07 januari 2012

Dierkens in de sneeuw

Een gevleugeld insect in de sneeuw
Tijdens onze laatste trip op de Hoge Venen zag Roos, met haar scherpe ogen, een insect in de sneeuw. Van Jap weet ik dat er sneeuwspringers bestaan, maar het is toch wel verbazend als je bij die lage temperatuur een insect over de sneeuw ziet lopen. Volgens Roos had hij nog vleugeltjes ook; ik zag die niet met mijn "onvolprezen" multifocus glazen. Het bleef bij dat ene insect overigens. Maar verderop vonden we vele tientallen kleine wormpjes die er ook wel op uit leken te zijn om door de sneeuw kruipend hun weg te zoeken. Merkwaardig voor deze kleine koudbloedige diertjes; ik dacht altijd dat hun metablolisme stil zou staan bij die lage temperaturen. Verderop vonden we zelfs een rups; niet erg actief, maar hij bewoog wel een beetje; zeker van z'n tak gevallen.
Een zich voortbewegend wormpje



06 januari 2012

Hebben de generaties elkaar wel wat te vertellen?

Annemarie Oster
Annemarie Oster had een indrukwekkende column in één van de kranten die ik in de trein had gevonden. Ze schreef over haar zoon die inmiddels 40 jaar was geworden. Ze constateerde dat de verhouding in de afgelopen 25 jaren wel grondig waren gewijzigd; daar waar haar zoon vroeger tegen haar opkeek daar werd zij nu voor haar gevoel toch met enig dédain behandeld door die zelfde zoon.
In de trein terug zat ik schuin tegenover een jonge moeder met zoontje van een jaar of vier en een baby in een draagdoek tegen haar borst. Tegenover haar zaten twee dames van mijn leeftijd met genoegen naar het ventje te luisteren en te proberen om op zijn vragen in te gaan. Zij hadden ongetwijfeld aanzienlijk meer opvoedkundige praktijk ervaring, opgedaan tijdens hun moederschap. Maar je voelde gewoon hoe dat niet serieus werd genomen door de jonge moeder. Hierin herkende ik direct de scheiding der generaties op een bepaalde leeftijd; de jongere generatie neemt het roer over en neemt de oudere generatie direct niet meer echt serieus. Zal ik destijds zelf ook wel gedaan hebben ongetwijfeld. Maar aan de andere kant zittend beleef je dat toch anders.
Annemarie wist deze waterscheiding haarscherp te duiden door aan te geven dat er na een bepaalde leeftijd geen vraag meer aan de ouders gesteld wordt! De kinderen denken alles beter te weten en hebben geen onbeantwoorde vragen meer en geen advies meer nodig van de ouders. En dan zit je er een beetje verloren bij als ouder en luistert naar dingen waar je geen weet van hebt en waar je ook niet zo gek veel interesse in hebt. Heel herkenbaar!
Echter, wanneer het er op aan komt, en je zit met één van je kinderen over werkelijk belangrijke zaken te praten die je beiden aangaan, dan merk je weer die weergaloze band van ouders met kinderen.
Onlangs maakte ik ook een heel andere situatie mee; ik was op bezoek bij een hoogbejaarde dame, de moeder van Roos. Wanneer je dan de zelfde verhalen voor de vijfde keer hoort realiseer je de relativiteit van al dit generatie gedoe nog iets beter. Mildheid en begrip voor elkaar zijn onmisbare ingrediënten voor een goede verstandhouding over de generaties heen.

05 januari 2012

Radon in de thee

Een bronnetje, in het dal van de Helle
De Hoge Venen zijn vanouds een favoriet wandelgebied van mij; dankzij Dick heb ik het ooit leren kennen. Met gemengde gevoelens denk ik terug aan mijn eerste wandeling alhier. Het was in de zomer van 1986, met koninginnedag, de week van Tsjernobyl dat ik hier voor het eerst langs strompelde. Met blaren en pijn in m'n voeten. Later gingen Dick en ik vaker hierheen; met onze OV kaarten van het werk kostte het niet zo gek veel om hier te gaan wandelen en we gingen soms zelfs voor een enkele dag. Maar toen Hugo wat ouder werd, pakweg zo'n jaar of 10, ging ik ook regelmatig met hem naar de Venen.
Tekst die tegenwoordig bij het bronnetje
is opgehangen. Bevat Radon.
En dan kom ik op deze bron; vol met ijzer heb ik altijd vermoed. Jaren geleden was ik hier met Hugo; we wilden thee zetten, maar het water van de Helle zat vol met veen. Kennelijk was er hogerop in de stroom een groot stuk veen losgeslagen en zat het water vol met vlokjes veen. Niet echt lekker om thee van te zetten. Daarom hebben we toen maar water uit deze bron getapt. Toen ik het opkookte ontstond er een neerslag; desondanks heb ik er toen thee van gezet en die hebben we opgedronken. Had wel een sterke metaalsmaak. En dan lees ik nu dat dit water Radon zou bevatten! Niet erg slim van mezelf vind ik achteraf.



04 januari 2012

Had "de speld" me toch beet!

De pers op het station
In "de Pers", één van die gratis krantjes op het station, staat regelmatig een rubriek met louter gefantaseerde artikelen. Die rubriek heet "de Speld", van speldenprik denk ik. Eerder noemde ik al het artikel over het ontbreken van toiletten in de sprinters van NS waarover kamervragen zouden zijn gesteld in het parlement van India. Maar deze week ben ik er toch echt ingetuind. Er stond een artikel over de "Ultieme relatietest". Veel relaties zouden in de eerste 2 jaar sneuvelen (tja, heel herkenbaar eigenlijk) en dan volgen vele decennia van "emotionele vervoering". Dat leek me wat overdreven maar veel stellen houden het toch verrekte lang met elkaar uit, zo redeneerde ik. Maar dan, aldus het artikel, de ultieme relatietest. De moderne oudere zou hogere eisen stellen aan de partner waarbij genoemd worden: een perfecte relatie, wekelijkse bingo-avond, op stap met de kleinkinderen. (Ik had het nog steeds niet door). En toen kwam een zogenaamde opmerking van de geïnterviewde, de heer van Breukelen: "Ik ga mijn tijd niet verspillen aan die uitgewoonde teef". Aangezien ik niet door had dat het om "De Speld" ging werd ik wel zo kwaad dat iemand zo grof kon doen over de partner waar hij meer dan zijn halve leven mee was geweest. Pas de volgende dag had ik het door en dan eigenlijk nog vooral omdat er ook een artikel was geplaatst over 8 Afrikaanse landen die op 1 januari een benefietconcert gaan organiseren ter ondersteuning van de Euro.
Complimenten voor samensteller en redactie. En nu zie ik dat je ook nog een Nieuwsbrief van "De Speld" kunt krijgen.

