05 april 2015

De eerste orchideeën op Lesbos

Op zoek naar orchideeën o.l.v. Jan van Lent
Lesbos staat bekend om zijn vogelrijkdom, maar kennelijk ook om zijn orchideeënrijkdom. Vandaag zouden we op excursie gaan met een gids die we om 9 uur zouden ontmoeten bij Molivos. Dus vroeg op; de wekker ging om 7.00 uur, om 8 uur gingen we ontbijten. Met de auto over de hobbelweg van Skala Sikaminea naar Molivos gereden; weinig vogels onderweg, althans onvergelijkbaar minder dan bij de twee keer dat ik hier was op vogelreis met Ruud en Herman.
Op de afgesproken plaats stond Jan van Lent, onze orchideeëngids voor drie dagen ons al op te wachten. Bagage overgeladen en op weg naar de orchideeënplekken. Gezellige kerel, die naar bleek in Amsterdam was opgegroeid op een steenworp afstand van de Josephus Jittastraat waar ik mijn jeugdjaren in Amsterdam heb doorgebracht.
Jan reed ons door het noorden van Lesbos naar de plekken waar de endemische orchidee groeit. Die stond er in redelijke aantallen. Dick maakte uitgebreid foto's; ik zal er eentje van de endeem vragen voor dit Blog.
De harlekijn of de Italica
weet ik ff niet
We reden verder; ik herkende vaak de plekken en de wegen van de vogelreizen en van de excursie van vorig jaar met Roos. Leuk om zo'n eiland beter te leren kennen. Ook hoorde ik dat de organisatie "Lopen op Lesbos" individuele wandelingen aanbiedt waarin je bagage achter je aan wordt bezorgd op de overnachtingsadressen, kortom dat zij aaneengesloten wandelingen aanbieden. Maar eens kijken of dat iets voor ons zou kunnen zijn.
Jan had een culinair voorstel voor de lunch: een zeer authentiek Grieks restaurant waar we heerlijk hebben geluncht (foto helaas mislukt). Het werd een heel geanimeerde dag van vier heren.
Na nog een paar locaties gingen we nog naar Jans' huis in Eftalou alwaar een niet door geiten en schapen betreden stuk grond was met veel orchideeën. Jan had niet te veel beloofd; op dat overigens enorme terrein stonden tal van schitterende soorten waaronder de speculum orchidee, spiegelorchidee met een prachtig blauwe bloem. Dit vond ik verreweg de mooiste die we deze dag hebben gezien, maar ja, wat is mooi.
Het was een heerlijke buitendag vandaag; mijn voorkeur voor dit eiland voelde ik sterk toen ik temidden van geuren, vogelgeluiden, landschappelijke schoonheid en stilte stond te genieten.
Terug over de hobbelweg naar het hotel en weer heerlijk vis gegeten. Het weerbericht voor morgen belooft niet veel goeds; er wordt veel regen verwacht. Mooie dag om de natte gebieden te gaan verkennen; we gaan naar Skala Kalloni om in de zoutpannen naar de steltlopers en de flamingo's te gaan kijken.

04 april 2015

Op weg naar Lesbos

De bloemenpracht van het voorjaar op Lesbos
Dat viel niet echt mee. Deze keer ging ik naar Lesbos met Ab en Dick vD op orchideeën- en vogelreis. Maar zo vroeg in het seizoen - het vakantieseizoen op Lesbos begint eigenlijk pas na hun paasdagen - vliegen zijn nog geen directe vluchten van Schiphol naar Lesbos. We moesten met Transavia naar Athene en dan met een uren later vertrekkende vlucht met Aegean Airlines, een dochter van Olympic Airways door naar Lesbos.
Ik heb van alles afgewogen hoe ik de heenreis zou aanpakken; taxi nemen om 4 uur van huis, lopen naar station Utrecht CS en daar de nachttrein nemen van 4.07 uur of met de laatste bus vanuit het Dr Letteplein. Mezelf kennende betekenen alle opties dat ik toch niet kan slapen. Uiteindelijk besloot ik tot de tweede optie voorafgegaan door lekker stepbridge spelen met Roos en samen vroeg gaan slapen. Nou, echt geslapen heb ik toch niet, maar de wandeling naar Utrecht CS deed me goed. Wèl heb ik gemerkt dat 90 minuten voor die tijd vroeg genoeg is om van huis te gaan, dus om de nachttrein van 4.07 te halen hoef ik niet eerder dan om 2.30 van huis te gaan. Verder heb ik gezien dat er een nachtbus rijdt, bus 412 in ieder geval vanaf het Oorsprongpark op de vrijdag- en de zaterdagavond, dus niet iedere dag. Moet ik maar eens uitzoeken voor een volgende keer. Scheelt nog een half uur.
Uiteindelijk was ik dus veel te vroeg op het station, maar daarom niet getreurd. Aangekomen op Amsterdam CS kreeg ik een SMS van Ab: "we vertrekken", waarop ik antwoordde dat ik er al bijna was. Om 5.00 uur was ik op Schiphol en nam ik een traditionele reuzesaucijs. En daar ging mijn telefoon: "Waar ben jij?", ze waren er al. Ik verbaas me altijd hoe snel een reis verloopt met een automobiel als vervoermiddel.
Inchecken en dan natuurlijk weer wachten onder het motte: "vliegen betekent wachten". Want na een door slapen wel erg bekortte vlucht moesten we weer uren wachten op Athene voordat we uiteindelijk landden op Lesbos. Fijn om weer in die inmiddels zo vertrouwde omgeving te zijn.
De man met de auto van de firma Lesvos Car stond ons keurig op te wachten; we vertrokken met Ab achter het stuur naar Skala Sikaminia waar we onze eerste twee overnachtingen zouden genieten. 'sAvonds werd het steenkoud; door de vermoeidheid hadden we daar behoorlijk last van. Heerlijk gegeten in het hotel waarvan de alleraardigste baas Paris heette net als de minnaar van Helena, destijds de mooiste vrouw van de Griekse wereld.
Vroeg naar bed met zo veel mogelijk warme kleren aan en onwaarschijnlijk lekker geslapen.

03 april 2015

Begrijpt u dit?

