08 april 2014

Oh yeah

Bord over de opgravingen op het Kootwijkse zand
Zondag ging ik met de bus naar Hoenderloo om voor de tweede keer de etappe Hoenderloo-Stroe te lopen. Een half jaar geleden, in oktober had ik dat ook gedaan. Het drizzelde een beetje; voor de hele dag werd niet veel regen verwacht; ik hoopte er genadig van af te komen. Toen bij ons in Utecht de regen was over getrokken ging ik op weg.
Op station Amersfoort moest ik overstappen. Ik ging op een bankje zitten en naast mij ging een keurige meneer zitten die, naar ik dacht wat kieskeurig naar mijn oude, afgetrapte wandelschoenen keek. Hij sprak mij aan: "waar gaat u wandelen?", hij bleek zelf ook een wandelaar en wij spraken even met elkaar tot de intercity kwam. In Apeldoorn moest ik overstappen voor bus 400 naar Hoenderloo. Op de halte stond een Hollandse jongen met drie Amerikaanse  meiden; hij had het hoogste woord. Ze gingen overduidelijk naar het Kröller Müller museum op de Hoge Veluwe. Ik sprak hen erover aan en dat het hen vast goed zou bevallen. Ook met hen een leuk gesprekje op de halte. In de bus bleek de jongeman over een keiharde stem te beschikken maar de Amerikaanse meiden konden hem met z'n drietjes de baas! Op het laatst kon hij alleen maar instemmen met wat zij zeiden en steeds hoorde ik maar: "yeah, yeah". Dat deed mij na heel veel decennia herinneren aan een liedje van de Beatles dat ook begon met "O yeah, O yeah". Met enig nadenken slaagde ik erin de melodie te hervinden in mijn oude brein.
Helaas begon het daar in Apeldoorn ook te miezeren van de regen. Maar in Hoenderloo wachtte hotel restaurant De Boer 'n kinkel. Dat restaurant had ik al vaker gezien en die gekke naam trok me wel, dus eerst maar eens iets nuttigen; wellicht zou de regen in de tussentijd over trekken. Dus ik bestelde een kop warme chocolademelk met een stukje apfelstrudl. Was beide home-made en van uitstekende kwaliteit. En laat nou het toeval willen dat ook daar in het restaurant een hele oude Beatle melodie "I wanna hold your hand" klonk! Deed me plezier.
De wandeling was weer lang en koud. Maar onderweg weer een aantal gezellige gesprekken met mensen. Het was Peter S. ook al opgevallen dat je met wandelen vaak zulke leuke contacten hebt; like ships that pass in the night.
Maar ook een informatiebord over een dorp dat eeuwen geleden werd ondergestoven door het stuifzand alhier. In museum Nairac te Barneveld liggen nog opgegraven voorwerpen die door archeologen van de Universiteit van Amsterdam werden verzameld alhier. Moet ik naartoe!

07 april 2014

Regen voor de moestuin

Als wandelaar is er eigenlijk niets waar je zo'n hekel aan hebt als regen. Dat botst dan ook wanneer ik weer het beheer heb over de moestuin van Theo zoals deze week het geval is. Het is voorjaar en dan behoeft ook de platte kas aandacht; de glazen bedekking moet op een kier gezet worden wanneer de zon schijnt of zelfs worden verwijderd als het echt heel warm wordt.
Maar die regen. Theo is altijd heel zuinig met water geven: "je moet de planten niet te veel verwennen, dan worden ze lui", is zijn credo. Natuurlijk heeft hij er heel veel meer verstand van dan ik, maar toch geef ik sommige planten graag wat water tussendoor; de spinazie, de slaplantjes, de jonge bietenplantjes; het verdroogt allemaal zo snel. De laatste tijd is het behoorlijk droog geweest; de grond ziet er droog uit, maar door het jarenlang bewerken van de moestuin met organisch materiaal zit er best water in de zandgrond.
Vanavond begon het gelukkig te regenen; morgen even kijken of de tonnen alweer wat voller zijn; dan zal ik de planten in de platte kas ook wat water geven. Als je oppast mag je toch ook wel een beetje verwennen ook al betreft het maar planten?