03 januari 2012

Volg de wolken

Anatolische boer
"Volg de wolken", een schitterend boek van de hand van Marcel Kurpershoek, mij ter lezing geadviseerd door Jaap C, broer van mijn goede vriend Peter C. Het boek volgt in beginsel de reis van Xenophon, beschreven in de Anabasis, de tocht van de tienduizend; een grote groep van Griekse huursoldaten die 400 jaar BC verdoold raakte in Oost Turkije, het hedendaagse Anatolië en met heel veel moeilijkheden de weg naar de (Zwarte) Zee vond. De uitdrukking: "Thalassa, thalassa!" komt van deze reis. Maar feitelijk is "Volg de wolken" toch vooral een boek dat gaat over de geschiedenis van Turkije in de twintigste eeuw en haar gevolgen voor de diverse bevolkingsgroepen en religies. Nationalisme, het verdrijven van de (christelijke) Armeniërs, van de al duizenden jaren in Turkije gevestigde Grieken, de wonderlijke samenwerking met resp. de verdrijving van de Koerden. Dit alles geïllustreerd op een wijze zoals Frank Westerman die hanteert in zijn in Europa spelende speurtochten. Uiteindelijk heeft "Volg de wolken" niet zo gek veel met de tocht van Xenofon c.s. te maken, evenmin met het zoeken naar verloren (goud)schatten van de verdreven christenen zoals de autochtone bevolking meestal denkt. Het geeft mij veel te denken over Turkije; ik had er nog eens heen gewild vanwege de overblijfselen van de Griekse cultuur die krachtdadig in 1923 werd verdreven. Kurpershoek heeft het over de schitterende restanten waarvan de bewoners zijn verdwenen. Daar heb ik niet zo'n uitgesproken behoefte aan eerlijk gezegd.
Overigens kan ik iedereen zowel het boek van Kurpershoek als het boek van Xenofon ter lezing aanbevelen.
PS Veelal steek ik het niet onder stoelen of banken dat ik niet zo veel op heb met NLse auteurs, maar daar kom ik toch steeds meer op terug, hoewel ik Grunberg met nadruk niet wil betrekken in deze lofzang. Maar, de onderzoeksjournalistieke benadering van schrijvers als Frank Westerman, Marcel Kurpershoek, Annejet van der Zijl en Theo Toebosch acht ik zeer hoog. Overigens ook Cees Nooteboom als romanschrijver; "Rituelen" vond ik een heel bijzonder boek.
Ik zal mij voortaan onthouden van dergelijke negatieve opmerkingen; die hangen kennelijk meer samen met mijn onbekendheid met de NLse literatuur dan met het zgn. ontbreken van kwaliteit.

02 januari 2012

Sterrenschot

Dit is sterrenschot oftewel heksensnot
Indien je wat wilt leren over de natuur, ga dan met een boswachter inventarisatie op stap door de natuur. "Weet je wat dit is?", vroeg AbvD mij vorige week, tijdens onze tweede gezamenlijke wandeling, nu over de Loonse en Drunense duinen. Eerst schoot nog even door me heen dat Ab het ook niet wist en het mij vroeg, overmoedig als mijn karakter soms is. Op de bosgrond lag een mysterieuze substantie die ik al heel wat vaker had aangetroffen tijdens mijn wandelingen; het ziet eruit alsof een hitsige puberale mannetjes-olifant zich niet meer kon beheersen; allemaal stijfselachtige klodders. Maar natuurlijk wist Ab het wel; het is sterrenschot, het weer uitgekotste overblijfsel van kikkerdril indien een marter een wijfjeskikker, vol van het toekomstig kikkerdril, naar binnen heeft geslokt. Dit toekomstig kikkerdril zet uit wanneer het zich met de maagsappen in de martermaag vermengt en wordt dan uitgespuwd omdat de marter een "wat vol gevoel" krijgt. Het raadsel was hiermee voor mij opgelost. Op wikipedia staat dat het ook wel heksensnot wordt genoemd. Ik ben benieuwd of Ab dat ook weet.
Trilzwam
Verder wees Ab mij op een aantal fraaie zwammen, de trilzwam, een wat slijmerig, prachtig geel zwammetje dat inderdaad trilde wanneer jet het in beweging bracht. En de eveneens gele koraalzwam waarvan de naam voor zich sprak. De natuur is zo rijk in alle jaargetijden, ook nu in deze herfstachtige wintertijd. Natuurlijk zagen en hoorden we ook verschillende vogels waaronder de zwarte specht. Ab herkent deze vogels moeiteloos aan geluid en vlucht. Ik ben al blij als ik de vogel tussen de takken kan onderscheiden.