Opschrift op de (voormalige?) lagere school te Warns

Bij mijn wandeling van Stavoren, via het roode klif en Warns naar Laaxum enkele weken geleden zag ik het opschrift van de christelijke school waar tijdens de oorlog Rudi van Dantzig onderwezen werd; een stadsjongen uit een communistisch, althans niet religieus gezin werd opgenomen in een allervriendelijkst Fries, streng religieus gezin om aan te sterken en niet van honger om te komen.
Bij het passeren van die school viel mij de onbegrijpelijke tekst op de voorgevel op; kennelijk een zinsnede uit de statenvertaling van "de schrift", de wat mysterieuze tale Kanaäns waaraan de NLers zich eeuwenlang gelaafd hebben.
Ik kan mij taalkundig niets voorstellen bij deze tekst: de vreeze des heeren; wat wordt daarmee bedoeld; wat heeft daar oorspronkelijk gestaan in de griekse tekst bijvoorbeeld.
Afgelopen week heb ik "ergens" (ik weet niet meer waar, het ouder wordend geheugen laat mij helaas in de steek en ik lees kennelijk te veel) gelezen dat de taal waarin iets is geschreven ook heel sterk uitmaakt hoe de betekenis van het geschrevene overkomt. En dat mysterieuze had de protestantse kerk nodig, net las het Latijn in die officiële dependance van de hemel. Vandaar ook dat in streng protestantse milieus de moderne en begrijpbaarder vertalingen van de bijbel werden afgewezen en de statenbijbel nog (Steeds?) gehanteerd wordt, aldus mijn (helaas nog) anonieme bron.
Maar wellicht kom ik deze bron nog tegen wanneer ik mij realiseer wat ik allemaal aan het lezen was de afgelopen weken. Zou Koo van der Wal wel eens geweest kunnen zijn.

02 april 2015

Longevity

Longevity, dit woord kende ik niet eerder; las het onlangs in een artikel in het financieel dagblad. Het heeft iets te maken met de lengte, de verlenging misschien beter van het leven; het leven maar zo lang mogelijk rekken; de mens zo oud mogelijk laten worden. In het artikel werd aangegeven dat de schatrijke ICT mensen in de silicon valley longevity als onderwerp voor verder onderzoek en ontwikkelingen hebben gedefinieerd. Ook werd een steenrijke Rus genoemd die een miljard dollar wilde steken in onderzoek naar het transponeren van de menselijke hersenactiviteit naar een ICT systeem; dus je persoonlijke herinneringen en cerebraal vermogen op een systeem zetten. Je zult als geest maar opgesloten zitten in zo'n kassie. Doet me denken aan een verhaal (vast van Roals Dahl) waarin een bak met daarin de hersenen van iemand drijven met daaraan slechts 1 oog aangesloten. Wanneer de vrouw van die man in die ruimte komt kijkt het oog woedend, ik denk uit machteloze woede, net als die geest in dat kastje.
Ergens anders las ik een opmerking van een deskundige die stelde dat de eerste mens die duizend jaar gaat leven nu al ergens op aarde rondloopt?!
Ik gruw van deze ontwikkelingen. Dat steeds verder afdwalen van onze natuurlijke biologische wortels is mij zo wezensvreemd. Het leven is iets dat je doorgeeft, niet iets dat je individueel maar moet proberen te rekken; wat moet je als steeds maar ouder wordende als je alles al tien keer hebt meegemaakt en wat moet je als maatschappij met al die steeds ouder wordenden.
Simone de Beauvoir heeft dat item prachtig uitgewerkt in een van haar romans, ik meen: "niemand is onsterfelijk" waarvan ik me nog de grenzeloze verveling herinner van degene die al 500 jaar leeft. Moet je je nu indenken dat je als persoon tot het jaar 3000 zou leven, net of er nu iemand uit het jaar 1000 hier zou rondlopen; die zou toch al hardstikke gek zijn geworden?! Misschien ligt het aan mijn fantasie hoor, maar ik weet zeker dat ik niet die persoon ben die genoemd wordt als de potentieel duizendjarige; moet er niet aan denken, begrijp ook niet waarom iemand dit poneert. Net zoiets als een bemande reis maken naar Mars; dat moet je gewoon niet willen; leidt tot niets.

01 april 2015

Zo kan het ook

Paleisje van Jacques en Ellen
Vandaag naar Jacques in de Beemster geweest en naar m'n nicht Vera in Purmerend. Ik had niet zo'n zin om heel vroeg met de trein te gaan dus heb ik een forse investering gedaan om ondanks mijn Dalvrij abonnement in de spits te gaan reizen, ja ja, het kan niet op! Het waaide als bij het laatste oordeel; met muts en handschoenen naar het station en via Amersfoort naar Amsterdam CS. Op het nieuwe busstation moest ik met bus 301 of 306 naar Purmerend, halte Koogsingel om vandaaruit verder via Kwadijk naar Hobrede te lopen waar Jacques vlakbij woont op een paradijselijk plekje in de zeventiende eeuwse polder de Beemster. Maar het vinden van de bus gaat niet meer zo makkelijk wanneer moderne techniek en het toch wat afnemend gezichtsvermogen je daarin beperken. De bus zou op perron H staan, maar daar aangekomen zag ik bus 301 niet aangegeven, daarentegen kwam stadsbus 33 die prompt volliep. Ik vroeg in mijn onnozelheid aan de chauffeur of hij wist of bus 306 hier ook stopte: "nee", dat wist hij niet en hij verwees me weer naar het elektronisch bord. En nu zag ik dat ik niet op H moest zijn maar op M; die verrekte kleine onduidelijke letters leken op elkaar. Nu is dat in de spits geen probleem want de bussen naar Purmerend rijden werkelijk af en aan.
In de door mij genomen bus 301 zat de chauffeur klaar om te vertrekken; op weg naar de Prins Hendrikkade; een onwaarschijnlijke chaos van door elkaar rijdende fietsers, het rode stoplicht negerend, auto's dwars door elkaar, een meneer op de fiets met een aangelijnde hond; ik moest er gewoon om grinniken. En dan via de IJ-tunnel door het noord hollandse landschap; een grote vlucht aalscholvers met de broedvlek onder de vleugels zoals ik van Cyria heb geleerd.
En toen eindeloos door Purmerend, maar niet verder dan de halte M.L. Kingweg en niet naar de Koogsingel. Ik vroeg het aan de chauffeur en je gelooft het misschien niet, maar deze reed speciaal voor mij door naar de halte Koogsingel. Dat was wel een enorm verschil met die k....chauffeur die mij de eerste keer niet naar de halte Vurige Staart wilde rijden.