06 april 2014

Een broedmachine

Eieren in de broedmachine
Nog een ouwe dia van m'n broer met eieren in een broedmachine. Dat is ook van heel lang geleden. Ik heb altijd wat met dieren gehad zolang ik mij kan herinneren. Met m'n ouwe vrienden Fred van Maanen en later Bram ging ik eendenesten zoeken. In onze naïviteit hebben we een keer een bebroed ei meegenomen in onze broekzak om warm te houden en geprobeerd onder een lamp verder uit te broeden; kinderfantasie, tot mislukking gedoemd natuurlijk. Toen we het later open maakten stonk het enorm en er kwam zo'n slijmerig, met wat bloed doorlopen stukje narigheid uit te voorschijn.
Ik herinner mij nog een keer met Bram; we hadden een eendennest gevonden waarvan de moedereend trouw op de eieren bleef zitten. Bram pakte het beest op en hield het vast zodat we de eieren konden tellen (waarom is me nog een raadsel). Het beest scheet vervolgens Brams' jas volledig onder. Terwijl ik dit schrijf zit ik nog te lachen.
Later heb ik om mij nu niet meer te doorvorsen ideeën alsnog geprobeerd om eieren uit te broeden. Een kennis van me maakte improvisorisch een apparaatje; hij mocht zelf van zijn vrouw geen eieren uitbroeden; hij vond het leuk dat ik dat wilde doen. Werd ook niks trouwens; de bevruchte eieren, die ik van het lab had meegenomen kwamen wel uit maar de kuikens waren niet goed; spreidpoten. Ik heb ze moeten afmaken.
Maar in de Hoflaan heb ik een tweede poging gedaan. Een zeer technische analist die op het lab werkte wist wel hoe je dat aan moest pakken en maakte een broedkast voor me. Bevruchte eieren kocht ik bij een boer in Maartensdijk; hij verkocht eieren van kippen waar een haan bij was, dus dat zat wel goed. En inderdaad, de eiren bleken bij schouwing bevrucht en ze kwamen voor ongeveer de helft uit. Dat had een waarschuwing moeten zijn.
In de zolderkamer (de voormalige dienstbodenkamer aldus onze toenmalige huisbaas) had ik een kist met een lamp. De kuikens groeiden als kool en scheten al snel het hele kamertje onder. We lieten ze natuurlijk in het kippenhok en helaas, de een na de ander begon te kraaien. Op twee na waren het allemaal hanen. Dus dat werd wekenlang hanensoep.
Ik zou het niemand aanraden om zelf eieren uit te broeden. Het is echt specialistenwerk!
En weer bedankt voor de ouwe dia broer

05 april 2014

Ouwe dia's

Broer Jan, schoonzus Thea, Lien en ik in de
Jan Hanzenstraat te Amsterdam
Van broer Jan ontving ik een drietal foto's uit een bijzonder grijs verleden; gemaakt zo rond 1975 schat ik, dus veertig jaar oud. We zaten toen allemaal in een heel andere fase van ons leven. Gods' water stroomde wat mij betreft rijkelijk over zijn akker; een leuke baan met goede verdiensten; een niet te groot huis; met mijn toenmalige echtgenote Lien genoot ik van het leven.
Broer Jan stond nog helemaal aan het begin van zijn loopbaan; hij werkte als ik mij goed herinner bij de Hoogovens en deed simpel werk; hij kon toen al veel, was erg handig en had een goed verstand, maar wie had kunnen bevroeden dat hij binnen een decennium een prachtig eigen bedrijf uit de grond zou stampen!
Op de achtergrond rechts het meubel dat ik zelf in elkaar heb getimmerd; het deurtje sloot "zuigend"; ben er nog steeds trots op. Dit is de enige foto die ik van dit pronkstuk heb! Op de voorgrond de zelf getimmerde "salon tafel" (uitdrukking van mijn oude moeder). Dankjewel broer voor deze oude herinnering.

04 april 2014

Van Stroe naar Appel

Prachtige waterpartij in de buurt van Appel
Een beetje down gingen we op weg; trein van 6.30 naar Putten en dan met bus 107 verder naar Stroe; de plek waar ik een vorige keer aangekomen was vanuit Hoenderloo; het Marskramerpad. Roos had de consequentie genomen van mijn sterke getaand plezier in het competitiebridge en aangegeven dat ik mocht stoppen; nu ook bij onze "nieuwe club" Dombridge. Ook daar ga ik dus officieel opzeggen. Toch wel raar want het is iets dat je toch wel heel sterk samen doet, net als wandelen. En dat viel niks tegen; wel de temperatuur; het was veel kouder dan we hadden gedacht en het miezerde zelfs een ielepiele klein beetje. Roos trok haar maillot aan.
Maar de route over de Veluwe was prachtig; een stuk dat we geen van beiden ooit hadden gelopen; langs waterpartijen, langs mooie stukken open heide zoals deze hoort te zijn; niet overal vergrast met pijpestro.
Uiteindelijk kwamen we aan in de wereldplaats Appel alwaar we een bus konden nemen. Deze ging niet erg vaak, maar gelukkig binnen 20 minuten nadat we waren gearriveerd; de bus van Ede -Wageningen naar Nijkerk.
De blog van Roos over deze wandeling heeft mooie foto's.