Koraalzwam



01 januari 2012

Kalium chloraat

Zelf vuurwerkmaken: "Doen!!"
Eén van mijn karaktereigenschappen is toch wel voorzichtigheid, misschien zelfs wel af en toe een zekere mate van "schijterigheid". Mijn vader zei altijd dat voorzichtigheid duidt op intelligentie; nou ja, daar houd ik het dan maar op. Van die zelfde vader heb ik ook mijn interesse voor scheikunde, mijn latere studierichting aan de Uni overgehouden. Bij de oude drogist betrok ik de benodigde chemicaliën.
Mijn goede vader had mij op de hoogte gebracht van allerlei, zo ook van de eigenschappen van kaliumnitraat en kaliumchloraat als ingrediënten van explosieve mengsels. Als voorzichtig jongetje hield ik mij daar dan ook verre van. Zelfs toen mijn drogist kaliumchloraat aan het afwegen was, terwijl ik kaliumchloride had besteld heb ik hem gecorrigeerd; hij had mij verkeerd verstaan en dacht dat ik met kaliumchloraat wilde experimenteren. Kaliumchloride had hij niet eens!
Mijn goede vriend Peter C. zat anders in elkaar. Hij vertelde mij hoe hij zo'n explosief mengsel had gemaakt en dat er een ongelooflijke knal het gevolg van zijn "experiment" was. Het is gelukkig goed afgelopen want het is echt ongelooflijk gevaarlijk om als niet-deskundige met dergelijke chemicaliën aan de gang te gaan.
Maar ook Ab, mijn nieuwe wandelmaat heeft samen met zijn tweelingbroer in de "Sturm und Drang periode" zitten klooien met kaliumchloraat. Ik moest er wel om lachen, wat een belhamels.
Als illustratie vond ik in één van de gratis dagbladen deze annonce die mijn voorzichtigheid toch wel de nodige ondersteuning biedt. Gelukkig hebben kinderen een beschermengeltje, maar toch.......

31 december 2011

Rituelen rond oudejaar

Vuurwerk, met kabaal wordt het midwinterfeest  beëindigd 


31 december, de dag waarin we met hels kabaal het afscheid van het oude jaar nemen; het kabaal waarmee in vroeger tijden het einde van het midwinterfeest werd omkleed, het joelfeest. De inzet van een nieuw begin; terugkeer van het licht, de zon.
Die gevoelens gingen ook door me heen terwijl ik de oliebollen stond te bakken; een ritueel waarvan ik de herkomst niet ken maar dat wellicht ook nog een overblijfsel is van oeroude tijden. Wat betekent het einde van het jaar nou persoonlijk voor mij? In mijn prille kinderjaren togen we naar Zaandam, waar mijn grootouders woonden. Opa was immers jarig op 31 december. Maar niet zo gek veel later werd de oudejaarsavond in het ouderlijk gezin gevierd; spannend! En eigenlijk gebeurt er natuurlijk helemaal niets; het zelfde als iedere nacht. Alleen het vuurwerk maakt alle verschil.
Een fijn moment dat ik mij herinner was de afsluiting van 1982, het jaar waarin ik vader werd. Met mijn piepkleine dochter, in haar trappelzak stond ik in de Hoflaan, bij het raam van het zolderkamertje, mijn "studeerkamer", met die lieve baby in mijn armen en keken we samen naar buiten; nog zie ik het licht van het vuurwerk reflecteren in  haar lieve kleine oogjes. Ik heb haar fluisterend toegesproken dat het haar eerste jaarwisseling was. Het komend jaar wordt ze al weer dertig, iets jonger dan ik in de hier besproken nacht was.
En nu, de afsluiting van een heerlijk jaar waar ik met  veel genoegen aan zal blijven terugdenken. Heerlijke vakanties, een fantastische zomer, veel mooie wandelingen gemaakt met partner Roos en met vrienden, mijn kleinzoon zien opgroeien en vast nog veel meer wat me nu niet te binnen wil schieten.
Erg veel plezier heb ik beleefd aan het schrijven van de dagelijkse Blog; dit kan ik iedereen aanraden. In het begin heb je het gevoel dat niemand er iets van leest; maar je schrijft het ook voor je zelf en het is leuk om de Bloggies terug te lezen.
Vanavond gaan we lekker bridgen met Trees en Dorien van de bridgeclub. Vorig jaar zouden we dat ook doen maar werd Trees plotseling vreselijk verkouden en heb ik alleen maar de oliebolletjes naar de dames gebracht.
En dan de afsluiting van het jaar; een glaasje Everts' Roem, de jenever die ik ooit zelf destilleerde en waarvan ik me heb voorgenomen om op oude jaars avond 1 glaasje te drinken; zuinig omdat de fles anders leeg is voordat ik m'n ogen definitief sluit; de rituele kaars laten branden die Roos en ik een paar jaar geleden kochten in Driebergen; je wordt onwillekeurig toch een beetje melancholiek van zo'n jaarsafsluiting. Kennelijk vind ik het toch wel zo bijzonder dat ik er een aantal rituelen omheen heb gecreëerd. 

30 december 2011

Das Wandern

Eine Mühle seh Ich blicken

De schitterende liederencyclus "Die schöne Müllerin" van Franz Schubert begint met het lied: "Das Wandern ist des Müllers Lust". Dat lied is mij op het lijf geschreven zoals de trouwe lezers van dit Blog al zal zijn opgevallen; wandelen is mijn lust en leven. De jonge molenaar in de liederencyclus loopt vaak alleen langs het beekje waarmee hij hele dialogen houdt. Het beekje antwoordt hem soms ook al twijfelt hij af en toe of het niet de waternimfen zijn die hem antwoorden. Maar als hij echt antwoord wil krijgen of de mooie molenaarsdochter van hem houdt, dan antwoordt het beekje niet tot zijn grote verdriet.
In je eentje wandelen doet je inderdaad nadenken over kwesties en over de dingen des levens zoals in deze liederenreeks blijkt. Maar met z'n tweeën wandelen heeft het fijne aspect van de daadwerkelijke dialoog. Je bent uren bij elkaar en het gesprek gaat vaak alle kanten uit en verheldert je gedachten. Tijdens mijn werkzaam leven kende ik het fenomeen "kinetisch overleg". Met Jan B, de coördinator van de nascholing in ons district overlegde ik jaarlijks over de gang van zaken betreffende de nascholing voor de huisartsen. Dat deden we in de natuur en al wandelend. Aan het eind van de wandeling streken we ergens neer waar we wat konden nuttigen en noteerden we de afspraken en andere essentialia die aan de orde waren geweest. Het bleek een buitengewoon efficiënte maar ook heel plezierige wijze van overleg te zijn; we keken er echt naar uit.
Maar nu, zo lekker informeel sprak ik met Ab vD gedurende onze wandeling in het IJsseldal vooral over planten en dieren. We kennen elkaar via de vrijwilligers werkgroep Kwadijkse Vlot en verder zijn we beiden van jongs af aan in de natuur geïnteresseerd en heeft Ab er zelfs zijn werk van gemaakt; hij is boswachter monitoring bij SBB in het Waterland, Noord Holland. Hij vroeg mij hoe ik zo bij de Noord Hollandse natuurwerkgroep terecht was gekomen. Eigenlijk was dat via de ontmoeting van Roos met Rudolf vH, groot mierendeskundige en mijn oude jeugdinteresse omtrent de mieren en vervolgens mijn aanmelding bij de sectie Thijsse. Via dat kanaal leerde ik Ben Brugge kennen en ging ik naar de opknapbeurt van "de Zandkuil" en Roos, ook zo'n buitenmens, ging lekker mee en ruimt ook riet met de club. En dat werken met een riek, lekker buiten met een stel mensen, vind ik een heerlijke ontspanning.  En zo liepen Ab en ik dus langs de IJssel te kouten en te kijken. Alleen Schubert is niet aan de orde geweest?!