31 maart 2015

Wat is dat toch anders gelopen

De ramen liggen er al uit.
Bij vijfendertig jaar geleden streken Anneke en ik neer in Bilthoven; we werkten in Utrecht en hadden "iets" gezocht in de buurt en kregen eigenlijk vrij eenvoudig het huis waar we uiteindelijk langdurig zo prettig hebben gewoond; "de Hoflaan". In het begin gingen we wel eens een biertje doen zoals we dat in de Staringstraat in Amsterdam ook wel deden in het buurtcafé. Ik herinner me nog een gesprek met de toenmalige eigenaar van deze kroeg, op de hoek bij het station, het latere "Wijn en Spijslokaal". Hij wilde er hotelkamers in gaan inrichten en een restaurantje en niet alleen een drinklokaal.
Die hotelfunctie heeft het nooit gekregen maar de restaurantfunctie is uiteindelijk onder de formule van Wijn en Spijs tot een succes geworden. Ik heb het echt betreurd dat het pand en daarmee het Wijn en Spijslokaal moest verdwijnen.
Nog even en dan gaat ook dit tegen de vlakte
Tijdens de bouw van de tunnels onder het spoor hier bij het station heeft het pand nog een jaar als kantoor voor Heijmans gefunctioneerd. Maar de bouw bereikt haar eindpunt; Heijmans is nog slechts bezig met de afwerking. Binnenkort wordt het nieuwe station met de tunnel officieel geopend en gaat de oude reizigerstunnel dicht. Daarmee is ook definitief een eind gekomen aan het karakteristieke pand op het hoekje. Het ligt al bijna helemaal in puin.

30 maart 2015

Het ei is gelegd

Inmiddels heb ik de hypothese omtrent het ontstaan van het leven, officieel gecommuniceerd door de link naar de eerste pagina hiervan op mijn Blog kenbaar te maken aan de wetenschappelijke wereld. Toch wel een opwindende aangelegenheid; niet dat mijn levensgeluk ervan afhankelijk is, maar het is toch wel wat als zo'n ei gelegd is; ik heb daar zo'n veertig jaar over gedaar voordat het naar mijn mening zo ver was. Wat mij vooral bleef triggeren was dat men er zo dichtbij was maar die laatste gedachtenstap niet maakte.
Ook dacht ik aan hoe uiteindelijk Roos mij op de achtergrond heeft gestuurd door mij het boek "De rand van chaos", van de pen van Waldrop ter hand te stellen.
Mijn eerste kennismaking met het vraagstuk van het ontstaan van het leven was via de graficus Harry van Kruiningen. Harry had een serie etsen gemaakt met het fascinerend onderwerp "het ontstaan van het leven". Via zijn kennissenkring, een collega van Lien was hij mij op het spoor gekomen; een biochemicus die overigens nog nooit over dit onderwerp had nagedacht, maar best behulpzaam wilde zijn. Van de experimenten van Urey en Miller was ik op de hoogte; in een kunstmatige oeratmosfeer die je onderwerpt aan kunstmatige bliksem worden de bouwstenen van het leven: aminozuren en de kernbasen gevormd. Dit experiment heeft generaties wetenschappers ertoe gezet om te denken in termen van oersoep; een waterige omgeving waarin aminozuren elkaar zouden vinden en tot katalyse overgingen.
Eerlijk gezegd kon ik me daar als biochemicus niet erg in vinden en later las ik ook dat het ontstaan van het leven uit zo'n oersoep net zo onwaarschijnlijk was als dat op een hoop met onderdelen van een vliegtuig na een flinke storm een compleet vliegtuig zou resulteren; er is meer voor nodig voor die ordening. En waar kwam die ordening vandaan?
Als gezegd kreeg ik ergens in de 90-er jaren van Roos het boek van Waldrop en daarin las ik twee woorden: autokatalytische kringprocessen; ik voelde me als Paulus bij zijn bekering, ik meen met de stem uit het brandende braambos (maar zo bijbelvast ben ik niet); als door de bliksem getroffen realiseerde ik me dat hier de sleutel voor het vraagstuk gezocht moest worden; is het leven niet één grote, buitengewoon complexe kring van autokatalyse.
Deze term was afkomstig van de door mij zeer bewonderde Stuart Kauffman en niet lang daarna heb ik de NLse vertaling van zijn toen recent boek "At home in the universe" met de idiote titel "Eieren straalmotoren en paddestoelen" gelezen. Uit dit boek heb ik vooral zijn bewijs opgepikt dat orde vanzelf en onvermijdelijk emergeert, opduikt in complexe energierijke systemen, dissipatieve systemen. En daarna ben ik over dissipatieve systemen gaan lezen; de naam Ilya Prigogine dook al snel op; fantastische maar mij voor een groot deel boven de pet gaande verhalen, maar waaruit ik wel kon opmaken dat open systemen, dissipatieve systemen, de complexe energierijke systemen zich ontwikkelen, complexer worden.
Vanaf dat moment ben ik gaan peinzen: wat kan dit nu geweest zijn als die oersoep dat niet kan zijn geweest, die was niet energierijk genoeg; uit een mengsel van aminozuren ontstaan geen enzymen, laat staan een heel complex van enzymen, met een reproduktieapparaat; dat gaat niet vanzelf, dat kan daar niet uit emergeren. Maar wat dan wel?
Ik begon terug te denken; die toenemende complexiteit die je om je heen ziet is ook gebaseerd op samengaan van systemen; Lynn Margulis was de eerste die aangaf dat mitochondria van oorsprong aparte organismen waren en dat zelfde geldt waarschijnlijk voor de andere organellen die deel uitmaken van eukaryoten. Hé, samengaan van complete complexe systemen, denk eens verder terug?
Uit "At home" van Stuart Kauffman had ik ook zo'n strofe opgepikt: "als je iets niet ziet, maar je weet zeker dat het er moet zijn, dan is het overal", een bijna Griekse spreuk uit het orakel van Delphi, maar toen bedacht ik mij: "dat zijn dus de gesteenten". En toen bedacht ik mij dat het oorspronkelijke, afkoelende sterrenplasma het meest complexe en dissipatieve systeem is dat je je maar kunt voorstellen. En van daaruit kwam ik al verder redenerend tot mijn hypothese.
En dan? Moet je het direct gaan rondbazuinen? Ik dacht het niet, niks voor mij. Eerst maar eens tien jaar over nadenken en tegen vrienden aanhouden. Tot mijn vriend Peter C. zei: "schrijf je gedachten nou eens op in je Blog!". Heb ik gedaan, met een aarzelend begin. Toen las ik in 2010 in de Academische Boekengids een artikel van Xander Tielens waaruit mij duidelijk werd dat de wetenschappelijke wereld er nog geen eensluidende werkhypothese over had geformuleerd. "Nog maar even afwachten", dacht ik. Maar nu in 2015 ook Koo van der Wal tot die conclusie kwam meende ik toch maar eens "uit de kast" te moeten komen.
Roos had mij opmerkzaam gemaakt op het werk van Thomas Kuhn die stelt dat wetenschappelijke doorbraken vaak worden bedacht door mensen uit een heel ander vakgebied. Dat verbeeld ik mij niet, maar ik vind wel dat ik mijn hypothese breder kenbaar moet maken. Verder hoef ik er niets mee; laten jonge mensen er maar eens mee aan de gang gaan; dat is mijn hoop eerlijk gezegd. Laat mij maar van m'n pensioen genieten. En wellicht is iemand anders ook al tot deze gedachte gekomen; prima toch!

