Posts tonen met het label Schubert. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Schubert. Alle posts tonen

13 februari 2012

Vrienden van het Lied

Franz Schubert

Sinds kort ben ik lid van de Vereniging Vrienden van het Lied. Jarenlang hebben Roos en ik samen muziek gemaakt; we speelden vooral liederen, Roos zong en ik begeleidde op de piano. Een aantal jaren geleden werd Roos lid van de Vrienden van het Lied en af en toe ging ik mee naar een concert. De laatste keer was dat bij het jubileum diner vanwege het vijftig jarig bestaan van de Vereniging. Daar besefte ik dat ik ook van deze vereniging lid wilde worden; de liedkunst bekoort mij heel in het bijzonder. Schubert kan mij diep ontroeren; zijn interpretatie van de "Erlkönig", was één van mijn eerste kennismakingen met de klassieke muziek. Ergens op de middelbare school werd dat lied op een grammofoon gedraaid door onze muziekleraar (uitvoering van Dietrich Fisher Dieskau, net als op de Youtube link!) en ik was er direct zwaar van onder de indruk. Dat legde de basis voor mijn liefde voor het lied.
En nu kreeg ik deze week het verenigingsblad met daarin een diepgaande analyse van een lied van Schubert op basis van een gedicht van Goethe: "Erster Verlust". Die analyse, van de hand van Dinant Krouwel, deed me veel; ik heb vervolgens op de vleugel van Roos de begeleiding onder handen genomen en merkte dat je door zo'n theoretische beschouwing met meer intensiteit met de muziek omgaat.

30 december 2011

Das Wandern

Eine Mühle seh Ich blicken

De schitterende liederencyclus "Die schöne Müllerin" van Franz Schubert begint met het lied: "Das Wandern ist des Müllers Lust". Dat lied is mij op het lijf geschreven zoals de trouwe lezers van dit Blog al zal zijn opgevallen; wandelen is mijn lust en leven. De jonge molenaar in de liederencyclus loopt vaak alleen langs het beekje waarmee hij hele dialogen houdt. Het beekje antwoordt hem soms ook al twijfelt hij af en toe of het niet de waternimfen zijn die hem antwoorden. Maar als hij echt antwoord wil krijgen of de mooie molenaarsdochter van hem houdt, dan antwoordt het beekje niet tot zijn grote verdriet.
In je eentje wandelen doet je inderdaad nadenken over kwesties en over de dingen des levens zoals in deze liederenreeks blijkt. Maar met z'n tweeën wandelen heeft het fijne aspect van de daadwerkelijke dialoog. Je bent uren bij elkaar en het gesprek gaat vaak alle kanten uit en verheldert je gedachten. Tijdens mijn werkzaam leven kende ik het fenomeen "kinetisch overleg". Met Jan B, de coördinator van de nascholing in ons district overlegde ik jaarlijks over de gang van zaken betreffende de nascholing voor de huisartsen. Dat deden we in de natuur en al wandelend. Aan het eind van de wandeling streken we ergens neer waar we wat konden nuttigen en noteerden we de afspraken en andere essentialia die aan de orde waren geweest. Het bleek een buitengewoon efficiënte maar ook heel plezierige wijze van overleg te zijn; we keken er echt naar uit.
Maar nu, zo lekker informeel sprak ik met Ab vD gedurende onze wandeling in het IJsseldal vooral over planten en dieren. We kennen elkaar via de vrijwilligers werkgroep Kwadijkse Vlot en verder zijn we beiden van jongs af aan in de natuur geïnteresseerd en heeft Ab er zelfs zijn werk van gemaakt; hij is boswachter monitoring bij SBB in het Waterland, Noord Holland. Hij vroeg mij hoe ik zo bij de Noord Hollandse natuurwerkgroep terecht was gekomen. Eigenlijk was dat via de ontmoeting van Roos met Rudolf vH, groot mierendeskundige en mijn oude jeugdinteresse omtrent de mieren en vervolgens mijn aanmelding bij de sectie Thijsse. Via dat kanaal leerde ik Ben Brugge kennen en ging ik naar de opknapbeurt van "de Zandkuil" en Roos, ook zo'n buitenmens, ging lekker mee en ruimt ook riet met de club. En dat werken met een riek, lekker buiten met een stel mensen, vind ik een heerlijke ontspanning.  En zo liepen Ab en ik dus langs de IJssel te kouten en te kijken. Alleen Schubert is niet aan de orde geweest?!