03 april 2014

Een nieuwe lente

Parende kikkers en kikkerdril
(foto Roos vd Burg)
Overal in het bos zie je de kiemplantjes, de voorlopers van wat in beginsel een boompje kan worden de grond uit komen. Vrijwel alle zullen het loodje leggen, maar daarom niet getreurd. Ook de vogels zie je slepen met nestmateriaal; een kauwtje met een tak in z'n snavel, of pikkend aan isolatiemateriaal om wat wolligs voor de binnenkant van het nest. Overal kwetterende vogels; hamerende spechten. Straks weer allemaal jonge vogels die grotendeels weer als prooi dienen voor de roofvogels.
Gisteren waren we met Huib aan de wandel in de duinen bij Den Haag/Scheveningen en daar was het ook allemaal voortplanting wat de klok sloeg. Een gans die aan het nestelen was; in een poeltje in een duinvallei waren allemaal parende kikkers en grote kluiten kikkerdril. Straks weer duizenden kikkervisjes en mini-kikkertjes; ook die zullen vrijwel allemaal omkomen en opgevroten worden; de natuur is hard. Een paaiende karper was zo opgewonden dat hij/zij op de staartpunt na helemaal boven water kwam; zoiets hadden we nog nooit waargenomen.
En op de terugweg in de trein, waar we lekker lagen te tukken zag ik een aantal drijvende nesten met broedende meerkoeten. Het is echt voorjaar!

De tuunwallen van Texel

Resultaat bekijken
Raymond B. heeft een prachtige fotoserie gemaakt van de inspanning die de werkgroep Kwadijkse Vlot heeft geleverd om een nieuwe tuunwal in het Texelse landschap te realiseren.
Het proces begint met het afzetten met een touwtje van waar de tuunwal precies moet worden geplaatst. Vervolgens de eerste plaggen die de contouren volgen van het touwtje. Het volstorten van het binnenste van de tuunwal met zand. Nieuwe zoden plaatsen. De scheef afgesneden zoden worden met een speciale ploeg gesneden. Voor zover ik weet beschikt de firma Tatenhove over de enige ploeg die dat doet. Stapelen, vullen en tot slot afdekken. Wat ik bij het proces van zaterdag zo grappig vond is dat er bij de bouw vrijwel geen coördinatie plaatsvindt. Net als bij een mierenvolk zie je dat er als vanzelf een tuunwal ontstaat; iedereen doet iets wat hem/haar voor de hand komt en waar hij/zij zin in heeft; er is maar een beperkt aantal verschillende werkzaamheden. Alleen het begin kenmerkt zich door de afzetting van waar de wal moet komen en aan het eind wordt de afwerking gecoördineerd gedaan.
Ik sprak erover met Raymond en die merkte op, geheel volgens de chaos theorie dat eenvoudige regels en inzet leiden tot het resultaat, net als in de natuur bij met name de werkzaamheden van sociale insecten, maar ook bij een vlucht vogels.

02 april 2014

Abendempfindung

Vanmorgen stond ik op; beetje bedroefd: gisteravond besloten om te stoppen met bridgen op de dinsdagavond bij de club Groenekan. Het lied "Erstes grün" van Schumann zat in m'n hoofd, beetje melancholiek en toch vrolijk lied; moest het even beluisteren op Youtube. De uitvoering vond ik niet geweldig, maar in het rijtje van Youtube zag ik toen Arleen Auger met Abendempfindung (an Laura); dat hebben Roos en ik jaren geleden ook graag gezongen; het gaat over een diepe vriendschap waarbij één der vrienden zingt over het moment dat hij/zij in het graf ligt.
We hebben het lied bij twee gelegenheden speciaal gezongen om gestorven dierbaren te gedenken. De tekst kende ik niet echt inhoudelijk, maar Mozart heeft de stemming zo ongeëvenaard weergegeven in zijn melodie en begeleiding dat de betekenis van de tekst daarin volledig tot uitdrukking komt: weergaloos!
Schenck auch Du ein Tränchen mir.
Wat is de liedkunst toch schitterend en wat kan muziek toch naadloos bij je stemming passen.

Hier de volledige tekst:

Abend ist's, die Sonne ist verschwunden,
Und der Mond strahlt Silberglanz;
So entfliehn des Lebens schönste Stunden,
Fliehn vorüber wie im Tanz.

Bald entflieht des Lebens bunte Szene,
Und der Vorhang rollt herab;
Aus ist unser Spiel, des Freundes Träne
Fließet schon auf unser Grab. 

Bald vielleicht (mir weht, wie Westwind leise,
Eine stille Ahnung zu),
Schließ ich dieses Lebens Pilgerreise,
Fliege in das Land der Ruh.

Werdet ihr dann an meinem Grabe weinen,
Trauernd meine Asche sehn,
Dann, o Freunde, will ich euch erscheinen
Und will himmelauf euch wehn.

Schenk auch du ein Tränchen mir und pflücke
Mir ein Veilchen auf mein Grab,
Und mit deinem seelenvollen Blicke
Sieh dann sanft auf mich herab.

Weih mir eine Träne, und ach! 
schämedich nur nicht, sie mir zu weihn;
Oh, sie wird in meinem Diademe
Dann die schönste Perle sein!