29 maart 2015

En toen nam de zon het over

Zo'n afkoelende hoeveelheid gloeiend heet sterrenstof heeft zo op het eerste gezicht weinig uitstaande met onze groene, natte aarde. Bij het afkoelen van die kluit oermaterie ontwikkelden zich de autokatalytische kringprocessen, gingen over naar de organische vorm van deze processen; dissipatieve systemen passen zich aan zolang dat chemisch en energetisch mogelijk is (zie Ilya Prigogin) en zijn een organische fase binnengegaan. De vorming van een molecuul als de haemring, onderdeel van energieabsorberende en overdragende systemen in de biochemie zal zich ongetwijfeld binnen die autokatalytische systemen ontwikkeld hebben.
Vervolgens heeft dit molecuul een cruciale rol gespeeld in de absorptie van lichtenergie van de nabije ster, onze zon!
Alle elementen voor de synthese tot een primitief organisme, inclusief een informatiedragend systeem, de precursor van het RNA zullen op zeker moment bij elkaar zijn gekomen; niet in één keer, maar stukje bij beetje en uiteindelijk hebben geleid tot een eerste ongetwijfeld wat krammenakkig exemplaar dat zich verder op biologische wijze zal hebben ontwikkeld en verbeterd; er was natuurlijk geen concurrentie en er was tijd en substraat in overvloed!
Vervolgens hebben deze organismen zich weer gedifferentieerd in de "tree of life". Daar stopt mijn verhaal definitief. Als het wordt opgepikt en van waarde wordt bevonden dan zijn er groter geesten dan ik die de enorme hiaten die ik noodgedwongen moet overslaan door gebrek aan wetenschappelijk kennis en creatief denken kunnen gaan vullen.
Met mijn hypothese hoop ik een bijdrage te hebben geleverd aan het meest fascinerende dat bestaat: inzicht in het proces van het leven "an sich"!

Hè, een hele opluchting dat ik deze gedachten nu eindelijk heb kunnen formuleren. Of er iemand is onder de lezers die er iets van begrijpt weet ik niet, maar ik moest dit kwijt. Ooit heb ik dit Blog gestart omdat mijn vriend Peter C. vond dat ik mijn gedachten omtrent het ontstaan van het leven moest opschrijven. Ik heb daar over nagedacht sinds mijn twintiger jaren nadat ik door een kunstenaar was gevraagd om over dit onderwerp mee te denken.

Een nawoord in mijn volgend Blog

28 maart 2015

Apatietvorming en autokatalytische kringprocessen

Apatiet is een bepaalde kristalvorm van calciumfosfaat. Dit mineraal komt veel voor; er zijn hele bergruggen die bestaan uit apatiet. De karakteristiek kristalstructuur van apatiet vind je wonderlijk genoeg terug in het biologisch calciumfosfaat dat onderdeel vormt van de botvorming. Naar ik heb begrepen is er van spontane apatietvorming bij menging van calcium - en fosfaationen geen sprake; daar is meer voor nodig. In de biologische vorming van apatiet zijn dat natuurlijk de enzymen die dat voor elkaar krijgen.
Dit enzymatisch proces heeft zich mijns inziens ontwikkeld uit zo'n geëmergeerd autokatalytisch proces waar apatiet uiteindelijk het product van was.
Dus in de prebiotische fase ontstond waarschijnlijk een enorme hoeveelheid apatiet in een zich verder ontwikkelend dissipatief systeem, een autokatalytisch kringproces. De ontwikkeling werd gestuwd door de afkoeling.
Ergens tien vijftien jaar geleden las ik een artikel waarin groeiend apatiet werd beschreven, een bijzonder fenomeen waarbij ik mij realiseerde dat hier wellicht nog sprake kon zijn van zo'n autokatalytisch kringproces; apatiet kan zich niet spontaan vormen ook al is het substraat aanwezig, vandaar.
Het autokatalytisch proces van apatietvorming is er maar één van de vele maar de enige die ik zo duidelijk ook kan duiden in levende systemen, maar zo zijn er heel veel processen geweest waarvan een deel samen is gegaan en tot biologische levensvormen heeft geleid.

Een goed voorbeeld van een autokatalytisch kringproces is de citroenzuur cyclus. Wanneer je de vorming van alle aminozuren vanuit de tussenproducten van de citroenzuurcyclus in aanmerking neemt, die tenslotte ook weer de basis vormen van de enzymen van de citroenzuurcyclus zelf dan begin je langzaam maar zeker te doorgronden hoe ongelooflijk complex dit in elkaar zit. Maar wanneer je dan terugdenkt aan wat ik in m'n eerste blog hieromtrent schreef over de bijna oneindige complexiteit en chemische potentie van het oerdissipatieve systeem waarmee alles begon: het oververhitte sterrenplasma met daarin alle chemische elementen in hyperreactieve staat dan ontstaat (emergeert) toch ook de gedachte dat die enorme complexiteit van een biochemisch systeem daaruit ontstaan kan zijn. Hoe dat precies in zijn werk is gegaan zullen groter geesten dan ik ongetwijfeld beter kunnen beredeneren. Eerst zal het besef moeten doordringen hoe alles kan zijn begonnen en hoe dissipatie en afkoeling de drijvende krachten kunnen zijn geweest tot de uiteindelijke ontwikkeling van het leven uit die complexe chemische materie.

