25 juli 2012

4 euro verdiend!

Zomerhit!!!
Na een hete, zonnige dag gisteren aan het strand in Zandvoort, vandaag maar weer eens stevig aan de wandel met dit heerlijke hete weer. Natuurlijk had ik me goed voorbereid op de hitte: vier halve liters water had ik bij me; aan de zijkant van de rugtas. Een heel gewicht, maar je hebt dat wel nodig als het zo warm is. Op station Deventer zag ik een reclame van Albert Heijn: zomerhit van deze week, een halve liter water voor 1 euro. "Zo", dacht ik bij mezelf, "dus vier euro verdiend door zelf water mee te nemen". 
Je ziet het al een paar jaar dat mensen zomer en winter, in de trein of op de fiets, maar aan zo'n flesje/blikje water of erger nog, zo'n dikmakende frisdrank zitten te lurken; net als de iPhone een item dat je beslist bij je moet hebben; stel je toch voor! zonder?!

Mijn rugzak met vier halve liters water





Maar goed, ik heb genoten van een ongehoord fraai natuurgebied, mij tot nu toe onbekend: het Haaksbergerveen. Eerder dit jaar had ik de laatste etappe van het Trekvogelpad, van Usselo naar Haaksbergen al eens uitgeprobeerd. Maar het was toen zo koud dat ik de route sterk heb bekort en het Haaksbergerveen had overgeslagen. Als beloning kreeg ik toen in Haaksbergen een ontvangst door de fanfare vanwege het carnaval.

Oevers met veel zonnedauw (de rode planten)
Maar nu, na die regen van de laatste weken stond het veen er optimaal bij; heel veel zonnedauw, meertjes, oevers met parende, eierleggende libelles; een fascinerend gezicht hoe snel die beesten als koppel eieren kunnen afzetten aan de rand van een oever; had ik nooit eerder gezien. 
Kortom, een heerlijke wandeling door een fantastisch mooi gebied. Hier de GPS-track.

24 juli 2012

Opperdoeser rondjes




John van der Kroon, mijn aardappel"boer".
Normaal koop ik mijn aardappelen altijd op de markt; maar sinds vorige week ook bij de producent zelf. Begon ik in Venhuizen met 2 kilootjes van een onbekend merk, maar wel zo van het land, daar sprak ik vorige week mijn nichtje Janneke met connecties in Opperdoes. Haar "verloofde" is een echte Opperdoezer en van mijn broer hoorde ik dat zij via schoonfamilie over de echte Opperdoesjes beschikken kon. Dus ik was zo brutaal om haar te vragen of ze een paar kilootjes voor me kon scoren. En ja hoor, afgelopen maandag was ik speciaal voor de Opperdoessies (zoals ze aldaar worden genoemd) naar Noord Holland getogen. Ze had drie kilo voor me via een tante en natuurlijk ben ik er direct van gaan koken en eten. Goed gewassen en gekookt in de schil en op het bord ontschild; haché erover en samen met Roos hebben we ervan gesmuld. De volgende dag nog wat opgebakken. Natuurlijk meldde ik Janneke dat ze zo lekker waren en toen vertelde ze me hoe de Opperdoezers (de mensen uit Opperdoes har har) zelf hun aardappels bereiden. Hier het citaat uit haar mailtje:
De echte Opperdoeser ronde
Maar wij schrappen de aardappelen voordat we ze gaan koken, niet schillen maar de schil eraf schrapen. Als je ze van te voren een paar uur onder water legt gaat het schilletje er gemakklijker af. Daarna geheel onder water koken met zout en een klontje boter. Als we ze gekookt eten dan is de jus gesmolten roomboter en als we ze bakken dan bakken we ze in de roomboter. Tja dat heb je met opperdoezer schoonfamilie dan leer je het wel goed eten. En ondanks de vele roomboter val ik af dus gaat goed hahaha.

Verder zei Janneke dat ik ze vooral moet eten zoals ik dat zelf het lekkerste vindt. Zij zal het op de Opperdoezer wijze moeten doen vanwege haar Opperdoezer man.
Nou, dat klontje roomboter bij het koken durf ik niet aan omdat ik bang ben dat het in m'n afvoerpijp van de gootsteen kan stollen en die afvoer loopt al zo slecht. Maar dat compenseer ik vervolgens ruimschoots met een klont boter op de gekookte aardappelen. 
Bij het bakken proefde ik zo'n koud stukje aardappel voordat ik echt ging bakken; gesmolten roomboter met gekookte, koude Opperdoes is ontzettend lekker. Ik heb alles koud opgegeten met gesmolten boter. Een gouden combinatie! Het water loopt me in de mond wanneer ik denk aan gebakken paling met Opperdoeser rondjes!