Tekst gecopieerd van: http://www.recmusic.org/lieder/get_text.html?TextId=3536

01 april 2014

Jupiter op Texel

Foto van cosmodrome.be
Dit heb ik ook exact zo gezien
De eerste nacht op Texel was weer eens volstrekt aan ons voorbij gegaan. Enkele jaren eerder toen het ook zulk helder weer was hadden de wakkeren onder ons met de telescoop naar de planeten gekeken en de maantjes van Jupiter gezien. Die keer was ik eveneens in slaap gevallen zoals mij tot nu toe iedere keer is overkomen in de vrijdag/zaterdag nacht. Maar nu had ik Adriaan gevraagd om zaterdagnacht de telescoop op te stellen en Adriaan, vriendelijk als hij altijd is, deed dat voor mij en nog een aantal geïnteresseerden.
Het was een bijzonder geschikt moment; het was een maanloze avond, het was helder en op Texel is relatief weinig strooilicht en de Stayokay ligt helemaal aan de rand van den Burg. Pikdonker dus.
Het viel helemaal niet mee om tussen al die sterren het schijfje van Jupiter in beeld te krijgen maar uiteindelijk lukte het Adriaan. Fascinerend vond ik het; dat kleine schijfje en duidelijk 4 heldere puntjes er om heen. Volgens Jarno, ons vademecum had Jupiter 32 manen. Maar nu las ik net op internet dat het er inmiddels 67 zijn, waarvan de kleinste een diameter heeft van 2 kilometer.
Dank voor de moeite Adriaan, ik wilde dit al zo lang zien!
Op de site van cosmodrome zag ik het beeld dat zij dezer dagen hadden gefotografeerd. Dat was precies wat ik ook had gezien; een licht schijfje met 4 kleine puntjes er omheen.

31 maart 2014

De rouwkwikstaart op Texel

Foto met toestemming gecopieerd van
www.birdbeauty.nl
Afgelopen weekend hebben we ons weer uit de naad gewerkt op Texel; we hebben op de zaterdag niet één, maar twee tuunwallen gebouwd en zondag een ferme opknapbeurt gegeven aan "de Zandkuil", het insectenreservaat in de zandafgraving die honderd jaar geleden door Jacques P. Thijsse werd aangemerkt als een natuurhistorisch belangrijke plek. Iedere keer weer als ik daar mag werken denk ik aan deze pionier op het gebied van conservering van de natuur in ons landje.
De vrijdag waren Roos en ik al heel vroeg op pad gegaan. Om de trein van 6.30 te halen moest ik al om 4.45 uur opstaan (Roos misschien een half uurtje later, dat weet ik niet; ze zat nog te slapen in de stille trein op weg naar Den Helder). Aangekomen in Den Burg op Texel eerst maar een kopje koffie en daarna met bus 29 naar het natuurgebied "de Schorren" (halte Prins Hendrik) om vogels te kijken. Er was mooi, warm weer voorspeld; nou op Texel was het nog verdraaid fris en ik was blij dat ik m'n gevoerde wandelbroek aan had. Bij Utopia wemelde het van de vogels en ik heb er ontzettend van genoten. Vooral het grote aantal kluten vond ik prachtig om te bespieden terwijl Roos doorliep naar het restaurant van hotel Prins Hendrik. Ik heb me vervolgens nog even aangesloten bij de andere vogelkijkers terwijl Roos met de bus terug ging naar Den Burg. Een rouwkwikstaart, dwaalgast die in Engeland thuis hoort, was de belangrijkste waarneming. Adriaan bracht hem prachtig in beeld m.b.v. zijn telescoopkijker.
Gezellig om de groep weer te ontmoeten in het zonnetje, voor de Stayokay van Texel, met de bekende Skuumkoppe, oftewel het "Texels" biertje. Ik vroeg aan degene achter de bar waar dit bier werd gebrouwen; verbaasd keek hij mij aan: "bij de brouwerij op Texel natuurlijk". Ik vroeg hem of hij dat zelf geloofde; nooit zag ik een vrachtwagen bij die brouwerij of op de veerboot, zelfs geen kratten. Moet je eens in Wijlre bij de brouwerij van Brand kijken. Iemand van de groep merkte op dat hij wel een bierwagen had gezien op de veerboot, waarop iemand anders spits opmerkte: "die bracht het bier natuurlijk naar Texel". Hilarisch gelach.
Na het diner ging Roos even een uurtje liggen; voorbeeld heb ik "even" gevolgd. We werden dus pas om 23.00  heel eventjes wakker om het licht uit te doen. Dat heb je als je zo vroeg van huis gaat.


30 maart 2014

Gezonde frisdrank?!