In mijn volgend Blog probeer ik een brug te slaan naar de uiteindelijke fase, de ons bekende afgekoelde wereld, vol organisch-biologisch leven dankzij de warmte en de straling van de zon.

27 maart 2015

Autokatalytische kringprocessen

In stille bewondering voor een vitrine met stenen werktuigen
in dit geval van Neanderthaler mensen
In mijn Blog van gisteren heb ik in grove lijnen beschreven hoe ik mij - na jaren van denkarbeid en het lezen van vlgs mij relevante literatuur - voorstel dat de primitieve voorstadia van de levensprocessen, de autokatalytische kringprocessen zijn voortgekomen; door emergentie van het dissipatieve systeem dat wordt gedreven door de chemo-potentiële energie van het complexe mengsel van alle elementen in de vorm van het oververhitte sterrenplasma. Dat proces vindt plaats zodra afkoeling plaats vindt; hoeft dus niet pas op gang te komen als er sprake is van planeetvorming, zoals meestal wordt gedacht. De afkoeling vormt merkwaardig genoeg de drijvende kracht achter dit proces. Het pré-biotisch leven is dus al op gang gekomen als de planeet aarde zich vormt. Overigens heb ik geen idee hoe ik me dat visueel moet voorstellen. Allemaal chemische processen die afhankelijk van concentratieverschillen door elkaar heen plaatsvinden, die zich weer met elkaar versmelten tot groter complexiteit, zich verder ontwikkelen, voortdurend veranderen, net als de biologische natuur, maar dan op moleculair niveau. De processen die het meest "succesvol" zijn zullen de overhand krijgen; bij de autokatalyse vindt de vorming van product plaats dat al dan niet wordt opgenomen in een ander proces. De uiteindelijke "einproducten" vinden we wellicht terug in de vorm van oergesteenten, ertsen die vaak zelfs voor een chemicus de meest wonderlijke samenstellingen hebben waarvan ik me hardop afvraag hoe die zonder katalysator gevormd hadden moeten worden.
Eén van die gesteenten, apatiet, een vorm van calciumfosfaat komt ook voor in de botten en tanden van de huidige organismen. In mijn volgend blog postuleer ik dat dit een spoor is van de autokatalytische kringprocessen uit het anorganisch verleden.
Wanneer ik dan ook voor een vitrine sta met prachtige ertsen met daarbij hun chemische samenstelling op een verklaringsbordje heb ik een vergelijkbaar gevoel als wanneer ik naar de stenen werktuigen sta te kijken van onze voorlopers in de steentijd; onze voorouders; bij die gesteenten wel heel erg lang geleden.

26 maart 2015

Koo van der Wal en het ontstaan van het leven

Toch weer m'n tanden gezet in het boek van een filosoof: "Nieuwe vensters op de werkelijkheid". Met veel moeite heb ik mij door de stof geworsteld omdat ik vermoedde dat het langs de lijnen zou gaan die ik voor mijzelf heb doordacht sinds de laatste dertig jaar namelijk de ontwikkeling van het leven en de zelfordening die plaats vindt in energierijke complexe systemen, de dissipatieve structuren zoals zij door Prigogine zijn gemunt.
Prof. van der Wal geeft een fantastisch, zeer gedétailleerd overzicht van de ontwikkeling van het filosofisch denken en de natuur. Van het primaat van het niet-begrijpen en alles in de handen van de goddelijke wil te denken; dan Newton met zijn uitgedachte modelsystemen die (had ik nooit bij stilgestaan) natuurlijk niets met de natuur om ons heen te maken hebben. En dan het primaat van het ontwikkelen, van het in de tijd complexer worden, de ontwikkeling van het leven.
Met stijgende spanning kwam ik aan bij de hoofdstukken waar het "ontsteken van het leven", het proces waarbij het anorganische leven overgaat naar organisch en vervolgens het biologische; maar dat kwam niet; ook van der Wal, net als Xander Tielens beschouwt dat als onbegrijpbaar en feitelijk dus als een mysterie.
Net als bij het lezen van het boek: "At home in the universe", van de hand van Stuart Kauffman, de door mij zeer bewonderde onderzoeker die de vanzelfsprekendheid en de onvermijdelijkheid van ordening in een complex systeem heeft aangetoond in een modelsysteem, had ik het gevoel dat ook van der Wal er zo dichtbij was. Ik aarzel al zo lang om mijn gedachten hieromtrent neer te leggen juist omdat deze in mijn ogen grote geesten eraan voorbij zijn gegaan. Ik kan me niet voorstellen dat ik het bij het juiste eind heb, hoewel ik daar wel van overtuigd ben. Nou ja, daar gaat ie dan.

De atomen van de verschillende elementen worden gevormd tijdens het fusieproces in de sterren en bij de ontploffing van sterren aan het eind van hun "leven", de zgn. nova's. Wat resteert is een gloeiend heet plasma, de vierde toestand van materie naast gasvormig, vloeibaar en vast. In een plasma zijn de kernen (nog) niet geassocieerd met de electronen; de electronenschillen moeten nog gevuld worden, niet alleen de buitenste, die uiteindelijk betrokken zijn bij chemische bindingen, maar zelfs de binnenste electronenschillen zijn bij die hoge temperaturen niet gevuld. Dat gebeurt pas wanneer het plasma gaat afkoelen.
De eerste schillen die gevuld worden zijn naar ik meen de binnenste. Maar naarmate het plasma verder afkoelt zullen ook de buitenste, de bij chemische bindingen betrokken schillen gevuld worden. En nu heb je op atomair niveau op dat moment het meest complexe en energierijke systeem dat je je maar kunt voorstellen waarbij chemische verbindingen ontstaan, moleculen elkaars ontstaan zullen katalyseren, waarbij grotere moleculen ontstaan die elkaars vorming eveneens katalyseren. Kortom, hier ontstaan onvermijdelijk autokatalytische kringen, dissipatieve structuren die al naar mate de afkoeling verder gaat groter en complexer worden; de bouwstenen van het leven, zij het in dit stadium nog wel in hoge mate anorganisch. Voor een goed begrip: de reaktie wordt gedreven door afkoeling, een dissipatieve structuur bij uitstek dus en daarmee een perfecte kandidaat voor de eerste fasen van het ontstaan van de precursors van het leven, de autokatalytische kringprocessen. Naarmate de afkoeling verder plaats vindt zal koolstof een belangrijker onderdeel vormen, vergelijkbaar met de rol die plastic heeft in onze moderne cultuur vanwege haar brede toepasbaarheid. Moleculen die niet meer meedoen in dit proces, de eindproducten slaan uieindelijk neer als inerte gesteenten.
Van die anorganische voorgeschiedenis van de levensprocessen vinden we in de huidige biologie nog rudimenten terug. Denk aan de sporenelementen die op cruciale plekken in het biologisch bouwwerk nodig zijn als selenium, zink, molybdeen. Voor een enkele functie kon kennelijk geen adequate organische vervanger worden gevonden, vergelijkbaar met het archaïsche vuursteentje in sommige aanstekers nog steeds de ontsteking is zoals in de oertijd werd toegepast.
In mijn blog van morgen beschrijf ik hoe ik mij voorstel hoe de chemie bij deze afkoelende massa sterrenstof zich heeft afgespeeld.