23 juli 2012

Met Huib op de Strabrechtse heide

Dode boomstammen blijven staan voor de insecten
Nu het zomer is, gaan Huib en ik soms ook wat verder van huis wandelen; het is toch langer licht. Het was Huibs' voorstel om eens op de Strabrechtse heide te gaan wandelen. En laat nou de wandeling eigenlijk daar beginnen waar ik voor de kinderen de natuurexcursies doe in het kader van mijn vrijwilligerswerk voor SBB. Op het paadje waar de solitaire bijen zich soms "en masse" met graafwerk bezig houden liep onze route verder. Het was de Vennekesroute. Hij slingerde door het heide landschap met talloze vennen. Daar was ik allemaal nog niet eerder geweest. Meestal heb ik het na afloop van zo'n excursie wel gehad en wil ik gewoon naar huis. Er vloog een bepaald niet zeldzame "vlinder" rond die ik nog niet ken en daarom hier plaats. (Jap S heeft me de naam inmiddels verteld).
Amata phegea of Phegea vlinder
Dit gebied heeft in het kader van het 75-jarig bestaan van de Uyttenboogaart-Eliasen stichting een bedrag ontvangen om het vierde insectenreservaat van Nederland in te richten. Dit is het gebied waar de voorzitter van de sectie Thijsse zijn sporen heeft verdiend. Van deze sporen zie je e.e.a. terug; in de buurt van het "Hoenderbos" zie je hoog afgezaagde boomstompen. "Geen gezicht" zullen velen bij het passeren van deze plek denken. Maar dat zijn de houtwespen niet met deze passanten eens. Opstaand dood hout, op warme plekken in de zon zijn voor sommige houtwespen van levensbelang. Het is hier niet voor niets een insectenreservaat. 
Van Ab vD leerde ik het schapenzuring kennen; kennelijk heet dat onooglijke maar talrijk voorkomend plantje niet voor niets zo, want ik zag zo'n Kempisch heideschaap met genoegen knabbelen op de stengels van dit op zeer schrale grond voorkomend plantje. 
Kempisch heideschaap "smult" van de schapenzuring
We rondden het Beuven en kwamen bij het stuk van Strabrecht waar 2 jaar geleden een stevige brand had gewoed. Kranten spreken dan van "de verwoesting" van een stuk natuurgebied. En natuurlijk is het ogenschijnlijk een ramp, zeker voor de dieren die bij de brand omkomen. Jap vertelde mij de tragiek van hagedissen die tegen de blussers opsprongen om in veiligheid te komen; smeulende mierennesten; vluchtende insecten die met brandende vleugels in de vlammen omkwamen. Dat is tragiek, natuurlijk. Maar "im grossen ganzen" wordt een gebied er niet slechter van. Juist door het verdwijnen van oude bomen, hoog opgeschoten verhoutte heide ontstaat er weer ruimte voor vernieuwing. Brand geeft zelfs merkwaardig genoeg een impuls aan sommige insecten om erheen te vliegen en eieren te leggen op de omgekomen dieren of op het (half)verbrande hout. Ook bepaalde paddenstoelen komen slechts voor in bossen nadat er een brand is geweest. De natuur heeft overal een oplossing voor kennelijk.
Deel van het verbrande deel van de heide. Nu fraai hersteld.
Het bos zag er nu triest uit met allemaal dode, verbrande bomen. Maar ..... dat is weer heel goed voor de insecten. En de kruidenlaag met de eenjarige planten had nu alle ruimte en het had al met al een bijzonder frisse en bonte aanblik. Fraai zoals het geheel zich aangepast en hersteld had. En ook hier de stompen van hoog afgezaagde bomen. Ik ben reuze benieuwd hoe dit nieuwe insectenreservaat zich zal ontwikkelen.
Huib en ik sjokten natuurlijk verder door het fraaie natuurgebied. uiteindelijk werd het toch weer 24 kilometer. Het is een zeer aan te bevelen wandeling die we hier hebben gemaakt, zeker nu in de vroege zomer.

22 juli 2012

Tussen duim en wijsvinger

Peter voor het tuinkasje
Onlangs was ik bij mijn vriend Peter C op bezoek. Vol trots toonde hij mij zijn nieuwe aanwinst: een kasje om groenten in te kweken in de tuin. En in het kasje waren al veel planten stevig aan de groei gegaan. Als ik me goed herinner tomaten, sla, broccoli en nog enkele. Keurig op rij zoals het hoort. Dat had Peter overigens niet zelf gedaan maar zijn partner Urdice; ze kan niet alleen lekker koken maar houdt ook van tuinieren.
Met deze toch wat koude zomer is het natuurlijk fijn om een kasje te hebben. En Peter meldde me dan ook dat ze al regelmatig uit het kasje hadden gegeten. Maar, nu was er een probleem van entomologische aard, oftewel, er zitten heden rupsen in de broccoli. Groene rupsen dus vast van het koolwitje, waarvan de rups zich graag tegoed doet aan, u raadt het al, koolbladeren en dus ook aan broccoli. Peter had mijn Weblogs over de rupsen gezien en vroeg mij of ik ook een biologische manier van verdelgen wist van deze mede-consumenten van de broccoli. 
Alles keurig op rij
Nu heb ik daar eigenlijk helemaal geen verstand van maar ik heb een geheugen voor grappige zaken en ik wist mij nog te herinneren dat iemand ooit schreef dat de meest biologische manier van verdelging van rupsen gaat tussen duim en wijsvinger. Wanneer je dat dagelijks doet dan krijg je de rupsen er wel onder.
Ik had in de Hoflaan ook een keer koolplanten gezet, boerenkool om precies te zijn. Op een zeker moment zat dat ook vol met de bekende groene rupsen. Maar de volgende dag waren ze allemaal verdwenen?! Opgegeten door de wespen! Alleen die laten zich zo slecht sturen anders zou dat een prachtige biologische wijze van verdelgen zijn. In professionele tuindersbedrijven wordt in de kassen wel degelijk gebruik gemaakt van wespen, van sluipwespen om precies te zijn. Die leggen hun eitjes in de rupsen waarmee die worden uitgeschakeld. Net als in de natuur.

21 juli 2012

Foto voltaïsch effect in Westwoud

In mijn studententijd maakte ik theoretisch kennis met het foto-voltaïsch effect (of misschien was het zelfs al op de HBS, dat weet ik niet zeker meer). Een merkwaardig fenomeen dat al in de eerste helft van de 19e eeuw werd ontdekt. Wanneer je bepaalde materialen aan licht bloot stelde ontstond er een spanningsverschil in dat materiaal. Ik herinner me nog iets met plaatjes Zinksulfide, maar in teksten op internet vind ik dat niet terug. Het spanningsverschil dat ontstond hing niet af van de hoeveelheid licht maar van de golflengt van het licht. Einstein zelf moest eraan te  pas komen om het verschijnsel honderd jaar na de ontdekking te verklaren. Hij kreeg daarvoor dan ook de Nobelprijs.
Zonnepanelen op het dak van m'n broer
Maar inmiddels wordt dit verschijnsel op grote schaal toegepast: zonnepanelen. Zelfs in Hoogwoud, tussen de bloemkolenvelden bij mijn broer is het dak van de schuur met zonne-panelen bedekt. Sinds de Chinezen zich met de ontwikkeling en de productie bezig zijn gaan houden is de prijs zo enorm gedaald dat het puur rendabel is om je huis ermee te bedekken en zelf voor je dagelijkse energie te zorgen. Hadden we die technologische ontwikkeling niet hier in het Westen tot stand kunnen brengen? Iedereen heeft altijd zo de mond vol over innovatie. Eén van onze technische universiteiten had toch het voortouw kunnen nemen, daartoe "gestimuleerd" door de overheid. Dat we ooit met z'n allen over moeten naar alternatieve energie ligt al decennia vast. Maar er iets aan doen, ho maar. En dan pakt China de markt. Logisch toch? Ik heb niks tegen China, integendeel, maar we moeten ons collectief schamen met de USA voorop.