27 december 2011

Naar de Eifel met de kerst

De Hautes Fagnes kerst 2011
Terwijl het in de Bilt naar horen verluiden 12 graden Celsius was, liepen wij heerlijk door de sneeuw te banjeren. Eerlijkheidshalve moet daar wel bij gezegd worden dat het niet erg koud was; het was rond het vriespunt, maar bij het ontbijt werden wij verrast door een laagje sneeuw in de tuin van Hotel Hirsch waar wij de kerstdagen door zouden brengen. We namen zaterdag de bus van 9.00 uur vanuit Kalterherberg naar Zoll, het plekje waar vroeger het douanehuisje stond op de grens van België en Duitsland, op de weg van Eupen naar Monschau. Van daaruit liepen we in de richting van het dal van de Helle, de schitterende beek die met zijn/haar collega de Ruhr voor de afwatering van de Hoge Venen zorgdraagt. Het veen was mysterieus wit van de sneeuw en mistig van de vochtige lucht; echt het weertype dat bij de Venen hoort. We waren van plan om via het dal van de Helle naar Ternell te lopen en daar lekker te gaan lunchen.
Een schitterend stuk om te lopen. We kwamen bij de Helle bij een ons heel bekend plekje; ik bezit tal van foto's, maar vooral veel herinneringen aan dit plekje, een strandje, dat ik ooit samen met Dick ontdekte toen één van ons beiden een grote boodschap moest verrichten. Ik was hier jaren geleden met Hugo terwijl het vroor dat het kraakte; toen was het helder en zonnig; elke ijs/sneeuw-kristal kleurde, weerkaatste dat het een lust was. Nu verraste de Helle ons door haar enorm hoge waterstand; het strandje was verdwenen onder het watergeweld. Als je dit filmpje van de snel voortstromende Helle ziet begrijp je beter waar Schubert zijn inspiratie vandaan haalde voor liederen als "Liebesbotschaft", een lied waarin je de beek hoort stromen.
Roos springt over een zijstroompje van de Helle
Het dal van de Helle is bij ieder bezoek weer anders. Het zag er prachtig uit met die besneeuwde oevers. Verderop moesten we eerst een stuk klimmen en dan een steile helling af; bij het laatste stuk ging ik onderuit; met m'n broek in de veenprut. Jich. Maar opgewekt weer verder; nog een stel zijstroompjes overgestoken. Bij de, eveneens sterk gezwollen Ternellbach weer het Helledal omhoog tot bij Haus Ternell. 
Overigens was Haus Ternell, normaal gesproken een zeer aantrekkelijke pleisterplaats in de verbouw. Er stond heel optimistisch dat een verbouw van vier weken stond te gebeuren. Maar zo te zien laat de heropening nog wel even op zich wachten. 
Uiteindelijk zijn we helemaal terug gewandeld naar het hotel, een wandeling van zo'n 30-35 kilometer in totaal. We hadden het kerstmaal op de "Heiligenabend" dan ook wel verdiend en we hebben het goed laten smaken. De kok van hotel Hirsch complimenteren we dan ook graag van deze plaats!

Roos, poserend in de karakteristieke bocht van de Helle,
tegenover het ondergelopen strandje

