08 december 2011

Station Amsterdam Zuid

De campus van de VU aan de Boelenlaan
Het weer van de laatste dagen is niet erg aanlokkelijk om er eens lekker op uit te gaan; lekker nog even omdraaien en pas bij de dageraad voor het zetten van een koppie thee uit bed komen, dat gaat me beter af. Dat betekent dus niet vroeg, d.w.z. voor half zeven inchecken met de Dalvrij kaart en dus geen verre trips. Maar dichterbij valt er ook zoveel fijns te beleven. Amsterdam, de stad van mijn jonge jaren heeft zo veel stations inmiddels en bij alle heb ik wel zo mijn nostalgia.
Zo ging ik dinsdag laat van huis en was rond 12.00 uur op het station Amsterdam Zuid, vlakbij de campus van de Vrije Universiteit, mijn alma mater. Het chemie gebouw stond in de Lairessestraat, maar voor wiskunde, natuurkunde en later voor biochemie en micro-biologie was alles destijds al geconcentreerd op de Boelelaan, naast het academisch ziekenhuis. Het hoofdgebouw heb ik nog zien bouwen toen ik mijn bijvak microbiologie deed. Nu is het terrein helemaal volgebouwd; op alle gebouwen van toen zijn verdiepingen geplaatst. Het was nauwelijks meer te herkennen; een mega diploma fabriek met overal (rokende!) studenten en fietsen. Leuk om terug te zien. En toen het rondje gemaakt dat ik in mijn eerste baan, als wetenschapperd op de afdeling Medische Microbiologie vaak maakte met Dik Boorsma of met Sjors Kraal. Daar ben ik ermee begonnen om de middagpauze steeds te gaan wandelen. Het Amsterdamse bos lag om de hoek dus daar liepen we altijd heen.
Sluis en brug van Nieuwe meer naar de Bosbaan
Het Amsterdamse bos, mijn vader noemde het nog bij haar oude naam: "het bosplan", een werkgelegenheidsproject waarbij een bos werd aangelegd in de Haarlemmermeerpolder. Nu ligt het onder de bulderbaan, een aanvliegroute van luchthaven Schiphol. Tussen de hagelbuien door liep ik het stuk langs de bosbaan, waar ik ook trimde met Reinier Schoorl, waar ik een keer Toon Hermans tegenkwam, stijf gearmd met zijn vrouw Rietje, beiden ernstig kijkend, waarschijnlijk vanwege het onderzoek dat Rietje had ondergaan aan het academisch ziekenhuis; naar later bleek was zij ernstig ziek in die tijd. Het stuk waar ik nog een foto van heb met mijn overgrootvader en waar ik vaak kwam met mijn vader, voor op de fiets. Routa nostalgica dus. Weer terug naar het station en weer voor donker thuis; het heeft wel wat om "in de buurt" te gaan wandelen.
Bekend beeldje op de doorgaande weg in A'veen
De volgende dag heb ik opnieuw Amsterdam Zuid aangedaan maar nu naar Amstelveen; daar heb ik enkele jaren met Lien gewoond. Ik zocht het oude adres, Schouwenselaan 13, maar kon het met geen mogelijkheid vinden. Wel naar het centrum van Amstelveen gelopen en het Cobra museum bezocht. Mijn vriend Peter C is een liefhebber van moderne kunst en nu probeer ik naarstig om daar ook enig genoegen aan te beleven. Ik doe mijn best, maar het valt niet mee. Destijds heeft mijn vriend Dick O. mijn smaak voor muziek met enige eeuwen opgerekt; daar waar ik eigenlijk alleen van romantiek hield, met name Chopin en Schubert, heeft hij mij met succes de barok en middeleeuwse muziek leren waarderen en ook Mahler en tijdgenoten. Tot Schönberg kon ik eigenlijk helemaal met hem meegaan. Overigens ben ik een bewonderaar van Hugo Distler, waarschijnlijk omdat ik "Eine Wiehnachtsgeschichte" van hem heb gezongen bij Maarten Kooij. Ik ben Dick daar nog steeds dankbaar voor. Maar moderne kunst kan ik maar moeizaam waarderen. Malevitch heb ik jarenlang op mijn werkkamer gehad in copie natuurlijk. Maar Carel Appel en Corneille?! In het Cobra museum las ik dat Carel Appel werken had gemaakt die hij zelf de naam had gegeven: "Brandstapel". Tja wat zal ik daar van zeggen.