20 juli 2012

Drenthepad van Gieten naar Borger

Bloemenrand voor de insecten. Zaten niet veel vlinders
Er werd mooi weer voorspeld, dus hup een étappe van het Drenthepad. Ik had expres een kleintje uitgezocht, maar het werd toch nog bijna 20 kilometer. Onderweg landbouw, veel bloemen en vlinders en een schitterend stuk heide. Fijne dag gehad en nog lekker gegeten na afloop in het zonnetje op het balkon. Wat wil een mens nog meer.
Hier kun je de track downloaden; is wel handig want de aanloop van en naar de busaansluitingen zijn lastig te vinden.

19 juli 2012

Tenerife in de brand

Vakantiefoto uit zo'n lekker wamr land
De laatste maanden ben ik zo gewend om er voortdurend maar uit te vliegen; op weg naar de uithoeken van ons heerlijke wandelland, museumbezoek, concerten, familie en vrienden in combinatie met wandelen, natuurverkenningen, vrijwilligerwerk. Mijn buurvrouw beneden dacht al dat ik zo gek was op fietsen want ze zag me vaak met m'n rugzakje op met de fiets vertrekken. Maar nee, ik heb helemaal niks met fietsen maar ga met de fiets naar het station; zet de fiets op een vast plekje bij de winkel van Jules, onze drankenman en ga eropuit met m'n Dalvrij abonnement. 
Maar na de wandelingen van de afgelopen dagen heb ik mezelf een rustdag beloofd, niet in de laatste plaats omdat het zulk slecht weer zou worden vandaag (valt als gewoonlijk erg mee!). Overigens worden zomers, als die van dit jaar onze normale zomers, aldus de weermodellen. Door de invloed van de zogenaamde broeikasgassen (m.n. CO2) zal de wereld opwarmen, maar juist in onze streken worden de zomers kouder en grauwer. Nou ja, dit jaar is daar een voorlopertje van; ik vind dat niet zo erg eigenlijk; er zijn nog genoeg warme dagen tussendoor. Maar je zult op een camping zitten met een stel kleine kinderen of een huisje gehuurd hebben aan het strand.
Overigens blijven Roos en ik in de maanden juli en augustus eigenlijk zoveel mogelijk in NL. Het is heerlijk rustig als veel mensen de grenzen zijn overgetrokken. We liepen maandagavond even door ons bos en het was zo verrukkelijk stil. En stilte is zo zeldzaam geworden in onze streken; altijd hoor je wel kabaal van auto's waar je ook bent.
Galaroza, Andalucia in november. Bevalt ons beter
En terwijl het hier in NL zo wisselvallig is staan de vakantielanden in brand, althans ons geliefde Tenerife heeft het moeilijk. Het is er over de veertig graden en de bossen staan in brand. Zul je toch meemaken tijdens je vakantie. Wij gaan graag in het najaar naar die hete landen en niet in hoog-zomer.
Maar vandaag doe ik lekker rustig aan; met Vivaldi's concerten voor viola d'amore op m'n koptelefoontje zit ik vreselijk van m'n huis te genieten; foto's nog eens nalopen of er geen aardige illustratie is voor dit Bloggie. Ben hier thuis eigenlijk alleen maar met slecht weer; verder ben ik net zo'straathond: altijd buiten. Maar niet alleen maar Bloggies schrijven; m'n krentenbrood staat te rijzen en ruikt heerlijk. Straks kneden en afbakken en misschien nog naar m'n zoon Hugo want die is vandaag jarig.

18 juli 2012

Een eik uit 1200

Eikeboom uit de dertiende eeuw
Tijdens de wandeling afgelopen zondag kwamen we een wat oudere heer tegen die bijzonder veel van het gebied wist. Het betrof de Loenermark. Wij waren hier naartoe op weg o.a. omdat hier een aantal heidekoetjes voorkomen. Deze voormalige gids van dit gebied wist dat de eiken die hier stonden uit het jaar 1200 stamden. Ik verwachtte eerlijk gezegd hoge kruinen met enorm dikke stammen. Echter, het waren een soort heuvels rond de wortels met daaruit stekend enkele forse bomen met niet al te dikke stammen. Volgens Ab waren deze bomen tot voor honderd jaar door de schapen en andere knabbelaars "kort gehouden", oftewel regelmatig aangeknaagd en hadden dus nooit de gelegenheid gehad om hoog uit te groeien. 
Ab geeft een hand gras aan een heidekoetje
Wat mij dan bekruipt is de gedachte wat er in de jaren dat deze bomen hier in alle eenzaamheid stonden allemaal gebeurd is. Ze stonden er al in de middeleeuwen, dus ver voor de tachtigjarige oorlog, voordat Noord- en Zuid Holland werden veroverd op de zee.
Verderop, bij de schaapskooi vonden we inderdaad de heidekoeien. Gewend aan schraal voer zijn ze inderdaad klein van stuk. Hier op de foto kunnen ze genieten van een grazige weide maar normaal schijnen ze met de schaapskudde, op de heide hun kostje bij elkaar te moeten zoeken, aldus onze deskundige "gids".