Vaak geneer ik me een beetje wanneer ik binnen kom bij een van onze bridgeclubs; de bediening achter de bar groet mij altijd vriendelijk en informeert af en toe naar de kleinkinderen (een van de dames heeft ook kleinkinderen, toevallig van de zelfde leeftijd), maar ik neem helemaal nooit iets af. Ook wanneer ik van iemand een drankje krijg aangeboden na afloop van de bridgeavond, sla ik altijd af. Dat komt niet voort uit valse bescheidenheid of gierigheid maar uit mijn afkeer van de voedingsindustrie. Met name frisdrankjes, in mijn ogen chemische mengseltjes van smaak- en kleurstoffen op suikerwaterbasis kunnen in mijn ogen geen goed doen. Ik moet eerlijk bekennen dat ik onlangs, na vele decennia van abstinentie, een glas coca cola heb gedronken en het verleidelijk lekker vond; aan de smaak ligt het niet?! Maar ik vertrouw al die chemische rotzooi niet; de toename van allerlei aandoeningen in mijn omgeving wijt ik voor een groot deel aan al die bio-actieve toevoegsels aan de voeding. Sommige van die drankjes stinken zo verschrikkelijk wanneer ik ze in de trein ruik, dat het wel een chemisch fabriek lijkt. Dit soort drankjes is vooral bij de jeugd geliefd. Ik maak me zorgen over de gevolgen van het gebruik over de lange termijn.
Maar enkele dagen geleden maakte ik mijn eigen "frisdrank"; een paar sinaasappels uitgeperst en 1:!1 gemengd met karnemelk van de boer (Boom en Bosch natuurlijk). En daar kan echt geen voedingsindustrie tegenop qua smaak. Het is eventjes werk (zeker 4 minuten!) maar dan heb je ook wat.
En wil je het echt heel lekker maken voeg dan wat (ingevroren) aardbeitjes toe en een beetje honing; met de staafmixer stevig homogeniseren en smikkelen maar. Is wel veel meer werk; zeker 3 minuten extra, maar dan heb je ook wat gezonds.

29 maart 2014

De ondergrondse bronnen

Vorig jaar hebben we in Macedonië St Naum bezocht, de plek waar een groot deel van de water influx van het meer van Ohrid plaatsvindt. Het was zo veel dat je van een echte rivier kon spreken en dat helemaal van onder de grond. In het verleden heb ik ook wel eens zoiets gezien; de source du Doubs in Frankrijk bij de grens met Zwitserland (bij Pontarlier dacht ik) weet ik mij nog te herinneren; ook zo'n kalkgebied met veel grotten en onderaardse stromen, maar hier in St Naum was het toch wel van een andere orde van grootte.
Toen we afgelopen week aan het wandelen waren kwamen we een Macedonische jonge vent tegen, net zo'n wandelaar als wij, die ons kon verklaren waar dat water vandaan kwam. Hij vertelde dat je bovenop de hoogste berg kon komen: de Galicica, waar het park kennelijk naar genoemd is. En sta je daar op de top dan kun je de twee grote meren van Macedonië in één blik vangen: het hoge meer, waarvan ik de naam niet meer weet en het veel lagere, het meer van Ohrid. En nu stroomt er een ondergrondse rivier van dit hoogste meer, door de kalkrotsen (echte Karst dus) naar St Naum en voedt daarmee het meer van Ohrid. Bij Struga, aan de andere kant zagen we bij het passeren met de bus een grote afvoer van water richting de Adriatische zee. Gaat een tikje anders dan bij ons.

28 maart 2014

De ontmoeting met Stephan

Na zdravnje, oftewel proost!
Op een uurtje van het hotel Belvédère hadden we een bijzonder indrukwekkende ontmoeting met een Macedonische meneer, Stephan geheten. Hij sprak behoorlijk goed engels en, zeker Roos, kon hem goed begrijpen. Hij liet mij zijn zelf-gestookte rakia proeven; of het Everts' roem was, zo lekker. En ook zijn zelf bereide wijn smaakte prima op zo'n twintig meter afstand van waar de wijnstokken hadden gebloeid! Hij vertelde over zijn werkzaam leven als postbode. Hij was van 1949, een jaar jonger dan ik. We hadden beiden direct een heel vriendschappelijk gevoel. Roos heeft foto's gemaakt van ons beiden, terwijl we een nazdravnje oftewel een proost uitbrachten, en ook van de 34-jarig ezel die hij met zorg en liefde inzette in zijn landbouw werkzaamheden; het dier stond geduldig te wachten, terwijl de/het muilezel/muildier achterna gezeten moest worden omdat "het" wegliep. Het woord "ecologisch" en genieten van een zelf bereid drankje stonden bij Stephan ook hoog in het vaandel; dat, en het genoegen van de middelbare leeftijd schiep direct een band. Roos gaat hem de foto sturen; we kregen zijn adres in Racha, gewoon zijn naam en Racha, Macedonië is kennelijk voldoende. Dat is toch wel de menselijke maat. Ik denk niet dat het noemen van naam en woonplaats in NL zou volstaan om iemand te vinden; postcode is toch wel het minimum. Had Stephan niet nodig tijdens zijn werkzaamheden; wanneer hij (lopend!) in een dorp kwam blies hij op zijn posthoorn en kwamen de mensen kijken of er post voor hen was. Dat is nog eens de menselijke maat.