29 december 2011

Resultaten zoals Diederik Stapel die voorspelde

Voorheen Prof. Dr., maar inmiddels gewoon weer:
Diederik Stapel, voormalig decaan

Een wetenschappelijke charlatan die Diederik Stapel, voormalig hoogleraar (zelfs decaan) aan de universiteit van Tilburg. Ongetwijfeld ooit een briljant student die in zijn latere leven volstrekt schijt had aan de wetenschappelijke mores namelijk dat je nooit resultaten verzint. Een lezenswaardig artikel omtrent de wetenschappelijke fraude las ik in Vrij Nederland.
In mijn vak, de immunologie is het een keer voorgekomen dat iemand die een onmogelijk resultaat had geclaimd, namelijk de transplantatie van een stukje huid (proef met een stel muizen) over de transplantatie barrière heen, bij inspectie met een zwarte viltstift het transplantaat probeerde te imiteren. Een lachertje in immunologenland.
Die Stapel stapelde de meest onwaarschijnlijke briljante resultaten van onderzoek op elkaar, zonder iemand de gelegenheid te geven om de "ruwe data" te verifiëren, zelfs niet in te zien. Nee, geen wonder, hij had die allemaal zelf verzonnen. Achteraf begrijpt niemand dat deze verlakkerij zo lang heeft door kunnen gaan.
Zulke onwaarschijnlijk precies kloppende resultaten heb ik in mijn wetenschappelijke carrière ook wel eens behaald. In mijn studententijd zelfs twee keer. Hiervan wil ik graag kond doen.
Allereerst, tijdens mijn tweede jaar in het practicum natuurkunde moest worden bepaald hoe de lichtbrekingsindex was van glas naar water. Ik kreeg (ik weet werkelijk niet meer hoe) twee getallen met zeker 3 decimalen achter de komma die ik op elkaar moest delen; in die tijd ging dat nog gewoon op papier met een staartdeling onder elkaar. Ik had niet geschmierd of de zaak anderszins belazerd, maar er kwam werkelijk exact 1,500 uit, tot mijn eigen stomme verbazing. En dat was nog de juiste waarde ook.
Een tweede keer overkwam mij dat tijdens het practicum fysische chemie, de moeilijkste richting in de chemie en waarvan ik ook maar weinig echt snapte. De thermodynamica was voor mij een mysterie. Maar goed, het was een leuke proef waarbij je een oplossing van kopersulfaat in een Dewarvat (een heel precieze thermoskan) deed en met een uiterst nauwkeurige thermometer de temperatuur moest meten om de zoveel, precies te bepalen tijd. Dan werd er een hoeveelheid zinkwol in het vat toegevoegd en opnieuw werd gedurende langere tijd iedere minuut de temperatuur bepaald. Op die manier kon precies de hoeveelheid warmte die ontstond bij de reactie van koperionen met zinkatomen worden bepaald. Dan werd e.e.a. in een ingewikkelde formule gestopt die in het leerboek stond, maar die ik niet echt begreep. En er kwam toen exact 1,5 Volt uit, de spanning van een voltaïsch Zn/Cu element en opnieuw precies de waarde die het had moeten zijn en zonder enig gesmokkel met de data.
Maar in mijn latere wetenschappelijke carrière heb ik ook 3 keer meegemaakt dat er uit een experiment precies maar dan ook precies kwam wat ik had voorspeld. En juist die experimenten vertrouwde ik niet en heb ik nauwkeurig geverifieerd en bij nader inzien heb ik daar ook niet over gepubliceerd; zoals het hoort.
Het kan dus echt wel hoor Diederik! 

28 december 2011

Oliebollen en erwtensoep

Oerhollandse oliebollen
Kan het hollandser? oliebollen en erwtensoep? Echte ouderwetse gerechten die gebonden zijn aan resp. oudejaar en de winter. Die winterse sfeer die met de bereiding van deze gerechten samenhangt vind ik altijd heerlijk en gezellig. Vooral als de erwtensoep staat te pruttelen dan hangt er zo'n sprokkelsfeertje; wanneer je de oliebollen staat te bakken dan denk je nog eens een beetje na over het afgelopen jaar.
Maar kennelijk behoor ik tot een uitstervende soort namelijk de zelf-koker/bakker. Dit jaar ga ik twee keer oliebollen bakken, dus vanavond al, omdat ik morgen bij een oude dame op bezoek ga en haar wil verrassen met een paar zelfgebakken oliebollen. Maar de rozijnen die ik in huis had vond ik te groot, wel geschikt voor het krentenbrood, maar niet voor de oliebollen, dus even naar Albert Heijn, want tja, de markt is pas vrijdag. Maar wat zag ik tot mijn verdriet; er stond een heel klein schapje met rozijnen en krenten; kennelijk maakt vrijwel niemand meer zelf oliebollen; iedereen koopt die bij de (banket)bakker of in de oliebollenkraam. Laatst was het me ook al opgevallen dat het schapje met spliterwten en bruine bonen nauwelijks te vinden was en hoogstens 10 pakjes van elk bevatte. Witte bonen kon ik überhaupt niet vinden, ja, in een pot, maar ik wil het zelf kunnen bereiden. 
Toch is het zonde dat de mensen om wat voor reden dan ook (vette keuken?, gemakzucht?) niet meer aan die oeroude gewoonten vasthouden. Juist die oude streekgerechten zijn zo'n continuüm naar de gezelligheid van vroeger tijden. Maar misschien is daar geen behoefte meer aan en ben ik een uitzondering.
Het zij zo! Kijk hieronder maar hoe het kan; een fluitje van een cent.