17 juli 2012

Lasius Niger, de wegmier

"Weg" van de wegmier, de Lasius Niger
Lasius Niger, eigenlijk betekent het gewoon zwarte mier, maar in het Nederlands noemen we hem de "wegmier". Ik heb altijd gedacht dat dat kwam omdat hij overal op de weg voorkomt; het miertje dat tussen de stoeptegels voorkomt en daar het zand verspreidt is vrijwel altijd dit miertje. Het doet niemand kwaad maar wordt wel als hinderlijk ervaren wanneer het in huis voorkomt. Ze zijn gek op suiker.
Maar de reden dat zij wegmier worden genoemd is gelegen in het soort structuren dat ze maken in het vrije veld. Hiervan maakte ik afgelopen zondag op de Veluwe de hier getoonde foto. Dit is wel een heel mooi voorbeeld van zo'n mierenweg van de Lasius Niger.
Overigens zie je ook wel eens "paden" van een familielid van L. Niger, van Lasius Fuliginosus, de glanzende houtmier, maar dan gevormd door de mieren zelf die achter elkaar lopen langs geurpaden. Deze mieren hebben van zichzelf een heel kenmerkende geur. U kent ze vast wel, kijk anders eens heel precies naar de bast van eiken. Daar komen ze veel voor; ze leven o.a. van de afscheiding van schorsluizen die vooral op eiken voorkomen. Vang dan een miertje en wrijf dat voorzichtig tussen je vingers en ruik vervolgens aan je vingers. Een heel kenmerkende geur!

16 juli 2012

Wandelrecord verbeterd

Het ging er helemaal niet om om het record te verbeteren; de laatste keer dat ik met Ab over de Veluwe had gewandeld hadden we 34 kilometer gewandeld en was ik in de auto op de terugweg in slaap gevallen. Maar afgelopen zondag, toen we ruim halverwege waren, leek het erop dat het opnieuw zou gebeuren; het record zou worden verbroken. Het is ongelooflijk hoe ver een mens over zijn "grenzen" kan gaan. Eigenlijk had ik nog wel verder gekund, maar de GPS bleef steken op 36,92 kilometer toen we weer, tijdens een forse maar zeer kort durende regenbui, bij de auto kwamen; zo ver heb ik bij mijn weten nooit gewandeld. Misschien die keer met Dick over een hoogvlakte in Frankrijk. Maar toen was ik na afloop zo moe, dat ik met verhoging direct in het hotelbed ben gekropen; dat was precies op de dag dat in China op het Tienanmen plein werd geschoten weet ik nog.
Een wespennest dat is bezocht door een wespendief
(foto Ab en Dick van Dorp, Hijkerveld, Drenthe)
Bijna 37 kilometer hebben we afgelegd en we hebben bepaald niet gemarcheerd. We waren al om 7 uur op de Veluwe in de buurt van Terlet. We werden als gebruikelijk welkom geheten door de Schotse Hooglanders. Gewapend met verrekijkers speurden we naar herten en vogels. Herten hebben we ditmaal niet gezien; wel veel sporen, maar geen enkele bok of hinde, laat staan een kalfje. Maar tot enthousiasme van Ab zagen we een wespendief; een vogel met een bijzondere leefwijze. Hij speurt naar insecten en ziet hij een wesp, die met voedsel beladen op weg is naar het wespennest, dan gaat hij er als een speer achteraan en plundert vervolgens het nest en vreet een deel van het broed op.
Hij is zo zwaar bevederd dat hij zich van de stekende verdedigers van het nest niets hoeft aan te trekken. Oogjes een beetje dichtknijpen is voldoende. Wij zagen overigens, net als op deze foto alleen het silhouet; een sperwer met een duivenkop  zo benoemde Ab hem.
Duivels naaigaren
Maar ook op het gebied van de flora kreeg ik onderweg bijles: drie verschillende soorten klaver: de kleine klaver, de liggende klaver en de hopklaver. De grappigste flora vondst vond ik het Duivelsnaaigaren of warkruid. Een plantje dat ik niet eerder heb opgemerkt met uitlopers die zich om grasjes en dergelijke wikkelt. Slangenkruid en nog meer soorten; soms duizelt het gewoon maar door er aandacht aan te besteden zie je steeds meer. En het is die opmerkzaamheid die het genieten van de natuur nog vergroot.
Eenmaal thuis gekomen heb ik voor een voedzame maaltijd gezorgd en we hebben nog gezellig zitten kouten. Wel was ik zo moe dat ik, terwijl mijn hoofd naar het kussen viel in slaap ben gevallen. Heerlijke dag gehad zo wandelend in de natuur.

15 juli 2012

Een kaal gevreten vlakte

Struik vol met rupsen
 Aan de andere kant van de afscheiding ligt het landje waar de koeien niet kunnen komen. Verder is het landschap van nature geheel vergelijkbaar. Zandgrond met ruig grasland. Aan deze kant is echter sprake van een opvallende schraalheid. In de eerste plaats oogt het veel droger; geen uitbundige groei van gras, noch van andere opstaande planten. Het Jacobskruiskruid, voor zover het niet door de rupsen is opgevreten bestaat uit wat kleine, miezerige struikjes. Schapenzuring komt heel veel voor en is feitelijk eveneens kenmerkend voor het verschil tussen de twee gebieden. Bij de koeien komt schapenzuring niet of nauwelijks voor; ik heb er nog op gelet. Zal waarschijnlijk ook een kenmerk zijn van zeer schrale zandgrond. Op internet vond ik gemakkelijk de gegevens omtrent de biotoop van schapenzuring die ik hier gemakshalve overneem:
Bodem: Zonnige, open plaatsen op matig droge tot droge, vrij zure, kalkarme, voedselarme tot matig voedselrijke, stikstofhoudende, dikwijls verstoorde grond (zand, leem en veen).
Groeiplaatsen: Kapvlakten, bosranden, brandplekken, akkers (rogge), grasland (kort blijvend grasland, o.a. schapenweiden), grazige heide, bermen, hellingen, tussen straatstenen, uitgeloogde duinen en bij bosjes in zandverstuivingen.