27 maart 2014

Nieuwe paden en frisse lucht

Vrouwlijke jeneverbesboom met bessen
De vrijdag van onze Macedonische trip was een "eitje"; we kenden de route weer op ons duimpje en de paden stonden nu ook op de GPS omdat we er al gelopen hadden de dag tevoren; verlopen was er dus niet meer bij.
Net als de dag eerder gingen we ieder uur even in ons blote vel in de zon zitten om alvast een beetje te bruinen voor het nieuwe seizoen. Dus kallumpies aan; we namen er de hele dag voor. Weer door Alshani waar we een moeizaam maar vriendelijk gesprek hadden met een meneer met een ezel; we passeerden weer het hotelletje van Anita. Daar was nu geen leven in de brouwerij; nog veel te vroeg in het seizoen zoals we al hadden gemerkt natuurlijk.
Manlijke jeneverbesboom, zonder bessen
Onderweg schoot ik een paar foto's van planten. Die tweeslachtige jeneverbesbomen fascineren me altijd. De vrouwtjesbomen, vol met bessen en de mannetjesbomen helemaal kaal; ik kon hierop ook geen manlijke bloemen ontdekken; heb ook eigenlijk geen idee wat ik me daarbij moet voorstellen, maar in ieder geval geen bessen.
Ook de schone lucht is hier zo manifes; sommige takken zijn helemaal beladen met korstmossen; veelal een teken van bijzonder schone lucht. Kan ook niet anders hier, want auto's of andere viezeluchtverschaffers kunnen hier gewoon niet komen; ik hoop dat in ieder geval niet te hoeven meemaken.
Korstmos, indicator voor schone lucht

26 maart 2014

Weer over de hoogvlakte

Op de hoogvlakte bij Peshtani. Nog dor en kaal na de
droge winterperiode zonder sneeuw. Toppen zijn besneeuwd.
Van onze Macedonisch gastheer hoorden we dat het dit jaar een heel bijzondere winter was geweest; kennelijk was heel Europa getuige van een bijzonder zachte winter. Normaal ligt er in maart een dik pak sneeuw; zelfs in mei kan het hier nog bitter koud zijn. Wij hadden hier geen idee van gehad en waren nauwelijks voorzien van enige warme kleding. Wèl had Roos de week voorafgaande aan ons vertrek het weerbericht bestudeerd en gezien dat het ruim 20 graden was en dat voor "onze week" 25 graden werd verwacht. Pas op de maandag van ons vertrek zou het kouder en bewolkter worden. En dat is werkelijk precies zo gebeurd?! Alleen 'snachts was het koud, maar daar kun je je wel op kleden.
Maar op de donderdag , inmiddels al onze vierde dag gingen we vroeg op pad voor een lange etappe: omhoog naar de hoogvlakte en dan via Alshani, het desolate dorpje Konshko, waar we vorig jaar een depressieve hond hebben gezien, achterom de berg naar hotel Belvédère.
De depressieve hond, vorig jaar in Konshko
De "waypoints" stonden gelukkig nog in de GPS; daar hebben we enige steun van ondervonden; desondanks hebben we ons een paar keer verlopen. Maar op zeker moment herkende Roos de route en kwamen we tegen half zes bij Belvédère aan. Leuk weerzien en we konden voor een bedrag, nauwelijks hoger dan wat we in Peshtani moesten betalen een heel luxe kamer krijgen inclusief het ons bekende, meer dan voortreffelijke ontbijt!
Schitterende blauwe bloemen al zo vroeg in het voorjaar
En terwijl we bij het open haardvuur in de lounge op een taxi naar Peshtani wachtten zaten we ons al op het verblijf alhier te verheugen; we hebben het hier zo naar ons zin gehad vorig jaar.
Maar eerst de forellen bij restaurant Orcana. We hebben weer ontzettend lekker gegeten die avond. Orcana kan ik iedereen adviseren die naar Ohrid gaat; leuk plaatsje en voortreffelijk oorspronkelijk eten. Dat hadden we vorig jaar ook al geconstateerd en vernomen van NLers die daar vaker kwamen en daar altijd gingen eten.

