ons af of we vandaag überhaupt nog thuis komen.
Ooit gingen we met Db van Hamburg naar huis; een rampzalige reis met vele uren vertraging. En onlangs nog naar Neurenberg. Ach, je komt er wel maar vraag niet hoe. Jetzt reicht es; nie mehr.

18 november 2017

Als een rij contrabassen

Bladblazers opgesteld voor de symfonie van de waanzin dat even later zou beginnen. Heb ik gelukkig niet gehoord.
Je ziet dat wel eens voorafgaand aan een concert of in de pauze dat er zo'n rij contrabassen of cello's ligt of staat opgesteld. Ook dat mooie pointilistische schilderij Le Chahut van Seurat doet me eraan denken met de parallel geschilderde bas en de benen van de dansers.
Onlangs zag ik een stel van die moderne straatinstrumenten in rij opgesteld; een viertal bladblazers die lagen te wachten op het moment dat de symfonie van de waanzin zou beginnen. Eén van de in het oranje pak gestoken "musici" vroeg mij waarom ik een foto van het instrumentarium maakte: "vanwege het geluid", sprak ik spits. In dit geval vanwege het ontbreken van het geluid. Ik was op weg naar de hortus en ervoer daar het genot van de stilte, maar ook in Amsterdam, even verderop in het park nog wel werden de bladeren met weinig efficiency maar veel kabaal verplaatst.
Toen we in Würzburg waren zagen we nog van die ouderwetse heksenbezems met mannen die daarmee de bladeren bijeen veegden van de straten; ging aanzienlijk efficiënter en met aanzienlijk minder kabaal gepaard.

17 november 2017

Een doos vol

Toch wel "mijn trots" een tweetal exemplaren van mijn proefschrift. In de schuur ligt nog een hele doos vol.
Op donderdag 3 september 1981 om 14.30 uur precies promoveerde ik op het proefschrift "T-cells cause SLE and related disorders" tot doctor in de geneeskunde; een gebeurtenis waar ik na al die jaren nog steeds echt trots op ben. Destijds heb ik een behoorlijke hoeveelheid van "het boekje" - zoals promovendi hun werkstuk plegen te nomen - laten drukken met als gevolg dat ik al die jaren een hele doos vol proefschriften heb staan. Enkele exemplaren heb ik nog wel eens op verzoek kunnen slijten, waaronder aan de moeder van Roos die het wist te waarderen.
Die doos proefschriften verstofte natuurlijk, maar ik kon het toch niet over mijn hart verkrijgen om doos met inhoud weg te gooien: "dat mogen de kinderen doen als ik dood ben", heb ik altijd gedacht. Ik heb ook wel eens gezegd dat ik hen graag een exemplaar zou willen geven omdat het veel voor mij betekende; daar kreeg ik weinig response op, slechts een wat zuur: "dat is toch allemaal verouderd pap", een antwoord dat getuigt van onbegrip; een exemplaar van het proefschrift van je vader is meer een monumentje dan een inhoudelijk document.
Maar nu mijn kindertal plotseling is uitgebreid heb ik de kans gegrepen en ook hen gevraagd of ze een exemplaar zouden willen hebben; sterker nog, afgelopen week heb ik Nathalie een exemplaar kunnen overhandigen. Vanuit de trein kreeg ik een vraag over de inhoud; ze heeft dus als eerste (!) de moeite genomen om er iets van te lezen. Deed mijn ouwe hart goed!

16 november 2017

Kaantjes

Een bord met kaantjes is al wat resteert van zo'n klont varkensniervet. Plus een emmertje reuzel natuurlijk! Heerlijk.
Om ruimte in mijn vriezer te maken heb ik vorige week in haast zo'n enorm stuk niervet van het varken verwerkt; ontdooid in warm water, in brokken gesneden en uitgebakken. Dat had ik een paar weken geleden ook al eens gedaan en bij die gelegenheid had ik de resterende kaantjes aan Theo en zijn vrouw gegeven; die zijn daar gek op en eten die vettigheid op brood en aldus zeggen ook door de boerenkool; ze vinden het zelfs zo'n lekkernij dat ze het graag willen ruilen tegen groenten en fruit.
Nou lukte het uitbakken deze keer aanzienlijk beter; wat hogere temperatuur en wat langer laten uitbakken; de kaantjes zijn nu dan ook beter uitgebakken. Zo'n bord met kaantjes ziet er best smakelijk uit; ik bewaar nu ook een deel om zelf door de boerenkool te doen; Theo en zijn vrouw spraken er met zo veel verve over en ik houd ook wel van een vette hap.

15 november 2017

Apenvlees

Pan met gebraden haas. Heb het gisteren toebereid en er vanmorgen als smakelijk van zitten eten.
Uit mijn jeugd herinner ik me v.w.b. haas dat mijn vader af en toe met een haas thuis kwam; een geschoten haas om precies te zijn. Hoe hij die had verworven, zo ver gaat het verhaal niet, maar misschien via een jager die hij via zijn werk tegenkwam. Het haas werd bij de slager schoon gemaakt en kwam in stukken weer bij ons thuis; moeder bakte en sudderde het tot een lekkernij.
Oma ten Brink en mijn moeder waren gek op wild; het verhaal ging - mijn oma vertelde graag over vroeger en ik luisterde graag naar haar verhalen - dat oma en mijn moeder "vroeger" op de zondag een gebraden kippetje èn een gebraden wild konijntje aten en dan amechtig de rest van de middag lagen uit te buiken. Kortom, "wild" ging er wel in. En ik at er later graag van mee; als vader met zo'n haas thuis kwam verheugde ik me al op dat gebraad. Oma kwam dan strijk en zet ook eten. Ik zie ons nog kluiven. Geen flintertje vlees bleef op de botjes achter.
Mijn vader niet; hij trok er zijn neus voor op en sprak met afkeuring over "apenvlees", dat at hij niet; te exotisch voor zo'n Zaanse heikneuter zal ik maar zeggen. Ach, die ouwe kon met zo veel nostalgie over spekpannenkoeken en grauwe erwten praten, maar enig culinair initiatief in deze heb ik niet mee mogen maken, afgezien van wat hij zelf een "troetje" noemde en het genogen waarmee hij over "een bouquet garni" sprak. Maar dit ter zijde; haas en champignons at hij niet.