Het gebied dat ik heb bestudeerd en in deze weblog benoem voldoet aan deze beschrijving: zonnig, open en droge zandgrond die ongetwijfeld is uitgeloogd en derhalve weinig voedselrijk.
Ik heb dit schrale gebied eveneens intensief bekeken. Het aantal vlinders is veel geringer; vooral wat kleinere, licht gekleurde vlindertjes vlogen voor m'n voeten op. En dan die Jacobskruiskruid planten. Ze zaten onder de rupsen of waren volledig kaal gevreten. Een aantal rupsen vond je heel gedecideerd op de grond lopend, ongetwijfeld op weg naar een nieuwe plant van het Jacobskruiskruid omdat de oude "op" was.
Volledig kaal gevreten planten van het Jacobskruiskruid
En dan de schapenzuring; juist waar de planten van het Jacobskruiskruid omgeven waren door schapenzuring waren ze sterk aangedaan door de rupsen. Het lijkt wel of schapenzuring een voorkeur heeft voor schraalheid van de zandgrond, misschien de zuurgraad, die tevens de giftigheid van het Jacobskruiskruid beïnvloedt. Hoe schraler, hoe meer schapenzuring; hoe schraler, hoe minder giftig het Jacobskruidkruid, hoe meer rupsen. Zal ik ook eens bespreken met mijn deskundige maatjes. Het is toch wonderlijk hoeveel er te zien valt in de natuur als je maar nauwkeurig kijkt. En dit alles is nog eens gesuperponeerd op het micro-biologisch leven. Dat kent een variatie en potentie die nog vele malen groter is dan wij van de "zichtbare wereld" kennen en daarover beginnen we nog maar de randjes van de sluier op te tillen qua kennis.
Schapenzuring domineert hier wel heel sterk

PS Op 29 juli heb ik de landjes opnieuw uitvoerig bekeken. Op het schrale deel staat vrijwel geen enkele struik meer van het kruiskruid; alles is kaal gevreten op een enkele struik aan de kanten na.
Op een van deze struiken zag ik een rups met daarbij een insect dat ik hield voor een sluipwesp, maar ook een vlieg met rode ogen. De vlieg en de wesp waren actief; ze hadden af en toe interactie maar waren niet agressief tegen elkaar. De wesp leek de rups wel te verdedigen tegen de vlieg. Toen de vlieg op de rups ging zitten, bewoog deze zich een beetje. Verder was de rups erg passief, maar niet dood. Ik zag hem een drolletje uitscheiden. Even kwam er een tweede wesp die met de andere een pas de deux uitvoerde. Niet agressief, maar dat kun je slecht beoordelen van insecten. Deze vloog weer vrij snel weg.
In de kale vlakte kwam ik, afgezien van de enkele struik met rupsen, geen rupsen meer tegen. Wellicht aan het verpoppen. In de minder schrale gebieden waren veel hommels actief, en actief is bij hen ook echt actief. Wat zijn die beestjes ongelooflijk bezig met het verzamelen van nectar en stuifmeel; als razenden. Verder vlinders, vooral bruin zandoogje, maar ook 1 metaalvlinder en 1 kleine vuurvlinder en een vlindertje dat ik nog niet ken.

14 juli 2012

Waarschuwing: ik ben oneetbaar!

Bruin zandoogje (Maniola jurtina)
Na mijn eerste bevindingen met de Jacobsrups ben ik nog eens gedetailleerd verder gaan speuren in het natuurgebiedje achter bij de Lakenvelders. Allereerst om nog eens vast te stellen dat die rups vrijwel uitsluitend voorkomt in de gebieden waar de koeien niet lopen.
En nu is het fascinerende dat je bij nadere beschouwing altijd weer nieuwe dingen ziet in de natuur; de variatie maar ook de samenhang van levensvormen is zo groot dat je er alleen maar in verwondering en met bewondering getuige van kunt zijn.
Daar waar de koeien lopen staat het Jacobskruiskruid er prachtig bij: grote planten, veel bloesem en weer veel insecten die op de bloemen leven. Er fladderden vlinders rond; met veel geduld en vele pogingen kon ik een paar foto's maken met mijn daarvoor eigenlijk ongeschikte toestel. Frits B, mijn vraagbaak op het gebied van ecologie en vlinders heeft de verschillende vlinders die ik fotografeerde op naam gebracht, waarvoor dank.
Zuringspanner
Allereerst het fladderende vlindertje, dat ik voor een "blauwtje" hield, maar dat het veel voorkomende, door mij altijd over het hoofd geziene "Bruin zandoogje" bleek te zijn. Het bleef almaar vlakbij de grond onrustig rondfladderen, naar ik dacht op zoek naar geschikte mierennesten (gedrag waarop ik door Jap S. werd gewezen bij het Gentiaanblauwtje; blauwtjes hebben in een bepaalde fase van hun ontwikkeling mieren nodig, vandaar). Op zeker moment meende ik te zien dat er een kikker door het gras struinde, maar nee, dat bleek een enorme grasgroene sprinkhaan te zijn. Verder zag ik nog twee bijzonder fraai gekleurde vlinders. Eén ervan had een rode streping op een okergele achtergrond. Volgens Frits d zuringspanner, Lythria cruentaria. Was me ook niet eerder opgevallen en ik vond het van een grote schoonheid. Nog een vlindertje, een blauw beestje, de metaalvlinderAdscita statices. 
St Jacobsvlinder. Mooi rood is niet lelijk maar wel oneetbaar!
Uiteindelijk zag ik ook de opvallend rode vlinder van de St Jacobsrups, hoe kan het anders, de St Jacobsvlinder. Die bleef rustig zitten en na enkele pogingen kon ik hem/haar gewoon pakken en op de foto zetten vanuit de hand. Feitelijk een indirect bewijs voor de giftigheid van het beestje. Dit komt vanwege het gif dat de rups via het vreten van het giftige Jacobskruiskruid naar binnen krijgt, waarvan hij wel een behoorlijk deel kwijt raakt bij het vervellen maar dat uiteindelijk in voldoende mate in de vlinder aanwezig blijft om deze giftig te doen zijn voor predatoren; vogels zijn gewaarschuwd door de opvallende, felrode kleur en zullen hem, gewaarschuwd als ze zijn, met rust laten. Dat zie je eigenlijk altijd bij "gevaarlijke" dieren of ze nou giftig zijn of steken. Denk maar aan de wesp of de tropische gifkikkers. Een grappig waarschuwingssysteem.