25 maart 2014

Peshtani

Roos en Maria op de foto
Het was ons vorig jaar goed bevallen, dat kleine vissersplaatsje Peshtani, met de klemtoon op de eerste lettergreep. Roos had via Facebook contact gehouden met Maria, degene die ons daar bediend had, maar ook economie had gedaan.
Met de bus vanuit Skopje naar Debar via het prachtige Mavrovo natuurpark, dat was ons aangeraden door iemand die wij spraken in ons appartementencomplex in Skopje. En Roos had het Mavrovopark ook op haar wensenlijstje staan. Onderweg, vanuit de bus heeft Roos ongelooflijk scherpe foto's kunnen maken. Bergbeekjes, diepe kloven, hoge wanden, best spectaculair voor ons platlanders ook al was het onvergelijkbaar met de dodenrit die ik vorig jaar in Albanië heb meegemaakt. Er lag sneeuw op de toppen van de bergen; onderweg kwamen we zelfs sneeuw tegen. Daar hadden we niet echt op gerekend; we dachten dat het lekker warm zou zijn in dit subtropische land.
In Debar aangekomen hebben we even kunnen bekomen van de rit door de bergen en toen met de volgende bus door naar Ohrid busstation. We wilden zo snel mogelijk naar onze eindbestemming Peshtani. We moesten ruim een half uur wachten voor de bus naar Peshtani, voldoende tijd om even wat banaantjes in te slaan en die op een paar aldaar staande stoelen "op te nuttigen". En daar werden we verrassend in goed Nederlands aangesproken door een Macedonische meneer. Hij had als maatschappelijk werker in NL gewerkt. We hebben genoeglijk met deze meneer gesproken; hij verlangde erg terug naar Delft; dat vond hij zo'n fijne stad. Ik kon dat slechts beamen; in de jaren dat ik in Delft heb gewerkt heb ik het niet alleen naar m'n zin gehad maar ook de stad erg leren waarderen; ik kom er nog graag en regelmatig.
En toen het laatste stukje naar Peshtani met een gezellig volle bus Macedoniërs. We werden middenin het stadje afgezet en liepen naar het restaurant Orcana waar we vorig jaar een paar keer hadden gegeten. De buurman van het restaurantje stond in de tuin en wist Roos te vertellen waar Maria woonde. Hij liep naar de straat om dat te wijzen, kwam z'n zuster tegen en die liep met Roos mee naar het huis van Maria?! Hij vertelde mij dat het dorp nog in winterslaap verkeerde en dat er geen restaurants open waren en hotels of andere overnachtingsmogelijkheden evenmin. Maar direct hield hij een jonge vrouw op een scooter aan; bleek een Nederlandse te zijn, dochter van een echtpaar dat bestaat uit een Peshtanische meneer die in NL heeft gewerkt en zijn NLse vrouw. Zij hebben een hele nering opgezet voor NLse toeristen met appartementen, huurauto's, excursies e.d. De dochter belde even met het thuisfront en we konden daar voor de nacht terecht. Dat was dus allemaal snel geregeld.
Heerlijke forellen uit het meer van Ohrid
Het was geen geweldig onderkomen en de prijs was het ook niet waard, maar we konden in ieder geval gerust aan een wandeling beginnen; vrijwel rechtstandig de heuvels op; wat een klim. We hadden niet zo gek veel tijd maar hadden in ieder geval met enige moeite de opgang naar de hoogvlakte gevonden voor de volgende dag. Dan zouden we via Alshani en de hoogvlakte naar hotel Belvédère gaan om te kijken of we daar terecht konden voor 2 nachten. Voor donker waren we weer in het dorp Peshtani voor de maaltijd.
Roos had Maria ontmoet en het bleek dat het restaurant voor ons tweeën zou open gaan; dat was wel erg lief van de eigenaresse die ook kookt vanuit haar eigen keuken denk ik.
Was ontzettend gezellig en we hebben heerlijk gegeten; ik had weer de worst met bonen schotel die me vorig jaar ook zo goed had gesmaakt en Roos iets anders. De volgende dag wilden we er wel weer eten (nogal wiedes; verder was alles dicht!) en dat kon.
We wilden graag forel uit het meer eten; aldus zeggen een lekkernij; deze forel is endemisch in het Ohrid meer. We mochten kiezen uit de drie nu nog ingevroren reusachtige vissen. Bescheiden als wij Hollanders zijn kozen we natuurlijk de grootste: 1 kilogram.

24 maart 2014

Skopje en haar beelden

Eén van de vele beelden die Skopje opluisteren
Vanavond laat zijn we terug gekomen van een weekje Macedonië. Met Wizzair waren we een week geleden naar Skopje gevlogen en vanavond, keurig op tijd, weer terug. Vorig jaar waren we ook naar Macedonië, ergens in mei dacht ik en we hadden het er zo naar ons zin gehad, met name vanwege de prachtige natuur met z'n vlinders en bloemen, dat we wel weer wilden. Lekker warm land; vlak boven Griekenland. We vroegen ons af waarom Corendon en Arkefly pas in april/mei met hun geregelde dienst op Macedonië begonnen; gelukkig ging Wizzair iedere week, zij het via Skopje. Onze voorkeur ging uit naar de omgeving van het meer van Ohrid, het Galicica park; fraai wandel en natuurgebied.
Alexander de Grote
Op het vliegveld werden we opgewacht door iemand van het appartementencomplex waar we drie dagen hadden gereserveerd. 'sAvonds wat gegeten in het centrum van de stad en de volgende dag de stad verder verkend. Viel ons nogal tegen; erg veel verkeer en merkwaardig veel standbeelden. We hebben ons appartement een dag laten schieten en met de bus naar Ohrid, via een ander natuurpark, het Mavrovopark. Een prachtig natuurgebied met hoge bergen en hard stromende beken. We gingen vanuit Ohrid direct door naar het dorpje waar we wilden verblijven voor een paar dagen. En daar hoorden we wat een ongehoorde mazzel we hadden. Normaal ligt er in maart/april nog een dik pak sneeuw in Macedonië; zelfs in mei kan het er nog behoorlijk koud zijn. Het was dit jaar, net als in NL een ongehoord warm voorjaar. En daar hebben we erg van genoten deze dagen in Macedonië.