Zelf oliebollen bakken


Een kom met beslag en een pan met olie.
Eenvoudig toch?
Het is helemaal niet zo ingewikkeld om oliebollen te bakken; dat wil ik hier benadrukken. Het recept heb ik uit "De fijne keuken", van de hand van de topkok Pellaprat. Een kleine variatie is van de hand van mijn voormalige schoonvader: de toevoeging van grof geraspte appel, bij voorkeur goudreinet.
Recept voor ongeveer 12 oliebollen, zoals ik het vandaag heb gedaan:
200 gram bloem, 4 gram is een snufje zout, equivalent van 14 gram verse gist, dat is een half pakje gedroogde gist, 8 gram suiker, dat is een koffielepel, 12 gram boter, een stevige mespunt, 170 ml melk en 5 gram citroenrasp (1 citroen ongeveer half raspen, een grof geraspte kleine of een halve goudreinet. Dit geheel meng je goed met een pollepel. Doe dan een mengsel van 100 gram rozijnen en krenten (samen 100 gram dus) door het beslag. Goed mengen en een uur warm laten staan. Ik doe de beslagkom dan in een pan met lauwwarm water; ik heb een nogal koude keuken, vandaar. Het beslag rijst geweldig mooi.
Een schuimspaan, een klein stukje brood
en twee lepels. Een oude krant met daarop
keukenpapier om uit te lekken.
In een niet al te grote pan doe je anderhalve fles olie (ik neem maisolie, maar zonnebloemolie of slaolie is ook prima. Geen olijfolie denk ik, is ook zonde!). De olie verhit je stevig. Om te controleren of de temperatuur goed is doe je een korstje brood in de hete olie. Als het korstje gaat bruisen (er ontstaan kleine dampbelletjes), dan is de olie heet genoeg. En dan komt natuurlijk de kunst van het oliebollen bakken. Bak ze niet te heet, ook niet te lang; ze moeten licht bruin worden en wel gaar zijn. Beetje spelen met het gas of de knop; heb je een frituurpan dan zet je die gewoon op 180 graden en is het een fluitje van een cent.
Dan met twee lepels niet al te grote ballen vormen en die in de olie laten glijden. De lepels eerst even in de olie doen, dan glijdt het allemaal wat makkelijker.
Ik heb zojuist 14 oliebollen gemaakt en ze smaken weer geweldig.
En dit is het resultaat. Uurtje rijzen, half uurtje bakken, c'est tout.
Vanmorgen waren Roos en ik met de werkgroep Kwadijkse Vlot aan het rietruimen geweest; ik had er echt zin in en heb heel hard gewerkt. Ik was dan ook heel moe. Desondanks heb ik oliebollen gebakken, zo makkelijk gaat dat. Ik hoop maar dat ik anderen kan stimuleren om deze oude Hollandse traditie ook (weer?) in hun keuken te gaan toepassen. Laat mij het dan weten ajb. via een commentaar in dit Blog.

27 december 2011

Naar de Eifel met de kerst

De Hautes Fagnes kerst 2011
Terwijl het in de Bilt naar horen verluiden 12 graden Celsius was, liepen wij heerlijk door de sneeuw te banjeren. Eerlijkheidshalve moet daar wel bij gezegd worden dat het niet erg koud was; het was rond het vriespunt, maar bij het ontbijt werden wij verrast door een laagje sneeuw in de tuin van Hotel Hirsch waar wij de kerstdagen door zouden brengen. We namen zaterdag de bus van 9.00 uur vanuit Kalterherberg naar Zoll, het plekje waar vroeger het douanehuisje stond op de grens van België en Duitsland, op de weg van Eupen naar Monschau. Van daaruit liepen we in de richting van het dal van de Helle, de schitterende beek die met zijn/haar collega de Ruhr voor de afwatering van de Hoge Venen zorgdraagt. Het veen was mysterieus wit van de sneeuw en mistig van de vochtige lucht; echt het weertype dat bij de Venen hoort. We waren van plan om via het dal van de Helle naar Ternell te lopen en daar lekker te gaan lunchen.
Een schitterend stuk om te lopen. We kwamen bij de Helle bij een ons heel bekend plekje; ik bezit tal van foto's, maar vooral veel herinneringen aan dit plekje, een strandje, dat ik ooit samen met Dick ontdekte toen één van ons beiden een grote boodschap moest verrichten. Ik was hier jaren geleden met Hugo terwijl het vroor dat het kraakte; toen was het helder en zonnig; elke ijs/sneeuw-kristal kleurde, weerkaatste dat het een lust was. Nu verraste de Helle ons door haar enorm hoge waterstand; het strandje was verdwenen onder het watergeweld. Als je dit filmpje van de snel voortstromende Helle ziet begrijp je beter waar Schubert zijn inspiratie vandaan haalde voor liederen als "Liebesbotschaft", een lied waarin je de beek hoort stromen.
Roos springt over een zijstroompje van de Helle
Het dal van de Helle is bij ieder bezoek weer anders. Het zag er prachtig uit met die besneeuwde oevers. Verderop moesten we eerst een stuk klimmen en dan een steile helling af; bij het laatste stuk ging ik onderuit; met m'n broek in de veenprut. Jich. Maar opgewekt weer verder; nog een stel zijstroompjes overgestoken. Bij de, eveneens sterk gezwollen Ternellbach weer het Helledal omhoog tot bij Haus Ternell. 
Overigens was Haus Ternell, normaal gesproken een zeer aantrekkelijke pleisterplaats in de verbouw. Er stond heel optimistisch dat een verbouw van vier weken stond te gebeuren. Maar zo te zien laat de heropening nog wel even op zich wachten. 
Uiteindelijk zijn we helemaal terug gewandeld naar het hotel, een wandeling van zo'n 30-35 kilometer in totaal. We hadden het kerstmaal op de "Heiligenabend" dan ook wel verdiend en we hebben het goed laten smaken. De kok van hotel Hirsch complimenteren we dan ook graag van deze plaats!