13 juli 2012

Arja en Gijs en vrijdag de dertiende

We hadden het al een poosje geleden afgesproken; vandaag kwamen Arja en Gijs op bezoek. Gezellig dochter en kleinzoon. Ze zouden vroeg komen zo rond een uur of tien en dan zouden we met z'n drietjes door het bos wandelen, voor zover Gijs dat vol zou houden en dan uiteindelijk naar naar de flat. Ik had me er vreselijk op verheugd en m'n flat behoorlijk gekuist en opgeruimd. Maar die arme Arja had tegenslag op tegenslag. De eerste trein, de Intercity reed niet vanwege een ongeval. Vervolgens strandde ze in Woerden en nam ze de  verkeerde trein naar Breukelen (omdat dat niet goed was aangegeven en ze niet goed op het omroepbericht had gereageerd). Huilend had ze Walter opgebeld, maar alle moed weer bij elkaar geraapt en vrolijk en wel stapte ze uiteindelijk even over twaalven uit de bus, met een slapende Gijs in de wagen.
Om 12.05 uur stapten ze uit de bus
We hadden de boswandeling al uit het programma gesneden. Gewoon gezellig bij mij thuis op de flat een boterham eten en een verse jus d'orange (uitgeperst sinaasappelsap voor puristen) gedronken en een beetje bijkomen van de reis. Gezellig hoor zo'n kleine dribbelaar in huis en zo'n gezellige kletskous van een dochter op de bank. Ze is zo dol op haar Gijs. Het is leuk om te zien hoe zo'n jonge moeder met haar kind over de grond rolt en met hem speelt; bijna als twee jonge honden. Als opa kon ik er echt van genieten. Eindeloos met de deur klooien, het inductiefornuis in gang zetten. Tot mijn verbazing wist hij met z'n kleine vingertjes een functie op mijn moderne fornuis in werking te zetten waarvan ik wel vermoedde dat die erop zat, maar ik wist niet hoe ik die zou moeten instellen: een alarmklokje. Maar eigenlijk is hij met zijn 19 maanden behoorlijk gehoorzaam en voorzichtig. Roos kwam ook; leuk om te zien dat Gijs echt op Roos gesteld is. Later kwam Suus nog, vriendin van Arja; zij gingen na de thee naar de nieuwe flat van Suus. Dat was het einde van een roerig dagje dat wat anders liep dan ik had verwacht maar toch heel genoeglijk was. Tussendoor had Arja nog met veel moeite het peuterbedje, dat ik bij Wehkamp had gekocht opgezet. Natuurlijk wilde Gijs niet slapen. Toen ze weg waren hebben Roos en ik het weer met veel moeite in elkaar gevouwen. En nu belde Arja dat ze het bedje komt ophalen; ze blijven lekker bij Suus logeren. Nou, eind goed, al goed. Kijk hier voor de fotoserie van vandaag:

12 juli 2012

Zuiderzeepad in West Friesland

Het is niet echt een étappe die ik nog een keer ga overlopen omdat hij zo bijzonder was. Hij loopt geheel over asfalt. Nu had ik nog het geluk dat de dijk werd gerestaureerd zodat ik nauwelijks last had van doorgaand verkeer, maar normaal gesproken moet dit een rotstuk zijn. Ik begon op station Bovenkarspel Flora.
Mijn broer woonde vroeger vlakbij dit station, maar dat wist ik niet toen ik met Lien de eerste keer naar hem toe ging. We gingen met de trein; vond ik leuk ondanks dat we een auto hadden. Maar we stapten uit in station Bovenkarspel Grootebroek en moesten een behoorlijk eind lopen terwijl Lien "visite laarzen" aan had; mooie laarzen, maar lastig om een eind mee te lopen?! Toen we dit stationnetje passeerden kreeg ik dan ook de wind van voren. Ik moet er nog om lachen als ik hier langs kom.
Vanaf dit station naar de Zuiderzeedijk. Je komt dan langs de oude haven van Grootebroek met een scheepslift, vroeger een houten overtoom, glad gemaakt met klei. En dan verder langs de zeedijk. Een oud gemaal en een leuke B&B nog vlakbij Grootebroek. Er stond een forse wind tegen. Had ik me niet gerealiseerd, anders was ik wel in Hoorn begonnen met de wind in de rug ; nu blies de wind me bijna van de dijk.
De gerestaureerde scheepslift
Verder langs een modern gemaal, de Drieban en langs het treurig skelet van een verbrande boerderij, steeds de zeedijk volgend. Onderweg vooral landbouwgebied. Plotseling kreeg ik een onbedaarlijke niesbui en begon m'n neus te lopen; dat was op het moment dat de wind via een groot veld met bloemen en gras mijn richting op waaide; dat moet mijn nieuw verworven allergische rhinitis zijn. Lastig en een beetje hinderlijk. Hield verderop weer op, ik heb er verder ook geen last van gehad. Als gezegd werd de zeedijk met veel inspanning hersteld. Hij zag er toch stevig genoeg uit en de kracht is er toch wel uit sinds de afsluitingsdijk ons land beveiligt. Maar met grote machines werd grond verplaatst en grote hoeveelheden zwaar gesteente aangevoerd. Het zekere voor het onzekere; goede zaak. Het fraaie Zuiderzeeplaatsje Oosterleek werd gepasseerd.
Altijd dat gelazer met lekke banden; niks voor mij
Onderweg nog een stel fietsers met een lekke band; één van de redenen waarom ik veel liever wandel dan fiets: altijd dat gelazer met lekke banden!
Wel moest ik ter hoogte van het (vlucht)haventje van Wijdenes mijn tocht over de zeedijk onderbreken vanwege de werkzaamheden; ik werd terug gestuurd door een allervriendelijkste jongeman met een oranje hesje. Terug en via Wijdenes kon ik verderop weer op de dijk komen. Nou, dat bleek geen straf. In Wijdenes stond aan de weg een kraampje met ongehoord lekkere kersen en nieuwe aardappelen. Beladen met 2 kilo aardappelen (die naar later bleek buitengewoon smakelijk zijn, zoals ik al verwachtte), een pond kersen en een doos eieren, ging ik weer verder. Verderop weer mooie vogelbroedgebieden van Staatsbosbeheer en vervolgens Schellinkhout, een fraai plaatsje. Intussen had ik getelefoneerd met m'n broer Jan en ik zou hem nog even bezoeken. Dus in Schellinkhout de buurtbus en via Hoorn weer terug naar Enkhuizen en naar m'n broer. We hebben vervolgens nog een ontzettend gezellige avond gehad met schoonzus Thea erbij. Al met al een fijne dag.
Hier de hele fotoserie. Voor de zekerheid de gpx-file; je hoeft eigenlijk alleen maar die saaie dijk af te lopen; dat heb ik nu maar gehad. Nog de étappe van Hoorn naar Monnickendam en nog een paar stukken achter Zwolle en dan heb ik het Zuiderzeepad weer helemaal gelopen. 