23 maart 2014

Groene stammen en sporenelementen

De stammen van deze bomen zijn helemaal groen
door de alg t.g.v. de gebonden stikstof in de lucht
Inmiddels weten we niet beter: alles in de natuur is groen en niet alleen in de natuur; ook stenen kennen de groene aanslag die je overal op de bomen ziet.
Het viel mij vooral op toen ik de hunebedden in Drenthe na zoveel jaren weer zag; helemaal bedekt met een groene waas.
Het wordt veroorzaakt door algen die groeien dankzij gebonden stikstof in de atmosfeer; van nature komt dit nauwelijks voor maar wordt tegenwoordig in de atmosfeer gebracht door de landbouw, industrie en het autoverkeer. Verzuring van de (zand)gronden met uitloging van mineralen wordt ook veroorzaakt door de gebonden stikstof die wordt omgezet in nitraat en daardoor de bodem verzuurt. Dat heeft nogal wat gevolgen voor de natuur. Er wordt door ervaringsdeskundigen al gesuggereerd dat één van de oorzaken van het teruglopen van de fauna wordt veroorzaakt door een tekort aan sporenelementen in de flora die uiteindelijk de basisvoedsel voorziening vormt voor alle leven.
Vorige week maakte Peter B. me erop attent dat er nauwelijks meer sprinkhanen en krekels voorkomen in grasvelden. Het was mij nog niet opgevallen omdat dit soort ontwikkelingen altijd zo geleidelijk gaan, maar het is helaas wel een feit; nu ik ermee geconfronteerd werd realiseer ik me dat ik ook zelden meer van die wegspringende rakkers zie. En sprinkhanen waren typisch een bulksoort die als basisvoedsel voor vele vogelsoorten dienden. 't gaat niet goed met de natuur!

22 maart 2014

Berkenwater in m'n nek

Een tranende berk
Onder deze berk staat een bankje; leuke plek om even te zitten; er is ook een vijver bij. Doen we eigenlijk niet vaak, maar vorig jaar zaten we hier van het zonnetje te genieten; een dag met een blauwe heldere lucht ergens in april denk ik. We zaten daar en tot m'n verbazing kreeg ik een druppel op m ń hoofd; kon geen regen zijn want het was zoals ik al schreef een heldere lucht. "Zeker een vogelenpoepie", dacht ik nog even, maar het was wel nat, maar niet drekkig.
En even later weer een grote druppel op m'n hoofd en dat ging maar door. Het waren druppels die van de boom vielen. Ik heb het er maar op gehouden dat de sapstroom op gang was gekomen door de invloed van de langere dagen en de zon. Aangezien er nog geen bladeren waren (het was een bijzonder koud voorjaar geweest) kon het vocht niet verdampen en zocht het op een andere manier haar uitweg via de takken. Het leken wel tranen, vergoten vanwege het koude voorjaar.

21 maart 2014

De strontleeuwerik

Tank met stront die met een injector de grond in wordt gespoten
Vroeger had je van die enorme fonteinen van stront om de drijfmest over het bouwland te verspreiden. Dat stonk verschrikkelijk en de gebonden stikstof (ammoniak dampen) kwamen in grote hoeveelheden in de atmosfeer terecht; dat kon niet meer. Niet alleen de vreselijke stank voor omwonenden maar ook de verzuring van omliggende gebieden, met name de natuurgebieden was onacceptabel. Toen werd verzonnen om de stront in de grond te injecteren; je moet die vuiligheid ergens laten nietwaar.
Toen ik vorige week donderdag door het Limburgse landschap wandelde hoorde ik tot mijn genoegen maar ook wel een beetje tot mijn verbazing tot twee keer toe een veldleeuwerik zingen. Eén keer zag ik hem zelfs! Het was in een gebied waar de stront bijna over het wandelpad stroomde; overal van die gleuven in het land op zo'n tien centimeter afstand van elkaar en daarin allemaal stront in een bepaalde maat ingedroogd. En het stonk van nabij zodanig dat ik er een smerige smaak van in m'n mond kreeg.
Je kunt je toch niet voorstellen dat zo'n vogel dit nog als een leefbaar gebied kan ervaren. Het is maar de vraag of zijn longen en lever de grote hoeveelheid ammoniakdamp kan opnemen en uitscheiden die zo'n dier daar inademt. Maar het tweetal zong er lustig op los; ik had met ze te doen.
Uit mijn jonge jaren herinner ik me nog het gezang van tientallen leeuwerikken tegelijk op dit soort velden. Ook in Luxemburg heb ik nog velden met heel veel leeuwerikken gehoord en gezien. Maar in ons eigen land kom je ze nauwelijks meer tegen helaas alleen in natuurgebieden, maar ook niet veel meer. Ik zou er als leeuwerik ook de schijt van krijgen en ergens anders heen gaan!