25 maart 2015

Recept van Melle

Peulvruchten in een buurtwinkeltje in Bilbao
Inmiddels ken ik Melle G. al zo'n jaar of zeven. Toen ik nog maar net op mezelf woonde kwam hij bij me langs om mij in te wijden in Twitter en andere social media weet ik nog. We kenden elkaar van Slowfood en het is vooral het lekker eten dat ons sindsdien bindt, zij het vooral op de afstand van de social media.
Melle schrijft vrijwel dagelijks in zijn facebook pagina een recept en illustreert dat dan met schitterende foto's; het water loopt je dan als kijker in de mond. Afgelopen week had hij een recept dat me nogal aansprak omdat het langs de lijnen liep volgens welke ik ook graag regelmatig mijn dagelijks maal bereid; met uien, knoflook, rode peper en natuurlijk bonen, kortom een flatonisch recept, mijn voorkeur.
Melle maakte het met zgn. heilige boontjes; had ik nog nooit van gehoord. Ik gebruikte kleine, donkere boontjes die ik bij ons bezoek in Bilbao had ingeslagen.
Foto van het gerecht van Melle met de heilige boontjes
In Spanje en Italië kun je tal van soorten bonen in de winkels kopen, terwijl bij onze AH slechts enkele doosjes bruine bonen staan en in de winter spliterwten. De meeste mensen lusten geen bonen krijg ik de indruk of ze kopen bonen in een pot voorgekookt. Maar even een nacht voorweken en dan een uur koken vind ik toch het lekkerste.
Uien bakken in wat olijfolie met knoflook en wat sambal. Ik heb er wat worst van wild zwijn en hert doorheen gesneden en meegebakken en tot slot de voorgekookte bonen. Het was zo lekker dat ik me moest beheersen om niet de hele pan leeg te eten.
Bijgevoegd de prachtige foto van het gerecht van Melle, gecopieerd van zijn Facebookpagina; ere wie ere toekomt!

24 maart 2015

Wat zou dat gaan worden?

Het intrigeerde mij bij de bouw. Wat zou dit worden?
Op 1 augustus 1980 zijn Anneke en ik verhuisd naar Bilthoven, naar de Hoflaan. Bilthoven was toen nog een stuk kleiner dan tegenwoordig. De wijk de Leijen bestond niet en zelfs de plek waar nu al meer dan dertig jaar het winkelcentrum de Kwinkelier is gevestigd was een ongebruikt landje waar kinderen speelden. Het duurde niet lang of op dat landje ontstond bouwactiviteit en al snel stonden er tal van betonnen structuren met voor mij een raadselachtige functie. Vooral een betonnen structuur met daaarin een ronde uitsparing intrigeerde mij; wat moest dat gaan worden?
Het werd al snel duidelijk; die structuren waren de dragers van het hele winkelcentrum en de ruimte die daarmee ontstond werd gebruikt als parkeerruimte voor het winkelend publiek. Dit was nieuw, dit trok van heinde en ver kopers. Het winkelcentrum was vermaard, juist vanwege de vele parkeerruimte en het daarbij behorend gemak van een lift waarmee je direct vanuit de supermarkt van Albert Heijn naar de auto kon met je boodschappenkarretje.
Kwinkelier in verval. Ziet er niet meer uit!
Heden is de Kwinkelier volledig in verval; vele winkeliers zijn vertrokken en wat is gebleven is de grootgrutter. Het centrum is enigszins opgepimpt, maar ik vrees dat het te laat is; het geheel maakt een zielige, desolate indruk. Maar de ronde structur staat nog stoer overeind.

23 maart 2015

Annie

Ik had dit boek van Annejet van der Zijl al eens eerder gelezen, maar lang geleden; bij tweede lezing kwam het me merkwaardig genoeg nauwelijks bekend voor. Had ik het de eerste keer een vrij vermakelijk boek gevonden, daar had ik nu met de hoofdpersoon, Annie M.G. Schmidt nogal te doen. Altijd een beetje een buitenstaander geweest, met name in haar jeugd. Telkens op zoek naar de ware Jacob, kruisten toch steeds getrouwde mannen haar pad. De ridder op het witte paard heeft ze dan uiteindelijk wel gevonden, maar ook hier was toch een wonderlijke constructie nodig om met de vader van haar geliefde een schijnhuwelijk aan te gaan om in ieder geval de juiste achternaam aan haar kind te kunnen geven. Haar roem kwam vooral aan het eind van haar carriëre en dan ook wel met grote en verdiende golven.
In mijn jeugd was het grijze boekje "Het fluitketeltje", met de leuke illustraties heel prominent aanwezig. De regels ken ik nog wel: "Meneer is niet thuis en mevrouw is niet thuis; het keteltje staat op het kolenformuist en het fluit en het fluit en het fluit; we houden het niet langer uit: tuuuuuut."
Uit de biografie van Annejet maak ik op dat het kinderwerk van haar nog steeds veel wordt gebruikt door de ouders. Ik geloof niet dat dat in mijn gezin het geval was, maar ik kan me vergissen; Puck van de pettenflat kwam me wel een beetje bekend voor maar ik geloof niet dat we dat boek hadden. Wèl het boek "de wortelkindertjes", een beetje antroposofisch. Dat heb ik eindeloos voorgelezen. Maar nooit: "meneer van zoeten, waste zijn voeten, 'smorgens vroeg in het aquarium", of "ik heb een tante en een oom, die wonen in een eikenboom, een eikenboom in Laren."
Annie heeft op mijn poëtische inslag in ieder geval grote invloed gehad! Ze vond zichzelf nogal lelijk; maar op de foto op de omslag van dit boek vind ik haar eerlijk gezegd uitgesproken aantrekkelijk.