11 juli 2012

St Jacobsvlinder en St Jacobskruiskruid

Lakevelders herkauwend tussen het St Jacobskruiskruid
Boeren hebben een hekel aan Jacobskruiskruid in hun land; het is giftig voor het vee. Nu staan er hier achter in het Houdringhebos Lakenvelder koeien in een weiland vol met St Jacobskruiskruid; het staat keurig rechtop in bloei omdat de koeien er geen hap van eten. De koeien liggen gewoonlijk heerlijk te herkauwen in een veld met hoog opgeschoten Jacobskruiskruid. Maar staat het in een weiland waarvan het gras moet worden gehooid dan is het goed mis want de koeien eten het ongemerkt wel wanneer het tussen het hooi zit met alle gevolgen van dien.
Het Jacobskruiskruid is dus behoorlijk giftig. De enige die daar profijt van heeft is de St Jacobsvlinder en natuurlijk de vreetmachine die bij deze vlinder hoort, de opvallend geel-zwart gestreepte St Jacobsrups. Beide zijn giftig; het gif dat de rups binnen krijgt bij het vreten van de bladeren gaat bij het verpoppen gewoon over naar de vlinder. Wat je vaak ziet in de natuur (denk maar aan de fel gekleurde gifkikkers uit het tropisch oerwoud) is dat giftige dieren opvallend gekleurd zijn. De St Jacobsvlinder is prachtig rood gekleurd en valt dus goed op (alleen wat minder tussen de aardbeien har har).
St Jacobsvlinder

Vorig jaar was me al opgevallen dat de rupsen lang niet overal op de waardplant voorkomen. Ook dit jaar vond ik ze toch vooral op de plekken waar ze vorig jaar ook zaten. Reden voor enigszins systematisch onderzoek. Op de plekken waar ze veel voorkomen, zitten de rupsen ook niet op iedere plant; er zijn dan ook plekjes waar geen rups te bekennen is. Op de plek waar ik vorig jaar niets heb gezien en dit jaar eigenlijk ook nog niet vond ik op 2 planten toch enkele rupsen. Dus een absoluut verschil kon ik niet waarnemen. Daarentegen had ik de indruk dat op de plaatsen zonder rupsen de planten er veel beter bij stonden. Het één kan heel goed het ander veroorzaken natuurlijk; zonder vraat, grotere planten. Maar ook omgekeerd misschien; grotere, vitale planten produceren meer gif; kunnen meer in de gifproductie investeren en zijn daarom resistenter zodat er minder rupsen op kunnen groeien.
Een echt verschil in de twee locaties betrof de begrazing; daar waar de koeien liepen en dus flink werd gemest, was de waardplant overvloedig en met stevige planten aanwezig. Het leek ook wel of de grond vochtiger bleef, althans het vocht beter vast hield.
De twee gebieden grenzen aan elkaar; ik heb juist op het grensgebied intensief gezocht en geen enkele rups kunnen vinden. Ik zal het eens voorleggen aan Frits B, vlinder deskundige bij uitstek.
En Frits zei het volgende, waarvoor dank:


Je verhaal is geheel correct. Ik kan er nog aan toevoegen dat er op de universiteit van Leiden grootscheeps onderzoek aan is gedaan, maar jouw waarnemingen passen geheel in de onderzoeksresultaten. Het gif van jacobskruiskruid is een mengsel van verschillende pyrrolizidine-alkaloïden en de aanmaak van alkaloïden door de plant wordt nogal gestuurd door het stikstofgehalte in de bodem. Precies zoals jij dat vermoedt. De grap is de jacobsvlinder zelf het gif benut voor eigen bescherming, maar er niet tegen kan als er heel veel van zit in de plant. 

10 juli 2012

Hutje van de dronken muis

Hier onder dit bankje stond een bierblikje
te bewegen. Er zat een dronken muis in?!
Het is zeker tien jaar geleden dat ik hier in dit hutje bij Monschau met Dick wat zat te zitten. Misschien schuilden we, misschien gingen we wat eten, in ieder geval zaten we hier rustig. Er stond nogal wat rotzooi van feestvierders; zakken van chips en dergelijke, lege flessen en blikjes, sigarettenpeuken en wat er nog meer aan onsmakelijks bij festiviteiten naar binnen wordt geschoven.
Plotseling zag ik één van de blikjes bewegen en ik moest erg lachen; het deed me in eerste instantie aan een tekenfilm denken waarin van die idiote dingen gebeuren. Maar direct realiseerde ik me dat er een beest in het blikje moest zitten. En ja hoor, ik duwde het blikje voorzichtig om met m'n voet (held!) en daar kwam een muis uit het drinkgaatje gewaggeld. Haren opgezet; hij was zo dronken als een muis maar kan zijn. Langzaam drentelde hij de open lucht in, ons lachend achter latend.
Sinds die tijd heet deze schuilplek "het hutje van de dronken muis".