Roos, poserend in de karakteristieke bocht van de Helle,
tegenover het ondergelopen strandje

26 december 2011

De devaluatie van het begrip "vrienden"

Mijn eerste echte vriend, Fred van Maanen
Een zwart-wit fotootje in mijn eerste fotoboek is vrijwel het enige tastbare dat ik nog heb van mijn eerste echte vriend, Fred van Maanen (of van Manen, dat weet ik niet meer). Ik zal een jaar of negen geweest zijn en Fred iets ouder. Hij woonde schuin tegenover ons in de Josephus Jittastraat in Amsterdam West. Ergens in de jaren vijftig is het gezin geëmigreerd naar Australië en je weet hoe dat met kinderen gaat; dan is het contact snel verdwenen. Ergens heb ik altijd gehoopt nog eens een levensteken van hem te krijgen, maar op Internet kan ik niets van hem vinden. Kort na die tijd maakte ik kennis met mijn jeugdvriend Bram Groen, ook schuin tegenover ons maar dan in de Tobias MC Asserstraat. Met Bram heb ik m'n hele jeugd en onze jong-volwassen tijd opgetrokken, later ook met z'n vieren want onze meissies konden het best samen vinden. Zo na ons vijftigste zijn we elkaar wat kwijt geraakt. En dan nu heb ik mijn drie oude vrienden Peter, Huib en Dick in volgorde van elkaar hebben leren kennen. Peter ken ik nog van de middelbare school en na decennia lang elkaar uit het oog te hebben verloren zijn we elkaar via het onvolprezen Internet weer "in de armen gevallen (har har)"; Huib ken ik vanaf m'n studentenjaren, we zaten in het zelfde dispuut (PROIRA) en we hebben lang in het zelfde dorp gewoond (Bilthoven), en last but not least mijn goede vriend Dick. Wij kennen elkaar als collegae vanaf het Huisartsenlab in Utrecht. Van Dick heb ik veel geleerd over ICT, muziek en we hebben samen heel veel gewandeld.

Sinds kort ben ik lid of deelnemer (What's in the name?) van Facebook. Niet dat ik dat nu echt wilde, maar dat was de enige manier om met een oude kennis van me contact te kunnen krijgen. En nu krijg ik telkens berichten dat "vrienden" mij iets te melden zouden hebben. 
Ook kreeg ik een rare folder waarin uitvoerig over Facebook wordt geschreven en over zogenaamde vrienden. Een krankzinnige opmerking die ik hier zal citeren: Sanne Tol (28) liep tegen het volgende probleem op: Ik vind het prima om te Linkedinnen met mijn baas, maar toen ik zijn vriendschapsverzoek in mijn Facebookinbox zag, moest ik wel even slikken. Ik heb het momenteel niet zo naar mijn zin op mijn werk, en op Facebook kon ik die onvrede uiten onder mijn echte vrienden. Einde citaat.
Ze moest al haar klaagberichten verwijderen en durfde hem niet te weigeren; hij werd ook "vriend". 

Wat betekent het woord "vrienden" voor deze Facebook gebruikers nou echt. Kennelijk heb je ook nog "echte vrienden". De drie boven genoemde mannen beschouw ik als mijn vrienden. Daarnaast heb je nog ouwe vrienden, kennissen en bekenden en niet te vergeten je kinderen en ..... je partner! Maar die Facebookers?? dat is toch niet wat je vrienden noemt, dat zijn "contacten", net als in je e-mail programma.

Volgens het woordenboek is een vriend een persoon waarmee men door vriendschap verbonden is. Dat is toch wat anders dan een linkje op facebook, toch?
Roos zei direct: de tweede betekenis van "vriend" volgens het woordenboek is een toespreking: "hoor eens vriend", dat is dus een equivalent van "hé-daar". Je hebt dus 500 "hé-daars" op facebook (har, har).

25 december 2011

Vrolijk kerstfeest 2011 en een gelukkig 2012

Op ons lievelingsbankje in de sneeuw

Roos van der Burg en Ferry van Elven wensen alle lezers van deze Blog een vrolijke kerst en vooral een heel gelukkig 2012

24 december 2011

Mooie benen

Mooie benen, nietwaar?
Als jongen was ik al sterk onder de indruk van de schoonheid van vrouwenbenen. Wanneer ik met mijn moeder, stijfgearmd over de burgm. de Vlugtlaan liep vroeg zij wel eens: "waar kijk je toch naar", wanneer ik naar de mooie benen van de dames keek. Grappig, want dat is eigenlijk altijd zo gebleven zelfs nu als jongere oudere van 63 jaar; een stel fraaie damesbenen vind ik nog steeds behorend tot de fraaiste structuren die deze aardkloot in haar 6 miljard jaar van evolutie heeft opgeleverd. De minimode tijd, in mijn adolescente jaren was dan ook een feest. Maar tot mijn verbazing is die tijd weer helemaal terug; de rokjes zijn zelfs nog korter geworden zij het dat er nu wel een stevige maillot onder wordt gedragen.
Mooie benen zijn slank maar wel gespierd. Hele fraaie heb ik gezien in Tsjechië toen ik daar eind negentiger jaren was voor een congres. Het was zomer en zittend op een terras achter een biertje zag ik tientallen jonge vrouwen, stevig voortstappend met hoge hakken en bruine benen in hun korte jurken voorbij lopen; een echt feestelijk gezicht. Iedereen liep daar nog veel in plaats van alles met de auto te doen; dat kwam vast voort uit de niet al te grote rijkdom aldaar. Maar, lopen is goed voor de spieren en dus de stevigheid en dus voor de fraaie vorm. 
Ik was eens in een museum met Romeinse kunst. Daar stond een beeld van een boerenvrouw met een kort gewaad. Je kon de stevige benen zien en die waren een weldaad voor het oog. Je kreeg het gevoel dat de mens er zo moest uitzien en niet dat spierloze van de homo modernis automobiles, d.w.z. weinig en dan ook nog slappe spieren. (Vooral bij mannen zie je dat; van die dunne benen met een dikke pens erboven).
Maar vorige week overkwam mij het volgende op station Utrecht CS: ik liep door de gangen van hoog Catharijne en daar liepen, als altijd, veel mensen. Voor mij liep een stel jonge meiden met buitengewoon korte rokken, maar benen eronder die slap en dik waren. Ik heb mijn ogen afgewend en zelfs nu bij het schrijven voel ik dat ik er een vies gezicht bij zet.
Maar het kan ook anders. Op station Baarn zag ik enkele weken geleden een jonge vrouw, een meisje nog van een jaar of zestien met een paar goddelijk mooie, slanke maar gespierde benen, in een zwarte maillot en op heel hoge hakken. Zij had tot mijn grote verbazing een heel kort broekje aan over die maillot alsof het zomer was. Ik wist niet wat ik zag en toen ik het met m'n zoon Hugo besprak vertelde hij mij dat deze dracht mode is. Ik vroeg me af of dit jonge ding zich wel realiseerde hoe ongelooflijk sexy ze er uit zag, zelfs voor zo'n wat hormoonarme ouwe vent als ik?! Ik dacht dat wij kinderen van de zestiger jaren wel alles op modegebied hadden meegemaakt, maar het kan nog erger zal ik maar zeggen.