22 maart 2015

Wat is er nou veranderd?

Regionaal Instituut Dyslexie
Vanmiddag las Roos iets voor waar we beiden nogal versteld van stonden, hoewel, misschien ook wel de bevestiging van een vermoeden. Een docent wiskunde aan het middelbaar onderwijs meldde dat hij een examenvraag wiskunde voor de HAVO uit 1975 niet voor zou durven leggen aan huidige leerlingen van het VWO omdat dat voor hen ondoenlijk zou zijn?! In hoeverre deze opmerking gechargeerd is weet ik natuurlijk niet, maar ik vind het nogal wat als je dit uit "het onderwijsveld" verneemt.
Toen ik afgelopen week op het stationsplein van Den Bosch stond zag ik een gebouw met in grote letters daarop:  "Regionaal Instituut Dyslexie". Dyslexie heb ik in de tijd dat mijn kinderen op school zaten aangemerkt als een obligate manier om langer over een repetitie te mogen doen; in mijn schooltijd werd dat niet onderkend. Maar sinds ik een aantal mensen ken die echt moeite hebben met lezen vanwege dyslexie denk ik daar wel anders over hoor. Maar daar werd vroeger toch niet zoveel aan gedaan.
ADHD, ook zoiets en het vreselijke gebruik om niet te spreken over misbruik van Ritalin om drukke kinderen in de pas te krijgen.
Ik weet eigenlijk niet zo goed wat ik met deze blog aan moet, maar ik krijg zo'n unheimisch gevoel bij deze waarnemingen die naar mijn gevoel in hun gezamenlijkheid op iets lijken te duiden, iets als maakbaarheid en standaardisering van de mens.

21 maart 2015

De equinox

Rudolf had ons voor vanavond uitgenodigd voor de viering van de equinox, het moment dat de zon exact boven de evenaar staat en waarmee de meteorologische lente begint. Hij kondigde dat als volgt aan:

Gezellig, dat jullie zaterdag 21 maart met mij het bereiken van het lentepunt willen vieren. de zon staat dan loodrecht boven de evenaar.
Een heugelijke dag, dag en nacht zijn even lang en de dagen worden steeds langer. De natuur ontwaakt en overal zien we de ontwikkeling. Bosmieren zijn al weer behoorlijk actief als de zon schijnt.
De tuin wordt met de dag groener en na de sneeuwklokjes en de crocussen bloeien nu de anemonen en de hazelaars.

Jullie zijn welkom vanaf vier uur en rond zeven uur schuiven we voor de maaltijd aan. Maaltijd betekent gezamenlijk doorgebrachte tijd, dat is met zijn achten wel toepasselijk.

In Perzië, Azerbeidzjan en Afghanistan wordt op het lentepunt nieuwjaar gevierd (Noroez = nieuwe dag). Hun zeer nauwkeurige kalender begint op die dag. Ze geven elkaar dan cadeautjes. 
Dat was vroeger bij ons ook zo, zij het, dat wij het op 1 april vierden.
In 1562 besliste paus Gregorius, dat Nieuwjaar voortaan op 1 januari gevierd moest worden. In 1575 dwongen de Spanjaarden dat bij ons ook af. Alle provincies gingen over, behalve Drenthe, dat 1 april nog een tijd vol hield als nieuwjaarsviering.

Mensen, die niet overgingen en op 1 april nieuwjaar bleven vieren werden dommerikken gevonden en werden voor de gek gehouden, onder andere met nep cadeautjes. Er zijn overigens ook bronnen, die wijzen op een nog langere internationale traditie van elkaar voor de gek houden op 1 april.

Om helemaal volledig te zijn, het lentepunt valt tegenwoordig meestal op 20 maart. Dat is dit jaar ook zo, 20 maart om 23.45 staat de zon weer loodrecht boven de evenaar. Hij komt daarom op 21 maart precies in het oosten op.

Dit jaar is 20 maart helemaal bijzonder, want er vindt ook een zonsverduistering plaats. Deze begint 's morgens om half tien en bereikt het maximum, zo'n 80%, om 10.37 uur.
Kijk niet in de zon, ook niet met zonnebril. Je kunt de zonsverduistering heel aardig bekijken door met een perforator een gaatje te maken in een stukje dun karton en het zonlicht daardoor heen laten vallen op een muur of elk ander voorwerp. Het karton loodrecht op de richting naar de zon houden voor het mooiste effect.
Je kunt de verduistering  ook op iemands arm of wang bijvoorbeeld projecteren en daar een foto van maken.

Het werd een heel gezellige avond die we al pratend over van alles en nog wat doorbrachten met familie en kennissen van Rudolf. Leuk!
Zie ook de Blog over het joelfeest, waarmee rond 21 december de terugkeer van de zon werd gevierd door onze pré-christelijke voorouders.