26 november 2011

Einde van een hobby

Daar zat ik als kind achter de piano
Al vanaf mijn tiende jaar houd ik een fotoboek bij; op de eerste bladzijde sta ik als baby, als zesjarige bij de schoolfoto en als jong kind achter de piano. Mijn moeder speelde piano; haar vader vond het destijds heel belangrijk dat een kind een instrument leerde bespelen, een heel modern standpunt voor die tijd. Hij is gestorven toen mijn moeder 9 jaar oud was; ik ken hem echter wel van de vele verhalen van mijn grootmoeder. Er stond een piano in huis en in die tijd was men heel wat kleiner behuisd dat tegenwoordig en het was een behoorlijke "sta in de weg"! Mijn moeder speelde vooral mazurka's en walsen van Chopin; mijn kennis van de muziek was dan ook niet veel groter dan Chopin.
Vanaf pakweg mijn achtste jaar kreeg ik les; mijn toen nog zo jonge moeder deed aan klassiek ballet en had de begeleidend pianist gevraagd of zij aan huis les wilde geven. Dat was juffrouw Dolly, de enige pianodocente die ik gehad heb. Ik had waarschijnlijk wel aanleg want veel studeren deed ik niet maar het ging toch wel aardig, zo aardig zelfs dat ik in de eerste klas van de HBS een tweede prijs won bij de culturele avond (met stukken van Bach en Bartok). Daarmee won ik een schitterende uitvoering van het vioolconcert van Beethoven met Yehudi Menuhin als uitvoerende.
We waren klein behuisd, de piano was oud en de klankkast scheurde, misschien wel tot opluchting van mijn moeder, althans de piano werd afgevoerd zonder dat iemand daar een traan om liet. Ik heb toen jaren geen piano aangeraakt. Maar in 1977 gebeurde er iets vreemds. In die tijd maakte ik kennis met een zekere Hans T., een merkwaardig type dat mij echter wel kennis deed maken met de nocturnes van Chopin. Van die schitterende romantische muziek raakte ik sterk onder de indruk. In die zelfde tijd raakte ik tijdens een 14 dagen durend buitenlands congres/cursus nogal van de kook van een Duitse collega en werd behoorlijk verliefd. Ik moest en zou toen die Nocturnes van Chopin op de piano gaan spelen; vraag me niet waarom, maar dat moest ik van mezelf, ongetwijfeld uit romantische gevoelens. Ik weet nog dat er een huurpiano in huis kwam, dat ik de partituur leende van een vriendin en dat ik de muziek niet eens meer kon lezen omdat ik zo lang niet meer had gespeeld. Maar verliefdheid maakt onverwachte krachten los en in 6 weken kon ik Nocturne nr 1 spelen. Ik sta er nog verbaasd van. Dat was de basis van de hobby die ik met ups en downs tot vandaag heb beoefend. Want vandaag is de piano afgevoerd.
Vanmorgen zou Simon, degene die jaren heeft gestemd, de piano op komen halen. De laatste jaren speel ik nauwelijks meer; ik voel me ontzettend vervelend om in de flat piano te spelen; ik heb het gevoel dat iedereen er last van heeft, vandaar dat ik hem nu maar heb laten afvoeren.
Tot slot Aufenthalt van Schubert gespeeld
Vanmorgen heb ik nog voluit gespeeld, zonder studiepedaal en met volume zo hard als voorgeschreven. Partita's van Bach, liederen van Mozart, de Mazurka van Chopin die mijn moeder altijd speelde en tot slot "An die Musik" van Schubert, der Tod und das Mädchen en helemaal tot slot "Aufenthalt" van Schubert, het lied dat Roos en ik met zo veel genoegen hebben gezongen.
Daar kwamen de mannen en daar ging de piano. Het was moeilijker dan ik dacht om afscheid te nemen.
En daar ging ie dan. 

03 augustus 2010

Tekst en muziek


Jarenlang heb ik zangers begeleid op de piano. Het ging om prachtige klassieke liederen van Schubert, Mozart en een enkele keer van andere componisten. Vooral Roos hamerde er altijd op dat ik meer naar de tekst moest luisteren om de muziek te kunnen begeleiden zoals het moet. Ach, ik was het daar niet zo mee eens. Die goede componisten weten in de muziek ook precies te leggen wat convenieert met de tekst. Zo weet ik nog dat ik bij het overlijden van een goede vriend de absolute behoefte had om het lied "Abendempfindung an Laura" te spelen. Meteen de avond dat ik hoorde van het overlijden en dan in de kerk op de vleugel. Ik kende de tekst niet, maar voelde dat het muziek was die je opdraagt aan een gestorven vriend. En dat was ook zo: "Schenk auch du ein Tränchen mir, und pflücke mir ein Veilchen auf mein Grab", enzovoort, een prachtige tekst inderdaad.
Maar ook andersom; bij de Altrapsodie van Brahms kon ik mijn tranen absoluut nooit bedwingen. Of het nu door de door mij zo bewonderde Alt Kathleen Ferrier wordt gezongen of door anderen, bij de strofe: "Ist auf deinem Psalter, Fater der Liebe, ein Ton seinem Ohren vernehmlich, so erquicke sein Herz"  liepen de tranen onbedwingbaar over mijn wangen. Overigens inmiddels niet meer. De tekst was niet te verstaan, maar dankzij de inspanning van Roos kwam het gedicht van Goethe boven water. Het gaat over een wanhopige, op zoek naar zingeving.
Vanuit de USA kreeg ik van mijn goede vriend, die route66 aan het rijden is Gene Pitney in het vizier. Twenty four hours from Tulsa" heet het lied en speelt in Tulsa, de plaats waar mijn vriend zich op dat moment bevond.
Drie woorden en twee klickjes en ik zit naar Gene Pitney te luisteren. Die karakteristieke stem, dat fraaie samenspel van die twee trompetten met viooltjes op de achtergrond. Zielig liedje trouwens. Plotseling zo verliefd geworden dat hij niet meer naar z'n vrouw gaat terwijl hij best nog van haar houdt. Op slechts 24 hours from Tulsa, dus vlak bij huis?!
Ken het nummer precies qua muziek ondanks al die decennia maar heb nooit enig idee gehad waar het over ging en nu luister ik naar de tekst terwijl ik dit schrijf. Wat is er toch veel mogelijk geworden in die 47 jaar.