23 december 2011

Het midwinterfeest

Het midwinterfeest Joel wordt Kerstfeest
Het vuur, symbool voor de terugkeer van de zon, het licht.

Eeuwenlang werd het midwinterfeest gevierd; de terugkeer van  het licht. De dagen die weer gingen lengen; een nieuw begin dat gemaakt werd. Ik kan me dat zo verschrikkelijk goed voorstellen, zelfs in deze tijd van elektrisch licht en CV; ik ben die donkere dagen volstrekt zat en ben blij dat die nu weer gaan lengen.
Een blok eikenhout werd voor het meerdaagse feest aangestoken en moest al die tijd blijven branden. Het werd aangestoken met een stuk van het houtblok van het jaar tevoren; grootse symboliek. Er werden verbonden gesloten, eden afgelegd, feest gevierd. Niks kindeke Jezus, nee dat werd pas in de vierde eeuw op handige wijze door "de kerk" bovenop het midwinterfeest geplaatst en sinds die tijd is men meer en meer gaan denken dat het iets te maken had met de geboorte van de grote verlosser. Tja ja, hoe denken wij daar nu over sinds het rapport Deetman; die zelfde kerk heeft van alles gedaan onder het mom van "de blijde boodschap" maar intussen heeft zij de bevolking vooral beroofd en kwaad gedaan; ik denk aan de kerkelijke rijkdom in tijden van armoede en aan instituties als de inquisitie. Ik ben er in ieder geval al vele jaren volledig klaar mee en ben blij dat men meer en meer realiseert dat kerstmis, het midwinterfeest een feest is van onszelf zoals we hier al eeuwenlang rondlopen in deze streken en niets van doen heeft met het bijbels verhaal. Overigens geldt dat ook voor de andere zogenaamde christelijke feestdagen afgezien van hemelvaartsdag misschien?! Overigens ben ik wel erg verheugd over de schitterende muziek en andere vormen van kunst en architectuur die in de naam van "de blijde boodschap" werden gemaakt.
Prima informatie over onze zogenaamde "Heidense" gewoonten vindt u op internet.

22 december 2011

Verder langs de IJssel



Boerderij in de uiterwaarde
In vervolg op de Blog van gisteren verhaal ik hier verder over  de wandeling van Klarenbeek naar Deventer met Ab vD. In Voorst hadden we bakker Bril bezocht en hadden we stevig ingeslagen; het zakje met zeeuwse bolussen hebben we direct aangebroken en met kleverige handen de tocht voortgezet. Als snel kwamen we in het uiterwaardengebied. Ik vind het toch altijd gek dat ik als echte Hollander, product van het rivierenland juist dit landschap zo weinig ken; het is iedere keer weer verrassend van schoonheid die door dichter Marsman zo fraai beschreven ".... brede rivieren, die traag door oneindig laagland gaan". Het is dan wel op de grens van Gelderland en Overijssel, en niet in Holland (waar Marsman over dicht), maar het rivierdal van de IJssel mag er zijn. Het ziet er ook wat onverstoorder uit dan het rivierdal van Maas en Waal, laat staan van de Nieuwe Waterweg. De natuur is hier gelukkig nog overweldigend aanwezig.
We liepen het paadje af dat in de zomer naar een fietspontje over de rivier loopt. Nu geheel verlaten natuurlijk, maar weergaloos qua uitzicht.

Provianderend ooievaars langs de IJssel
Beelden van ooievaars die liepen te provianderen; knoerten van zwarte populieren, die typisch zijn voor dit landschapstype en wel tot een meter stamhoogte in het water staan; de in WO II kapot geschoten ruïne van het dertiende eeuwse kasteel Nijenbeek, karakteristiek in een bocht van de rivier. Het gedenkteken waar de geallieerde troepen de IJssel hebben overgestoken; tekenen van een tijd, ver voordat we een verenigd Europa hadden. Ab vertelde dat hij in deze uiterwaarden veel wilgen had geknot en wees mij op de meidoornhagen, het voorprikkeldraadse hekwerk om het vee binnen de weilanden te houden. Hier en daar zagen we zelfs nieuw aangelegde meidoornheggen, voorwaar een landschappelijk aantrekkelijk gebeuren.
En dan  het mistige uitzicht over de bocht in de IJssel, zoals die zich al eeuwenlang uitstrekt, zich weinig aantrekkend van wat er om zich heen gebeurt.
De bocht in de rivier zoals zij al eeuwen is
Het water stond hoog; Ab probeerde nog een route te vinden langs de oever van de IJssel, vergeefs. Wèl zagen we een roedel reeën, met hun karakteristiek witte spiegels (kont voor niet-deskundigen, har har) en verderop in het gras ook de afdrukken waar ze gelegen hadden in dekking achter een bosje. Dit soort rommelige bosjes zijn, aldus Ab, zo ontzettend belangrijk voor de natuur. Vogels, insecten en ook grotere dieren hebben die dekking en afwisseling nodig om zich te kunnen handhaven. Maar we liepen vast en keerden terug naar de rivierdijk en liepen richting Deventer. Langs de dijk stond een aantal stevige boerderijen waarvan je kon zien dat de plekken waarschijnlijk al eeuwen bebouwd waren. Bastions in het wassende water, nu veilig op de rivierdijk en erachter landerijen met vruchtbare rivierklei. Een echte landbouwomgeving. Een deel van de uiterwaarden werd door SBB beheerd; in die weilanden was een grote diversiteit van vegetatie zichtbaar. Goed voor de insecten!
De indrukken waren te veel om even in een Bloggie neer te leggen; ik adviseer iedere wandelaar die dit leest om eens die rivier te volgen, al is het maar vanaf de dijk. Zeker nu in die mistige, donkere dagen voor de kerst is het wonderschoon.
Herdenkingssteen uit WO II