07 december 2011

Museumjaarkaart

John Currin voor het schilderij dat heden in het
Frans Hals museum hangt. M.i. je reinste porno.
Een mij in het verleden zeer goed bevallen combinatie is die van vrij reizen en museumjaarkaart. Dus heb ik mij nu maar na vele jaren weer eens deze vrije toegang tot onze cultuur aangeschaft. 45 euro, dat is toch geen geld. Per Internet besteld en betaald en prompt verkregen via tante Pos. Vorige week zaterdag naar de Utrechtse musea. Het Catharijne convent; ik wilde de wurgdoek van Cunera wel weer eens zien en het in zilver gevatte Heidense hamertje. De kazuivels en andere RK'e parafernalia interesseren me aanzienlijk minder. Maar hoezo gratis? 3 euro bijbetalen vanwege een TT over de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela. Die TT heb ik al vele malen in Spanje gezien dus door naar het Universiteitsmuseum. Dat viel me verschrikkelijk tegen; het lijkt wel een kinderspeelplaats i.p.v. een museum. Het centraal museum dan maar en dat was fijn toeven met o.a. fraai schilderwerk uit de middeleeuwen en het Utrechtse schip uit het jaar 1000 in de kelder.
Afgelopen dinsdag met Peter in Haarlem. Hij had een afspraak en in die tussentijd ging ik naar het Teylers museum; een museum in een museum. Ik ben daar altijd gefascineerd door het skelet van de holenbeer (vanwege Jane Auel natuurlijk) en door de fluorescerende gesteenten; de natuurlijke gesteenten met hun kristalstructuur fascineren met altijd omdat ik daar de voorlopers van het leven in vermoed. Ook hier moest ik 3 euro bijbetalen voor de extra TT van Claude Lorrain die tot 8 januari 2011 wordt gehouden; een kunstenaar die in zijn tijd heel bekend was m.n. bij het pauselijk hof en in Engeland vanwege zijn landschappen. Inderdaad fraai werk hoewel ik Ruysdael toch van een betere klasse acht; waarschijnlijk Hollands chauvinisme van mijn kant.
Daarna met Peter naar het Frans Hals museum. Hij wilde de schilderijen van John Currin zien die daar werden tentoongesteld naast klassieke schilderijen met naakten. Natuurlijk weer extra betalen, 3 euro voor, hou je vast, 3 schilderijen die naast de klassieke naakten waren opgehangen. Eén daarvan vond ik eerlijk gezegd nogal genant, gewoon porno zou ik willen vaststellen; hoort m.i. niet in een openbaar museum thuis. Op internet staat het schilderij dan ook met de bekende vierkantjes (zie boven).
De vaste collectie van het Frans Hals museum is overigens weergaloos, dus zeker de 3 euro extra waard, maar voor John Currin hoefde het wat mij betreft niet zo. Ik heb het ook niet zo met moderne kunst.
Peter merkte over al dat bijbetalen op dat dit het gevolg is van het knijpen op culturele subsidies. Daar kon hij wel eens gelijk in hebben maar wat blijft er dan over van de gratis toegang met de museumjaarkaart?

06 december 2011

Afrikaanse grond

Foto uit de VPRO gids
Met diepe verontwaardiging heb ik niet alleen het artikel in de VPRO gids gelezen maar ook via Internet de uitzending van Tegenlicht van zondag 27 november bekeken. Carlo Petrini had al eens eerder het akelige verschijnsel van grootschalige land-speculatie in Afrika aan de kaak gesteld, maar nu stond dat ook in de VPRO gids die ik in het kader van mijn tientjeslidmaatschap verkreeg.
Een zekere Philip Heilberg (What's in the name?) stelde zich feitelijk heel kwetsbaar op door zijn doen en laten te laten verfilmen door de VPRO filmploeg. 
De film spreekt voor zich; Phil laat zich in met de nieuwe machthebbers van Zuid-Soedan, die hij beschouwt als de nieuwe soeverein. Hij koopt van deze "soeverein" enorme arealen landbouwgrond die al mensenlevens lang door de lokale boeren worden beheerd. Deze boeren zijn nergens van op de hoogte, laat staan dat ze er iets aan over houden. Heilberg was godbetert niet eens wezen kijken in de gebieden, dat liet hij aan anderen over. Bah!
Ik werd woest toen ik de reportage zag. Door mijn "nieuws abstinentie" ben ik wellicht wat overgevoelig geworden, maar deze vorm van kapitalisme maakt me echt misselijk. 
Heilberg deed het, aldus zeggen, vooral om zichzelf te bewijzen dat hij "eerlijk" miljarden kon verdienen. Juridisch heeft hij misschien gelijk, maar kun je daar nu trots op zijn? er bestaat toch ook zoiets als een geweten dunkt mij.
Zijn filosofie schijn je terug te vinden bij Ayn Rand; Roos reageerde als door een adder gebeten toen zij zich realiseerde dat ik van deze "dame" wat wilde gaan lezen. Zij is de bedenker van "Rational egoism", wat dat ook moge zijn; erg fraai klinkt het niet en bij nader inzien past het mijns inziens ook niet bij onze soort, althans niet bij de Europese manier van denken; of ben ik nu erg naïef? 

05 december 2011

Van Broek in Waterland naar de Oranjesluizen

Zondag hebben Roos en ik een fraaie étappe van het Trekvogelpad gelopen. We begonnen om 9.30 in Broek in Waterland, bij het tunneltje onder de provinciale weg. Eerst nog even door het dorpscentrum; er staan veel schitterende huizen. Volgens het wandelboekje zijn dit 17e eeuwse kapiteinshuizen. De kapiteins van de VOC woonden graag in het Waterland. In ieder geval was er water genoeg voor deze zeebonken zodat ze niet ontwend konden raken.
Vervolgens op weg naar Zuiderwoude, een verstild Noord-Hollands dorpje te midden van de veenweiden. Langs Holysloot, ook zo'n kleinood en voort langs de Poppendammer gouw waar een snijdend koude wind pal in ons gezicht waaide; ik kreeg er een koud kruis van en deed een handschoen in m'n broek; volgende keer een langere jas aantrekken. Via Zunderdorp naar Durgerdam met z'n karakteristieke kerkje op de dijk en daar een kop warme chocolademelk genomen om een beetje bij te komen van de koude wind.
Vervolgens het laatste stuk naar de Oranjesluizen, in 1870 aangelegd door toedoen van koning Willem III (zie Toebosch in zijn boek "Uitverkoren zondebokken").

Toen ik daar aankwam bij die sluizen kreeg ik sterk het gevoel dat ik daar was geweest met mijn ouders toen ik een jaar of tien was.  We waren met een pontje overgevaren; het was warm en ze straalden een warme blijheid uit. Ze vertelden mij dat ik een nieuw broertje of zusje zou krijgen. Het was een vreugdevol moment voor ons drietjes van grote intensiteit. Ik heb mij lang afgevraagd waar dat plekje nu precies geweest kon zijn.