20 maart 2015

Glanskop, zwarte mees en hariri

Glanskop
Een grappig afwisselende vrijdag vandaag; geen markt bezocht maar op vogeltocht met vogel/wandelmaatje Cyria en chique gedineerd met Slowfood Convivium Grachtengordel. Eerst watervogels kijken in een nat gebied, een plas vol met verschillende eenden. Smienten en wintertalingen gezien en niet zomaar gezien maar van zeer dichtbij. De smient oftewel de fluiteend is meestal ontzettend schuw en vliegt al weg als je op 100 meter afstand bent. Maar nu niet; ook grappig om het verschil in fourageergedrag te zien bij de verschillende eenden. Terwijl de smient gras stond te grazen waren de wintertalingen met hun snavels in de modder kleine slakjes aan het uitzeven en de wilde eenden aan het grondelen.
Opeens herkende ik het stukje oever van het brede water verderop met een fort als een plek waar ik met mijn oude jeugdvriend Bram roeide als we weer een paar kwartjes bij elkaar gespaard hadden en waar we later met onze meissies in het riet lagen te zoenen; de oever van de "Mooie Nel", zoals dit water heet. Leuk om het na zo veel jaren (ja ja 50 jaar) weer te zien.
Nadat we het plasje gerond hadden en nog wat grutto's hadden gezien gingen we naar de duinen. Cyria kent daar de weg als haar broekzak. Duingebied vind ik toch eigenlijk wel het mooiste landschapstype. Ook met Huib wandel ik graag in de duinen.
We zagen de glanskop en de zwarte mees maar ook de roodborsttapuit, erg veel zelfs en ik vond dat ze er veel dikker uitzagen dan die ik ken van de heidegebieden. Kan natuurlijk komen doordat ze vanwege de koude hun veren opzetten.
Voorgerecht hariri
Zo tegen vijfen zette Cyria me af bij de trein en ging ik op weg naar het tweede onderdeel van de dag: het diner in de Industriële Groote Club bij de Dam in Amsterdam. Ik ontmoette Roos op het station en we liepen over het drukke Damrak naar de club. Daar verwisselde ik van schoenen; mijn stropdas en jasje had ik de hele dag aangehouden niet in de laatste plaats vanwege de koude.
En het werd toch een gezellige avond. We waren de eerste gasten van Paul V. die de avond als altijd had georganiseerd. Lekker drankje erbij en met deze en gene gebabbeld. Daarna aan tafel en ook daar weer zeer geamuseerd met deze en gene van gedachten gewisseld. Het thema van de avond was de Marokkaanse keuken en couscous was dus gegarandeerd al was het maar omdat het vrijdag was, de nationale couscous dag van Marokko, aldus de inleider.
Innig tevreden gingen we naar huis. Ik ben acuut in slaap gevallen; zo'n combinatie van buiten, drankje en lekker eten staat daar garant voor.

19 maart 2015

Het "S woord"

Nog lang niet versleten. Wordt zelden gebruikt
Ach, ik heb er niet echt een hekel aan, het moet tenslotte toch af en toe gebeuren, maar het komt er zo weinig van, altijd is er iets dat belangrijker is. De trouwe lezer van dit Blog zal zich afvragen wat ik bedoel, nou het betreft stofzuigen, inmiddels door Roos en mij gemunt als "het S-woord".
Als het al te erg wordt dan pluk ik bij het voorbij gaan wel wat pluisjes op van de oud en versleten vloerbedekking; maar vorige week had ik mij na het afwassen - ook zo'n ritueel waar ik me zoveel mogelijk aan probeer te onttrekken - voorgenomen om weer eens te gaan stofzuigen. tot haar grote verrassing meldde ik Roos dat ik vandaag toch echt zou gaan stofzuigen.
Maar .... vrijwel op het moment dat ik de stofzuiger uit zijn kast wilde halen belde zoon Peter me op: "Pap, ben je toevallig thuis?", was de vraag. Dat was inderdaad toevallig het geval, want dat gebeurt niet zo gek vaak. Ik dacht nog even snel te gaan zuigen maar vrijwel onmiddellijk ging de bel en stond hij al voor de deur. Tja, wat doe je dan als vader? In ieder geval niet ongastvrij stof gaan zuigen. Dus thee gezet, advies gegeven over de aërobe en anaërobe fasen bij de honingwijnbereiding en wat er verder zo al tussen vader en zoon te bespreken valt; reuze gezellig, samen in het zonnetje op mijn balkonnetje.
En toen hij naar huis ging vanwege zijn rijles was het zulk prachtig weer geworden met volle zon dat ik absoluut op m'n balkon van de bruinende werking moest blijven genieten. En vanavond heb ik gezellig met Cor en HansE bij de Witte Zwaan gegeten; was minstens vier jaar geleden dat we elkaar hebben gesproken en toch vlot het gesprek weer direct. Na afloop hebben we direct een nieuwe afspraak gemaakt voor 17 maart volgend jaar: leuk toch? Voor die tijd heb ik vast wel weer een paar keer het stof in mijn flat weggezogen mag ik hopen har har.

18 maart 2015

Stemmen is burgerplicht

In de berichtgeving lees ik tot mijn ergernis dat er bij de verkiezing van vandaag voor de provinciale staten een opkomst van slechts de helft van de stemgerechtigden wordt verwacht. Dat snap ik niet goed; iedereen schijnt zo zijn of haar mening te hebben over hoe NL wordt bestuurd en daar waar je je uit mag spreken over de bestuurlijke richting die je wenst laat je het afweten.
In een oude Elsevier las ik een artikel over de verwording van de democratie tot een ochlocratie, een pervertering van het systeem vergelijkbaar met hoe hooligans zich gedragen bij een voetbalwedstrijd. In plaats van je favoriete partij toe te juichen tijdens de wedstrijd ga je rel schoppen en vernielingen aanrichten; in plaats van verantwoord te stemmen ga je op populistische "partijen" stemmen of blijf je weg en loop je te kankeren.
Dat was in de tijd van verzuild NL nog niet zo slecht eigenlijk.

17 maart 2015

Echt museum weer?!

Chagall in Den Bosch
Het was vandaag schitterend weer; 'smiddags was het gewoon zomer; zo na een lange winter echt weer om eens lekker te gaan zonnen bij de fitness na een sauna opwarming. Dat is er niet van gekomen want ik had vandaag met vriend Peter C. afgesproken voor een stadswandeling en museumbezoek in Den Bosch.
We ontmoetten elkaar in de Intercity en hebben maar direct een plek gezocht in de niet-stilte coupé want we kunnen er wat van; zo'n dag moeten we altijd flink bijpraten tussen het bekijken door. Eerst maar op een terrasje in de zon met een Bossche bol en een kop koffie en daarna door de stad gekuierd op weg naar de twee musea aldaar. Het was me niet helemaal duidelijk of Peter naar het museum wilde vanwege de architectuur van het gebouw of vanwege de tentoonstellingen; het gebouw was een fraaie integratie van oud en nieuw; de naam van de architect is me ontschoten, maar die hoor ik nog wel van Peter. De in de nieuwbouw gerealiseerde tentoonstellingsruimten vond ik imposant; verrassende ruimten met een adequate verlichting door zon- en kunstlicht; geen schittering in de tentoon gestelde werken. Als gebruikelijk was ik al snel mijn richtingsgevoel kwijt en ben dan altijd verrast hoe Peter zich direct weet te oriënteren. Al snel zaten we op het terras van het museumrestaurant in de zon. Die scheen tot mijn genoegen warm op mijn kalend hoofd; echt zomers gevoel.
Toen nog even snel door het stedelijk museum met een merkwaardige TT waar we snel mee klaar waren en toen was de dag alweer om. Op het station namen we afscheid; gezellig daggie als altijd!