Daar moest ik vanmorgen aan denken toen ik na een paar duivenpootjes aan het haas begon te knagen; heerlijk mals en botergaar. Ben dol op wild.

14 november 2017

Een doodgereden wolf

Een wat verfomfaaide krantenfoto van de dood gereden wolf
Vanmorgen om 5 uur ging de wekker; we zouden "wild" gaan halen bij onze jagervriend Jan O. Altijd gezellig om bij het echtpaar O. op bezoek te gaan en wat te babbelen over de jacht en het buitenleven. We laten dat altijd vooraf gaan met een ferme wandeling; vandaar dat we al zo vroeg op pad gaan. Met de trein van half zeven richting Amersfoort en door naar Apeldoorn. Met de stoptrein verder en daar begint de wandeling dan. Om kwart over acht, het begon net goed licht te worden begonnen we; we waren lang niet geweest en hadden ten onrechte het gevoel dat we verkeerd liepen. Al snel vonden we de route, passeerden het spoor en liepen verder over de dijk. Prachtig gezicht op de gloed van de rozenvingerige Eoos vanaf de dijk. Honing gekocht en een prandium genoten op het bekende bankje. Keurig op koffietijd kwamen we aan bij de familie en werden verwelkomd door het vrolijk geblaf van hond Lotte.
We dronken genoeglijk koffie, als gewoonlijk in de keuken en hadden het over van alles en hoe gezellig het was om elkaar weer te zien. In de krant had een foto gestaan van een wolf die was dood-gereden. Jan en ik vinden het maar niks dat de wolf terug komt in NL; vreet hij "onze reeën" en die eten we toch liever zelf.
En dan de toverdoos van Jan met allerlei wild. Hij was gestopt met levering aan restaurants en had daarom een keur aan zwijnenvlees, ree en hert. En natuurlijk een heerlijk, jong haas speciaal voor mij; Jan weet dat ik dol ben op haas. Hij had een jong, mooi geschoten haas voor mij liggen. "Die gaat vanavond nog in de pan", bedacht ik mij en zo geschiedde.
We hadden - mijn oude OV-mazzel liet me niet in de steek - werkelijk direct aansluiting op de buurtbus en waren vrij vlot weer thuis. Gelukkig paste alles in de vriezer op een grote reebout na; die wordt ontdooid, klein gemaakt en daarna toebereid of opnieuw ingevroren leek mij het beste.
De duivenpootjes - de "achterpootjes" wel te verstaan har har - heb ik direct ontdooid, gebraden en gaar gesudderd en het haas eveneens.


13 november 2017

Oerwoud in Amsterdam

Dat is toch net echt oerwoud en dat in Amsterdam centrum
Vandaag naar de Hortus Botanicus in Amsterdam geweest; wilde ik nog bezoeken in verband met de planten uit Zuid Afrika die daaar speciaal voor tot bloei waren gebracht. Hier was ik nog nooit geweest en ik moest zelfs opzoeken hoe ik er moest komen; ondanks dat ik vele jaren in Amsterdam heb gewoond ken ik de weg in Centrum-Oost niet goed; was vlakbij het Waterlooplein en ik liep er dan ook moeiteloos op af. De entréeprijs is behoorlijk hoog; 9 euro voor volwassenen, echter niet voor 65-plussers; 5 euro, dat was een meevaller.
De kassen waren al met al bijzonder interessant; Zuid Afrika, Woestijn met vele cactussoorten en vetplanten uit alle verschillende woestijngebieden, gesorteerd naar locatie; oerwoud, warm en benauwd maar heel mooi ingericht; ik kon een foto schieten die echt een impressie van een oerwoudbezoek weergeeft.
Tasmaanse boomvaren. De boomvaren kende ik
van een boek van Oliver Sachs. Nu zag ik deze
vreemde plant voor het eerst in het echt.
In de tuin nog een vlinderkas; heerlijk rustig daar en prachtige tropische vlinders. Al met al was ik snel uitgekeken en liep ik terug naar station Amsterdam CS; het was prachtig weer en als je je een beetje laat leiden door je richtingsgevoel kun je heerlijk dwalen door de binnenstad; over de Kromboomsloot, rustig en mooi en langs de Waag, door de rosse buurt via de oude Kerk en de Zeedijk bereikte ik CS en was ik weer snel thuis.
'sAvonds belde geheel onverwacht jagervriend Jan O.; hij had nogal wat haarwild in de vriezer: "en dat eet jij toch graag", was zijn gevraagde opmerking. Daar gooien wij ons programma voor om, bedacht ik mij en ik sprak af voor de volgende dag. Roos vond dat een prima idee.