De Oranjesluizen had ik nog nooit betreden; zo te zien zou het een eeuwigheid duren voordat we daar overheen konden. We zijn verder gegaan langs de Nieuwendammerdijk. Een onbekend stuk "Amsterdam" van grote schoonheid. Even een uitstapje van de dijk af en je staat in Amsterdam Noord. Snel de stadsbus genomen en terug naar huis. 

04 december 2011

Proef met de kikkerpoot

Proef van Galvani met een geprepareerde kikkerpoot
Dit is de tekening van Galvani die met behulp van de kikkerpootproef elektriciteit aantoonde. Deze proef moesten vroeger alle biologie en biochemie studenten uitvoeren. Destijds heb ik deze proef ook gedaan. "Zielig", zal menigeen zeggen. En het is ook wel een lullig gezicht wanneer zo'n kikker, sloom van de kou (ze werden bewaard in een doos in de koelcel, zoals ze zelf ook bewegingsloos de winter doorbrengen) en dan met een schaar gedecapiteerd (onthoofd). Hersenen en ruggemerg werd voor de zorgvuldigheid direct met een naald vernietigd zodat pijn lijden zoveel mogelijk werd verhinderd. Vervolgens werd van beide achterpoten het vel verwijderd en werd de pootzenuw vrij geprepareerd van het ruggemerg. Poot en zenuw werden vochtig gehouden met een fysiologische zoutoplossing om indrogen te voorkomen. Als mijn geheugen me niet in de steek laat dan was het "Ringers' oplossing". Met poot en zenuw werd de proef gedaan: de zenuw werd bestudeerd door haar te prikkelen met een elektrische pulsgenerator en het effect van de prikkeling werd bepaald door de kracht van de samentrekking van de spier te meten. Dit gebeurde met een ingenieus instrument: een draaiende trommel met beroet papier waartegen met een wijzertje een patroon van de uitslag werd vastgelegd. Na afloop van de proef werd het roetpatroon gefixeerd met vernis. Het is meer dan veertig jaar geleden; een moderne student kan zich niet voorstellen met welke primitieve hulpmiddelen we toen proeven deden. Maar het gaat om het begrip van wat er gebeurt. En daarover nu verder.

03 december 2011

Stephen King en de Cuba crisis

De drie hoofdrolspelers in de "Cuba crisis"
Nooit was de wereld dichter bij een atoomoorlog op wereldschaal dan in oktober 1962 tijdens de Cuba crisis. In zijn boek over de moord op president Kennedy beschrijft Stephen King op indringende wijze hoe het er bij de Amerikanen in de straat aan toe ging toen hun bezorgde president een toespraak hield, waarbij de dreiging van de atoomoorlog als reële mogelijkheid onder ogen moest worden gezien. Er waren mensen die uit angst voor de afschuwelijke gevolgen zelfmoord pleegden, zoals in NL voor het uitbreken van WO II.
Kennedy heeft destijds resoluut ingegrepen; in de geheime onderhandelingen hebben beide partijen heel verstandig wat offensief water bij de wijn gedaan; Amerikaanse kernraketten weg uit Turkije tegenover het niet plaatsen van kernraketten op Cuba. Het was het hoogtepunt van de zgn. koude oorlog waarin de VS en de USSR tot de tanden gewapend met atoomraketten tegenover elkaar stonden.
Ik was toen veertien jaar; het heeft op mij niet zo'n indruk gemaakt; ik heb ook niet de indruk dat de vrees voor zo'n oorlog in NL zo groot was. We hadden er natuurlijk ook geen invloed op. Maar wellicht was dit ook wel de tijd van de BB en het inslaan van blikvoedsel en het zitten onder de trap mocht er een atoombom vallen.
Mijn nicht was in die maanden net over uit de VS waar zij met haar ouders enkele jaren daarvoor naar toe was geëmigreerd. Zij was een jaar of achttien en is nadien nooit meer terug gegaan naar Amerika.
Onlangs sprak ik met mijn zoon Peter over de Euro-crisis en het mogelijk uiteenvallen van de muntunie. Hij was al bevreesd voor een Europese oorlog, tenslotte is Europa eeuwenlang een strijdtoneel geweest. Gelukkig kon ik hem dat uit zijn hoofd praten; een Europese oorlog kwam meestal voort uit de vijandigheid tussen Frankrijk en Duitsland waarbij Engeland partij koos. Met het ontstaan van de EU is die angel uitgetrokken; dat was ook het primaire doel van de EU destijds na WO II. Peter was helemaal opgelucht.