Kasteel Nijenbeek met de sporen van de granaatinslagen
Imposante zwarte populier tot zijn "knieën in het water". Houdt geen andere
boom vol. Daarom hoort hij zo bij dit landschap. Rijkswaterstaat is hier geen
liefhebber van!







21 december 2011

Wandelen vanaf Klarenbeek

Ab, staand voor het station Klarenbeek CS
Vandaag een wandeling gemaakt met Ab vD; van Klarenbeek naar Deventer, het gebied waar Ab vanouds bekend is. Ab kende inderdaad ieder paadje, zoals tijdens de wandeling bleek. We sloegen het bos in en direct kwamen we al op het gemarkeerde Marskramerpad. Verderop de bandijk die in vroeger tijden  het IJsselwater tegen hield. Via de Ab bekende paden kwamen we langs een boerderij, eigenlijk nog vrijwel in oude staat; fraaie leilindes ervoor en tegenwoordig als vakantieboerderijtje ook te huur. Daar had een vriend van Ab gewoond. En weer verder langs het grote huis waar vlak na de oorlog een bepaalde rechter woonde waarover Ab een anecdote vertelde. Deze rechter wilde vlak na de oorlog de oorlogsmisdadiger Menten juridisch ter veranwoording roepen. In die tijd werd deze later nog te pakken genomen boef zodanig geprotegeerd door zijn "vrienden", dat de betreffende rechter daarvan heeft af moeten zien en zich zelfs heeft terug getrokken in dit huis waarin hij op de eerste verdieping woonde terwijl een stel honden op de begane grond de wacht hielden. Grappig als je dan zo'n schitterend huis ook daadwerkelijk tussen de bomen ziet opdoemen. Maagdepalm, een "rodelijstsoort" in NL waarvan ik gelukkig Ab iets nieuws wist te vertellen namelijk dat er een bepaald geneesmiddels uit gemaakt kon worden. Digitalis dat vroeger als anti-wormmiddel werd gebruikt; ik kende het slechts als middel om het hart te stimuleren, mits in de juiste hoeveelheid toegediend. Het woord digitaliseren had vroeger dan ook een andere betekenis dan tegenwoordig, namelijk het instellen op digitalis. 

Het huis van de rechter
Onderweg vertelde Ab mij honderduit over wat hij allemaal in die streken had beleefd met zijn tweelingbroer Dick. Het vangen van visjes die werden opgevoerd aan jonge snoekjes; het kweken van salamanders en zelfs het "Mendelen" van salamanders om albino's te verkrijgen. Een parallel met mijn eigen jonge jaren met de bloemenvaas met geelgerande watertorren voor het keukenraam; ik was ook dol op de slootkant en vertelde Ab over de dooie otter die ik ooit had opgevist uit de Haarlemmertrekvaart; ik had lang gedacht dat het een vreemde hond was, maar bij bezoek aan een dierentuin zag ik dat het een otter geweest was.
We liepen door het bos en kwamen bij de volgende wereldplaats, Voorst, met de ambachtelijke bakkerij Bril waarvan Ab mij al had verteld dat je daar het lekkerste krentenbrood kon kopen. Ik had dat ontkend en Ab gezegd dat ik dat zelf maakte en was de wedstrijd aangegaan maar had die bij voorbaat verloren omdat mijn krentenbrood volledig mislukte; ik had geen spijs in huis maar marsepein (verkeerde gepakt kennelijk), te weinig kaneel en tot slot te kort of te laag gebakken zodat het product niet volledig gaar was! Dus bij bakker Bril e.e.a. ingekocht waaronder ook gevulde koeken. Inderdaad een perfecte bakker.
In de Blog van morgen staat meer over het vervolg van de wandeltocht langs de IJssel.
Uithangbord van Bakker Bril in Voorst. Een bezoek waard!



20 december 2011

Bladblazers, niet goed voor de natuur

Blad blazen bij mij voor de flat in het plantsoentje
Van de week een hels kabaal, zowel voor als achter m'n flatje. En ja hoor, met twee wagens en zeker vijf bladblazende mannen werd er met man en macht gewerkt om straat en plantsoen vrij te maken van blad. Ik vind dat altijd zo'n achterlijk gezicht wanneer er geen bladeren liggen op de zwarte aarde; dat hoort toch zo. Maar nee, alles moet weg. Ook achter m'n flat liep iemand met zo'n blazer kabaal te maken.
Toevallig kreeg ik van Badda, één van de leden van de sectie Thijsse van de Nederlandse Entomologische Vereniging (NEV) een e-mailtje over dit verschijnsel dat natuurlijk heel slecht is voor het bodemleven: 
citaat:
Het is o.a. nodig dat gemeenten beter op natuur aangepast plantsoenbeheer gaan voeren. Ik zie het steeds vaker dat bladeren niet alleen van de straat (nog te begrijpen), of van het gras (ook nog beetje te begrijpen) maar ook van onder de struiken en dergelijke wordt weggeharkt. Wat is dat toch voor groenbeleid. Of verdient men op die manier aan de bladaarde die verkocht kan worden? Laat ik eindelijk eens in actie komen om al die gemeentemensen aan te schrijven.
Met alle narigheid van afnemende steun voor natuurbeheer hoop ik dat er toch voldoende enthousiaste dragers zullen blijven.
Einde citaat