02 december 2011

Twee maanden zonder nieuws

De "Vrij Nederland" van deze week
Hij lag gisteren al in de bus, maar vanmorgen, nadat ik op de markt boodschappen had gedaan heb ik hem meegenomen naar boven: de Vrij Nederland. Mijn goede vriend Dick heeft mij (ongevraagd overigens, maar ik stel het zeker op prijs) via een gratis mogelijkheid de bezorging van 10 wekelijkse VN's bezorgd. Eerlijk gezegd vind ik de meeste artikelen niet erg interessant en hooguit inspirerend voor een Bloggie. Maar vanmorgen zag ik reeds op de voorkant een onderwerp waarin ik een bevestiging van mijn eigen manier van leven opmerkte: "Twee maanden zonder nieuws". Nu leef ik al 4 jaar zonder nieuws, althans ik lees geen krant, kijk nooit TV en geniet van boeken, wandelen, koken, muziek en andere rustige vormen van vrije tijdsbesteding. In VN stond een artikel hierover; de schrijver van het artikel had zichzelf 2 maanden (ja ja) van nieuwsabstinentie gegund en het was hem prima bekomen. Hij merkte dat er tijd vrijkwam en dat hij psychisch ook rustiger werd.
Min of meer op aandrang van mijn vriend Peter C. had ik een halfjaars abonnement genomen op de zaterdag editie van de NRC; dat begon me eigenlijk na enkele weken al behoorlijk tegen te staan, al was het maar vanwege de enorme hoeveelheid oud papier die dat genereerde; interessant vond ik het eigenlijk nooit. Deze week belde een dame van de NRC me op en vroeg me naar m'n belangstelling voor de NRC. Het was niet vriendelijk van mij maar ik antwoordde dat ik geen behoefte had aan al die opgeklopte onzin. Tja, zo ervaar ik dat dag tot dag nieuws. De echt belangrijke dingen, voor zover die er zijn, hoor ja altijd wel. Zo werkte ik een paar winters in de stal bij boerderij Boom en Bosch; boer Dirk, die altijd trouw naar het nieuws keek en zijn vakprogramma, "Boer zoekt vrouw" bijhield, hield mij op de hoogte van de belangrijkste gebeurtenissen. Zo vertelde Dirk mij het belangrijke nieuws dat een wethouder in Nijmegen zich in de fietsenstalling liet bevredigen door een lid van de oppositie. Ik bedoel maar!


01 december 2011

Krachtlezen

Afgelopen dinsdag heb ik het boek "22-11-1963" van Stephen King van de bieb geleend. Het is een zgn. sprinter en moet binnen een week teruggebracht worden. Het boek meet 897 pagina's dus dat betekent tempo lezen.
Stephen King is vooral bekend van zijn horror verhalen, niet echt mijn voorkeursliteratuur; ik heb dan ook nog nooit iets van hem gelezen. Maar dit boek krijgt zeer lovende kritieken; het gaat over tijdreizen met als doel het verijdelen van de moord op Kennedy. Tijdreizen is natuurlijk niet mogelijk, maar als literaire spelfiguur vanouds bekend uit de science fiction. Azimov heeft fantastisch met het thema gespeeld, maar ook anderen.
King reist in zijn boek terug naar de jaren vijftig en dat is de tijd die ik beschouw als het optimum van onze Westerse beschaving. En die beschrijving van King, daar smul ik van. Natuurlijk, hoe kan het anders, vooral van de smaak van het voedsel die in die tijd nog uitstekend is en de stilte die nog alom is. Onderling vertrouwen en andere sociale aspecten. Helaas ook het zeer algemeen zijn van het verschijnsel roken. Inderdaad herinner ik mij ook nog wel dat een niet-rook coupé in de trein nauwelijks aanwezig was. In 80% van de treinstellen mocht worden gerookt; vrijwel iedereen rookte in die tijd. En dan natuurlijk het akelige verschijnsel van de rassen discriminatie zoals je die toen nog sterk had in Amerika. Overigens niet in NL omdat er toen nog geen "buitenlanders" manifest waren in ons land.
Ik geniet van die beschrijvingen van de jaren vijftig ondanks dat ik nu als een bezetene moet lezen. Overigens ben ik inmiddels al voorbij pag. 400, dus ik haal het vast wel op tijd!

30 november 2011

Roeien in Haarlemmerliede

De molen van Penningsveer
Vandaag heb ik gezellig de dag doorgebracht met mijn vriend Peter C. Even voor negen uur ingecheckt op station Bilthoven en om 10.11 uur was ik al op station Haarlem Spaarnwoude. Altijd weer een mooie wandeling door het Noord Hollands boerenland naar Spaarndam. Onderweg kom je langs de molen van Penningsveer in de gemeente Haarlemmerliede. Dat is een plekje uit mijn jeugd: met mijn jeugdvriend Bram G. ging ik hier vaak roeien. Voor een paar dubbeltjes per uur kon je hier een roeibootje huren; we vonden het prachtig. Ik weet nog hoe Brams' armen een keer waren verbrand door de zon. Te vroeg na het herstel van zijn huid gingen we weer roeien en hij verbrandde opnieuw zijn huid. Dat kon je jaren later nog zien. Toen we zestien waren namen we onze meissies mee naar "de mooie Nel", zo heet het water hier. Onder de spoorbrug door waar je vreselijk schrok van het kabaal als er een trein overheen ging.
Toen ik hier vanmorgen liep moest ik aan die tijd denken. Met enige fantasie kon ik nog het plekje zien waar we de bootjes konden huren. Een paar jaar geleden heb ik hier in een café met Peter iets gedronken en nog navraag gedaan naar die bootjes van 50 jaar geleden. En de baas wist toen te vertellen dat het zijn oom was die de bootjes verhuurde maar dat was al lang geleden afgelopen.
Die hier zo fraai afgebeelde molen was in die tijd ook maar een bouwval zonder wieken. Prachtig gerestaureerd inmiddels.
Hier huurden we de bootjes

29 november 2011

Isaac Azimov en Stephen King

Omslag van het boek van King


Ik zag een recensie van het nieuwste boek van Stephen King met de titel 22-11-1963, de dag dat JFK werd vermoord door Lee Harvey Oswald. Voor volwassenen uit die tijd een gebeurtenis van jewelste. En nu heeft King een boek geschreven waarin hij naar het schijnt op ingenieuze wijze een proces beschrijft om deze moord te voorkomen; aldus de recensenten een spannend boek. Hij doet dat door een tijdstunnel te bedenken waardoor tijdreizigers naar een tijdstip kunnen reizen enige jaren voordat Kennedy werd vermoord. Azimov heeft een dergelijk verhaal geschreven waarin een soort goden à la Homerus bepaalden hoe zij oorlog konden voorkomen. Zij deden dat door de minimale verandering uit te rekenen. Zo herinner ik mij (en dat is heel basaal gebleven voor mijn manier van denken daarna) dat er een verfblik ergens in een schuurtje op een verlaten plek werd verplaatst van de tweede naar de derde plank, zonder dat er verder ook maar ergens iets veranderde; dit minimale effect zorgde ervoor dat eeuwen later geen oorlog uitbrak; het vlindervleugeleffect, maar wel geschreven zo'n 30 jaar voordat iemand de chaos theorie had bedacht. Azimov was geniaal; hij was dan ook niet alleen science fiction schrijver maar tevens biochemicus.
Laat nu dit boek van Stephen King bij de bieb. op de tafel met zgn. "sprinters" liggen. Voor 1 euro extra mag je het 1 week lenen. Heb ik gedaan; leuk om eens een spannend fiction boek te lezen; doe ik eigenlijk nooit.

28 november 2011

Reuvens, de eerste archeoloog in NL

Prof. C.J.C. Reuvens, archeoloog (1793-1835)

Theo Toebosch heeft een fraai boek geschreven over de archeologie in Nederland: Grondwerk, 200 jaar archeologie in Nederland. Hoewel hij als een moderne W.F. Hermans nogal kritisch schrijft over zijn oude vakgenoten (ja, ja, Toebosch is archeoloog en dus wetenschaps journalist; aan de kwaliteit van zijn boeken kun je dat duidelijk aflezen; hij zou meer bekendheid verdienen) geeft hij veel "credit" aan Casper Reuvens, de eerste archeoloog van vaderlandse bodem; hij legde het forum Hadriani in Voorburg open en deed dat met bijzonder modern aandoende technieken en modern analytisch vermogen. Dat is des te merkwaardiger als je het geklungel van zijn opvolgers ziet. Toebosch beschrijft dat soms op hilarische wijze. Zoals de "opgravingen" hier in de buurt bij Hollandse Rading, die berustten op eenvoudig te ontmaskeren vervalsingen. Er werd zelfs een moderne knoop gevonden in de zgn. haardsteden die wetenschappelijk beschreven werden. Er was niet eens vuursteen gebruikt voor de vervalsingen maar zandsteen. En die strijd tussen Vermaning en Waterbolk. Leuk boek dat ik graag in de belangstelling wil aanbevelen.

27 november 2011

De partij voor de dieren

Roos is lid van de partij voor de dieren en de partij is mij in principe ook bijzonder sympathiek. Vandaag was het congres van de partij en Roos zou erheen gaan. Echter, vanwege de inhoud van de moties die waren ingediend zag zij van deelname af. Wat ze voorzag was toch vooral geneuzel over zielige huisdieren als katten en honden en zeker niet het behoud van de dieren in de natuur.
Gisteren had ik om vergelijkbare reden mijn lidmaatschap van Natuurmonumenten, een organisatie waar ik al decennia lang lid van ben, opgezegd. Er was een tendentieuze enquete gehouden onder de leden, waarvan de opstelling, maar zeker de uitslag me dermate irriteerde, dat ik tot dit besluit kwam. Dat zoetsappige gedoe is niks voor mij; overtollige zwijnen moet je afschieten en de zeldzaamheid van planten en dieren is niet afhankelijk van de enkele liefhebber/verzamelaar die er één of enkele mee wil nemen voor een verzameling maar wèl van goed landschappelijk beheer. En dat betekent niet het spekken van een natuurorganisatie, maar verantwoordelijk landbouw bedrijven en rekening houden met de natuur. Denk aan het waterpeil en het gebruik van landbouwgif en kunstmest. Dat betekent meer betalen voor je voedsel en daar hoor je niemand over, ook niet bij de partij voor de dieren.
We waren met de trein op weg naar een uitvoering van "Vrienden van het lied" en discussieerden over wat voor ons verantwoord met dieren omgaan feitelijk betekent. Op de meeste punten stemden we overeen; zo vinden we dat landbouwhuisdieren op fatsoenlijke wijze moeten worden gehuisvest en dan met name de zoogdieren. Voor kippen geldt dat m.i. wat minder omdat die geen besef hebben. Maar varkens en koeien moeten gehouden worden zoals paarden worden gehouden. Daarbij vind ik wel dat loopstallen voor melkvee, met die walgelijk stinkende mest/urineputten waar de dieren boven lopen, aanmerkelijk slechter zijn in het kader van dierenwelzijn dan de ouderwetse stallen waarin de koeien op stro worden gehouden en gedurende de wintermaanden vast staan. Die stank moet voor die dieren walgelijk zijn en dat een hele winter lang. En verder horen koeien 'szomers in de wei! Daarbij pleit ik ook voor het houden van ouderwetse Hollndse rassen als MRIJ, blaarkoppen e.d. omdat die gewoon in de wei gehouden kunnen worden. Die moderne koeien (Friesian Holstein) kunnen dat niet aan gedurende de lactatietijd die moeten voortdurend vreten (krachtvoer), verteren en 50 liter per dag melk maken; dat vind ik dierenmishandeling!
Waar we wel enigszins over van mening verschilden betrof het doen van dierproeven; dat heb ik vroeger gedaan in het kader van mijn promotie onderzoek naar de pathogenese van SLE; dat verandert wellicht je grondhouding. Het moet natuurlijk wel in alle zorgvuldigheid gebeuren. Roos was ook tegen het doen van proeven tijdens de studie en dan met name de proef met het kikkerpootje. Ik was dat niet zo met haar eens: "juist het doen van zo'n proef doet de kennis beklijven!". Dat daarbij een kikker sneuvelt vind ik niet zo erg; als het doden maar pijnloos gebeurt dan hoort het erbij net als dat een Orka een zeehond opvreet. De mens is nu eenmaal geen dier en gaat daarom verder in haar gebruik van haar omgeving dan louter zoeken van voedsel.
Bij Zwolle aangekomen regende het pijpenstelen en ik was binnen tien minuten nat tot op m'n hemd. Roos bleef en ging een broek kopen op koopzondag in Zwolle; ik ging met de pest in m'n lijf terug naar huis. 

26 november 2011

Einde van een hobby

Daar zat ik als kind achter de piano
Al vanaf mijn tiende jaar houd ik een fotoboek bij; op de eerste bladzijde sta ik als baby, als zesjarige bij de schoolfoto en als jong kind achter de piano. Mijn moeder speelde piano; haar vader vond het destijds heel belangrijk dat een kind een instrument leerde bespelen, een heel modern standpunt voor die tijd. Hij is gestorven toen mijn moeder 9 jaar oud was; ik ken hem echter wel van de vele verhalen van mijn grootmoeder. Er stond een piano in huis en in die tijd was men heel wat kleiner behuisd dat tegenwoordig en het was een behoorlijke "sta in de weg"! Mijn moeder speelde vooral mazurka's en walsen van Chopin; mijn kennis van de muziek was dan ook niet veel groter dan Chopin.
Vanaf pakweg mijn achtste jaar kreeg ik les; mijn toen nog zo jonge moeder deed aan klassiek ballet en had de begeleidend pianist gevraagd of zij aan huis les wilde geven. Dat was juffrouw Dolly, de enige pianodocente die ik gehad heb. Ik had waarschijnlijk wel aanleg want veel studeren deed ik niet maar het ging toch wel aardig, zo aardig zelfs dat ik in de eerste klas van de HBS een tweede prijs won bij de culturele avond (met stukken van Bach en Bartok). Daarmee won ik een schitterende uitvoering van het vioolconcert van Beethoven met Yehudi Menuhin als uitvoerende.
We waren klein behuisd, de piano was oud en de klankkast scheurde, misschien wel tot opluchting van mijn moeder, althans de piano werd afgevoerd zonder dat iemand daar een traan om liet. Ik heb toen jaren geen piano aangeraakt. Maar in 1977 gebeurde er iets vreemds. In die tijd maakte ik kennis met een zekere Hans T., een merkwaardig type dat mij echter wel kennis deed maken met de nocturnes van Chopin. Van die schitterende romantische muziek raakte ik sterk onder de indruk. In die zelfde tijd raakte ik tijdens een 14 dagen durend buitenlands congres/cursus nogal van de kook van een Duitse collega en werd behoorlijk verliefd. Ik moest en zou toen die Nocturnes van Chopin op de piano gaan spelen; vraag me niet waarom, maar dat moest ik van mezelf, ongetwijfeld uit romantische gevoelens. Ik weet nog dat er een huurpiano in huis kwam, dat ik de partituur leende van een vriendin en dat ik de muziek niet eens meer kon lezen omdat ik zo lang niet meer had gespeeld. Maar verliefdheid maakt onverwachte krachten los en in 6 weken kon ik Nocturne nr 1 spelen. Ik sta er nog verbaasd van. Dat was de basis van de hobby die ik met ups en downs tot vandaag heb beoefend. Want vandaag is de piano afgevoerd.
Vanmorgen zou Simon, degene die jaren heeft gestemd, de piano op komen halen. De laatste jaren speel ik nauwelijks meer; ik voel me ontzettend vervelend om in de flat piano te spelen; ik heb het gevoel dat iedereen er last van heeft, vandaar dat ik hem nu maar heb laten afvoeren.
Tot slot Aufenthalt van Schubert gespeeld
Vanmorgen heb ik nog voluit gespeeld, zonder studiepedaal en met volume zo hard als voorgeschreven. Partita's van Bach, liederen van Mozart, de Mazurka van Chopin die mijn moeder altijd speelde en tot slot "An die Musik" van Schubert, der Tod und das Mädchen en helemaal tot slot "Aufenthalt" van Schubert, het lied dat Roos en ik met zo veel genoegen hebben gezongen.
Daar kwamen de mannen en daar ging de piano. Het was moeilijker dan ik dacht om afscheid te nemen.
En daar ging ie dan. 

25 november 2011

Wat een cultuurverschil?!

Op een aanwijzing van Betty J. heb het boek van Rachel Levy "Israel op een doordeweekse dag" gelezen. Ondanks alle perikelen met de Palestijnen is Israël toch wel een staat die je het predikaat "Westers" zou willen meegeven. Er zijn ooit wel stemmen opgegaan om het tot de zoveelste staat van de VS te benoemen, hoewel die geluiden volstrekt verstomd zijn inmiddels. Maar wanneer je dit boek leest dan is het toch wel heel duidelijk dat Israël een staat is van voormalige woestijnbewoners, net als de Arabieren tribaalgericht en zijn de mannen in de ogen van Westerlingen wel erg "Macho" en erg bang om voor een "watje" te worden versleten. Dit gaat ernstig ten koste van hun vrouwen en kinderen, althans in westerse ogen. 
Het boek gaat vooral over de niet voor te stellen problematiek die een Westerse Joodse vrouw ondervindt in en vooral na het huwelijk met een oriëntaalse Jood. Dat wordt fraai in de boekrecensie van een zekere Etsel beschreven. Wat mij vooral heeft gefrappeerd is de grondhouding van de Joodse man aldus dit boek. Er bestaat een Israëlische uitdrukking "Freier", waarin ik mij als Westerse man volstrekt herken; niet-macho zou ik het willen vertalen; rustig in het verkeer, niet alleen maar competitief, empatisch, graag met de eigen kinderen dingen ondernemen, taken verdelen aangaande opvoeding en huishouding, gelijkwaardigheid van man en vrouw in het huwelijk. En dan wordt in dit boek doodleuk beschreven dat de Israëlische man zich bij voorkeur opstelt als anti-Freier; competitief, conflict-zoekend, niet-empatisch maar zelfzuchtig. Tja, ik herken dat in wel meer woestijnvolkeren, dus toch niet zo westers.

24 november 2011

Almudena Grandes


Almudena Grandes signeert
Toen ik las wie dit jaar de Nobelprijs voor de literatuur had gewonnen, de Zweedse dichter Tomas Tranströmer, moest ik direct denken aan die bekende en geestige reclame van Stegemann. Het is me eerlijk gezegd een raadsel wat deze dichter, ongetwijfeld wereldberoemd in Zweden, doet in het rijtje met namen als Thomas Mann, Pearl Buck, Hermann Hesse, Churchill, Hemingway, Garcia Marquez om er maar een paar te noemen.
Almudena Grandes hoort zeker wel in dat rijtje thuis. Het zou mij dan ook werkelijk verbazen als zij niet minimaal genomineerd zou worden in één van de komende jaren. Haar boek "Het ijzig hart" is van een onwaarschijnlijke literaire kwaliteit. Op een wijze die ik ken van Homerus in de Odysseia, voert ze een complexe familiegeschiedenis op, die haar wortels heeft in de Spaanse burgeroorlog. De vertellijn zwiept op geniale wijze van verleden naar heden alsof ze de muze heeft ingefluisterd: "en begin maar ergens", net als bij Homerus.
De Spaanse burgeroorlog, een stuk Europese geschiedenis waarin West Europa in doodsangst verkeerde om te worden vermorzeld door het communisme of Hitler-Duitsland. West Europa dat zich lafhartig opstelde en de jonge Spaanse democratie volkomen in de steek heeft gelaten en uiteindelijk verraden. Hitler, Mussolini en Franco konden hun gang gaan en het Spaanse volk werd vermoord. Dit gebeurde met volledige goedkeuring van de katholieke kerk die met de komst van de democratisch gekozen socialistische regering haar machtspositie was kwijt geraakt.
Die Spaanse burgeroorlog, de opmaat voor WO II heeft mij al jaren gefascineerd; wat heeft hier nu precies plaats gevonden? En hoe kan het dat een fascist (generalissimo Franco) na WO II de leiding van het land heeft kunnen behouden, terwijl in Duitsland en Oostenrijk schoon schip werd gemaakt? Van Upton Sinclair kreeg ik al in zijn Lanny Budd serie een goed overzicht van de geschiedkundige gebeurtenissen en de politieke gebeurtenissen; van Almudena Grandes krijg je een perfecte indruk wat de burgeroorlog voor het Spaanse volk heeft betekend.
Het boek is zo ontzettend goed dat ik het voorzichtig consumeer; ik bewaar de laatste hoofdstukken zodat ik langer kan genieten terwijl ik ontzettend graag de afloop wil lezen. Fantastisch en werkelijk van het niveau Mann, Hesse, Garcia Marquez, Bellow en kornuiten. En eerlijk gezegd is dit toch wel een paar klassen beter dan "De ontdekking van de hemel" van onze beroemde Harry.

23 november 2011

Paddenstoelen na de brand


Eén van de paddenstoelen die ik vond op de verbrande heide

Onlangs kreeg ik het jaarverslag toegezonden van Staatsbosbeheer, regio Strabrecht vanwege mijn vrijwilligerswerk aldaar. Een heel interessant onderwerp betrof de brand die in het jaar 2010 heeft gewoed in een deel van het gebied bij Strabrecht.
Je leest dan in de krant dat een natuurgebied is verwoest. Dat zijn van die grote woorden die het publiek aanspreken; alsof het zich nooit meer zal herstellen. Nu blijkt dat niets minder waar is; de natuur herstelt zich wonderwel en er komen vervolgens nieuwe kansen voor andere organismen. In het jaarverslag las ik dat er op de brandplekken bepaalde zeer zeldzame paddenstoelen waren opgekomen die vrijwel uitsluitend na een brand voorkomen. Voor de volledigheid zal ik hun namen vermelden: citaat uit het jaarverslag daar waar het de gevonden soorten betreft na de brand aldaar:
bijzonder veel zeldzame paddenstoelen zijn gevonden op de brandlocatie van 2 juli. De meeste zijn gebonden aan brandplekken. Zij werden geïnventariseerd door Henk Lammers et. al. van de paddenstoelenwerkgroep Helmond. Zij vonden o.a. kleine oranje bekerzwam, oranje houtskoolbekertje, gewoon houtskoolbekertje, brandplekinktzwam, houtskooltrechtertje, bosrandvlamhoed, rondsporig bekerzwammetje, gladsporig pekzwammetje, geplooide brandplekbekerzwam, dadelbruine randplekbundelzwam, violette brandplekbundelzwam, brandplekbundelzwam, zwarte randplekbekerzwam, beroete brandplekbekerzwam, purperbruine brandplekbekerzwam, brandplekfranjehoed, spinragkuddeschijfje, oliebolzwam, brandpelsbekertje en het opalen pelsbekertje. Einde citaat.

Of de door mij gevonden soorten daarbij zitten kan ik absoluut niet vaststellen.
Er zijn ook insecten die juist naar een brand toe vliegen in plaats van te vluchten en hun eitjes leggen in half verbrand hout of in de lijken van omgekomen dieren. Zo ook de paddenstoelen.
Nu heb ik al eens eerder geschreven over het kleine stukje heide dat 2 jaar geleden verbrand was op het Hulshorsterzand. Ik wilde vandaag weer eens lekker aan de wandel en m'n eieren waren op, dus op naar Hulshorst en naar het brandplekje. Het is niet zo'n groot terreintje maar ik zag nergens paddenstoelen. Slechts verbrande overblijfselen van verhoute heide, erg veel jonge heideplantjes, veel (korst)mossen en wat pollen van het pijpestrootje. Ik wilde al opgeven toen ik aan de rand van het gebiedje een aantal verschillende soorten paddenstoelen zag staan.
Terwijl ik naar het verbrande plekje toe wandelde had ik weinig paddenstoelen gezien, eigenlijk alleen maar een stel vliegenzwammen. Maar op de terugweg zag ik toch wel op een paar plekken van die zelfde bruine zwammetjes. Dus of het nu die zeldzame zijn als in Strabrecht? dat is maar de vraag. Ik zal de foto's voorleggen aan Jap Smits, boswachter inventarisering.
Het was mistig op de heide. Na de wandeling terug ben ik nog even langs de eierboerderij in Nijkerkerveen gegaan om kakelverse eitjes in te slaan; je komt er toch langs met de trein op de terugweg (station Amersfoort Vathorst).
Geheimzinnige atmosfeer op de heide in de mist

22 november 2011

Rudolf Jansen

Rudolf Jansen
Roos had me uitgenodigd voor het galadiner ter ere van het vijftig jarig jubileum van de Vereniging Vrienden van het Lied. Wat heb ik ontzettend genoten van de schitterende liederen die tussen de gangen door werden uitgevoerd door verschillende (groepen) zangers. Heel geestige liederen als kleine stukjes opera over een pasgehuwd stel dat voor de maaltijd een haas wil schieten maar dan gestoord wordt door een boswachter (Robert Hol met z'n imposante gestalte als een beer). Prachtige kwartetten van Schubert; ik heb ervan genoten en ondertussen gezellige kout met de disgenoten.
Eén van de toespraken werd gehouden door Rudolf Jansen, de beroemdste liedbegeleider/pianist van vaderlandse bodem. Zijn naam kende ik al heel lang; ik weet nog dat ik met Lien op de bekende zolderkamer op de Overtoom in Amsterdam woonde. Wekelijks was er een radioprogramma, 'smorgens vroeg waarin Rudolf Jansen iets op de piano ten gehore bracht; nooit vergeten. Daar wilde ik hem op aanspreken en samen met Roos ging ik na afloop naar hem toe, al was het maar om hem een hand te geven. Maar er ontspon zich al direct een gesprek over het begeleiden, over bijzonderheden in partituren. Voor mij opnieuw een hoogtepunt op deze avond waarvoor ik Roos echt dankbaar ben!


21 november 2011

Hoe ver kun je gaan?

Eieren te koop in Nijkerkerveen
Zoals u wellicht weet koop ik mijn voedsel bij voorkeur van de producent. Melk, boter, kaas en kwark bij de zuivelboerderij Boom en Bosch in Groenekan, groenten bij het stalletje aan de Beukenburgerlaan en verder vrijdagmorgen op de markt op de Planetenbaan. Maar voor eieren had ik tot voor kort geen goed adres. Dat veranderde toen ik met mijn broer in Nijkerkerveen was, op zoek naar een voorouderlijke boerderij. Daar bleken eieren te koop en verder bleek ook dat in de tussentijd Amersfoort zo dichtbij was gekropen dat ik via het nieuwste station (Vathorst) heel makkelijk daarheen kon lopen. En de eieren zijn ongekend lekker en kakelvers en ook nog eens spotgoedkoop. Met m'n dalvrij abonnement haal ik tegenwoordig m'n eitjes aldaar. Tja, hoe ver kun je gaan in de geest van Slowfood.

20 november 2011

Bladeren in de herfst


Met een inzet, een betere zaak waardig, worden de gevallen bladeren verwijderd. En natuurlijk gaat dat mechanisch en zeker niet met een bezem. Iedere vorm van lichamelijke arbeid lijkt wel door de ARBO wetgeving of anderszins te zijn verboden. Met ongelooflijk lawaaiïge bladblazers en grote veeg en zuigwagens wordt "de rotzooi" afgevoerd. 
Zelfs tijdens een wandeling door het bos kwamen we een werkwagen tegen die met een enorme bladblazer de bladeren van het bospad afwaaide; de eerste de beste herfststorm doet al dit werk weer teniet. Net als vorig jaar krijg ik in deze tijd het gevoel dat de tuinlieden gek zijn geworden of verslaafd aan kabaal.

19 november 2011

Occupy in Utrecht

Occupy tentenkamp in Utrecht bij het stadhuis
Toen ik voor het eerst las over de occupy beweging in de USA leek het mij een sympathieke actie. Zeker na het lezen van het boek "de pias van het pentagon" besefte ik nog sterker hoe een onbekende bovenlaag van "managers", of hoe je hen ook moet noemen, geweldig hun belangen uitspeelt ten koste van het algemeen belang. Natuurlijk is dat inherent aan het kapitalisme, maar de perverse vormen die dat kan aannemen zoals bijvoorbeeld bij de IJslandse crisis (ik noem die omdat ik de gang van zaken een beetje kan begrijpen), de uitwassen, daar kan ik geen begrip voor opbrengen. Ik beschouw dat als onzedelijk gedrag en daar protesteert deze club tegen denk ik.
Het doet me denken aan de Provo beweging destijds in Amsterdam, maar dan op wereldschaal. En provo heeft nogal wat in beweging gezet in die zestiger jaren. Dus.... wie weet?