09 juli 2012

Door de regen naar Monschau

Gisteren heb ik eerst Roos uitgezwaaid; ze ging bij eerste gelegenheid terug om haar bejaarde moeder te bezoeken. Ik zou de wandeling van Simmerath naar Monschau, mijn favorietje in m'n eentje gaan doen; Roos had deze vrijdag al gelopen, vandaar. Verder dreigde het een regenachtige dag te worden; nou, dat zou ik inderdaad gaan ervaren.
Roos stapt in de bus op weg naar Aachen
Ik ging welgemoed op weg; via het Hotel zur Post en het beeldje van de landman langs de hoofdweg en richting van het Tiefenbachtal. Voorzichtig vanwege de gladheid naar beneden geschuifeld en bij de asfaltweg linksaf, door het dal van de Tiefenbach.
Ook daar weer een teken van de oorlog: een Amerikaanse familie die de dood van een familielid van een blijvende herinnering wil voorzien; een kruis met een tekst van memorie. Trieste gedachte dat zo'n jonge knul hier moest omkomen in een vuurgevecht met vele anderen natuurlijk, maar zijn naam is aan deze plek verbonden.
Verder gelopen en erg genoten van de uitzichten die toch iedere keer weer anders zijn. Het pad voert voor een belangrijk deel langs de Mathias weg van de Eifelverein, aangegeven met dichte driehoekjes. Het begon te regenen, steeds harder en harder. Bij een bosje van groot hoefblad klonk de regen zo luid op de bladeren dat ik er een filmpje van heb gemaakt. Natuurlijk loop ik liever bij mooi weer, maar de regen viel rechtstandig naar beneden door gebrek aan wind en dan kun je prima lopen met paraplu, zeker met zo'n fraaie stormparaplu zoals ik die van mijn schoonzus heb gekregen, nog dank daarvoor Thea!
Uiteindelijk bereikte ik het dal van de Ruhr en de brug over de Ruhr en toen weer stijl omhoog naar Dedenborn, een klein plaatsje waar je eventueel in het Ortsmitte iets kunt nuttigen. Daar verliet ik als vanouds de Mathias wanderweg en ging over op de Ahr-Venn weg richting Monschau (open driehoekjes). Verder door het dal van de Ruhr op naar Hammer. Op de camping heb ik vroeger vaak m'n waterflesje gevuld; was nu niet nodig vanwege de lage temperatuur; ik had nog niets gedronken. Stevig doorgelopen want ik wilde de bus van half vier halen en ik dacht ten onrechte dat het nog zo'n 18 kilometer verder was. Weer de Ruhr overgestoken en door Hammer, langs de weg. Linksaf het bos in en verder door het dal van de Ruhr. Het landschap is heel afwisselend. Plotseling bleek (en hoe vaak was ik hier al???) dat de wandeling vrijwel was afgerond. Ik bereikte na de bekende bijzonder steile daling de laatste brug over de Ruhr (gleed bijna uit vanwege de gladde planken) en kwam bij "het hutje van de dronken muis". Dat verhaal houdt u van me tegoed.
Hutje van de dronken muis
Het begon opnieuw vreselijk te regenen maar nu zat ik lekker droog. Heb m'n e-reader gepakt en heb een uur zitten lezen in Umberto Eco's "De begraafplaats van Praag", een merkwaardig boek dat speelt in de tijd na de Franse revolutie. Ten slotte, het was weer droog, het laatste stukje naar Monschau gewandeld, water getapt bij het busstation en de bus van 15.27 uur genomen. Heerlijke wandeldag ondanks de regen. 
Op de terugweg bleek dat er wegens geplande werkzaamheden geen treinverkeer was tussen Boxtel en den Bosch. Toen heb ik in Roermond de Veolia trein naar Nijmegen genomen en lekker zitten lezen. Snel droge sokken en een lange broek aangetrokken in de trein. Helaas was het wel erg koud in de trein, kouder dan ik het die dag tijdens al die regen had gehad. Meer foto's en de gpx-file van de route zijn beschikbaar.

08 juli 2012

Onverwachte, lineaire natuurgebieden

Restanten van WO II, geheel  overgroeid
Afgelopen weekend waren we aan het wandelen in de Eifel; we logeerden in Hotel zur Post te Simmerath, een sterk aan te raden Aufenthalt in de Eifel. De omgeving van Simmerath is fraai zoals uit deze Blog zal blijken; verder heeft Simmerath busverbindingen alle kanten op in de Noord Eifel.
Vrijdag had ik "dienst" oftewel ik had een groep kinderen onder mijn hoede in het kader van Expeditie Salamander, het natuur belevings project van Staatsbosbeheer. Daarna ben ik doorgereisd naar Simmerath; ik zat achter een heerlijke Weizenbier op het terras in de tuin van Zur Post toen Roos tegen zessen arriveerde. Zij was 'smorgens in alle vroegte vertrokken richting Eifel en had de fraaie wandeling van Monschau naar Simmerath via het dal van de Ruhr, Dedenborn en het Tiefenbachtal naar Simmerath achter de rug (dus ook trek in een biertje!). 
We waren nog niet eens op onze kamer geweest en schoven direct aan tafel voor een bijzonder smakelijke vismaaltijd. Herr Braun, de baas van het al generaties lang door de familie beheerd Hotel had weer heerlijk gekookt en we lieten het ons goed smaken.
Zaterdag hebben we een rondwandeling gemaakt via Lammersdorf. Onverwacht kwamen we langs een anti-tankwal uit WO II. Die zie je wel vaker in het grensgebied met België. Als een lintvormig natuurgebied lag dit voormalig "gordijn des doods" dwars door het boerenlandschap. In de foto's van deze wandeling kunt u zien dat de betonnen constructies geheel overgroeid zijn en vaak niet eens meer goed zichtbaar; de natuur heeft de ellende van 1944-1945, toen hier vreselijk is gevochten grondig overdekt. Bloemen, vogels, moerassige stukken; afwisseling volop, maar met een keurig vrijgekapt wandelpad over de oude betonnen, onverslijtbare rand.
We bereikten Lammersdorf met haar opvallende Prümer Konditorei en aten een stuk kersenvlaai van grote kwaliteit. Terug via een andere route (zie de gpx file voor GPS gebruikers).

07 juli 2012

Scepsis over wetenschap

Sir Isaac Newton

Nog zo'n ouwe krant die op m'n "salontafel" lag te wachten totdat ik er een Bloggie mee zou voeden. Het gaat om de Volkskrant van dinsdag 5 juni j.l. waarvan ik een stuk in de trein vond. Een artikel van de hand van Stef Aupers, cultuursocioloog (wat is dat nou weer?) die behartenswaardige dingen schrijft over de beleving van wetenschap door Jan Publiek. "Wetenschap is ook maar een mening", is het gevoel dat bij veel mensen kennelijk overheerst. Daarover ben ik nogal verbaasd maar al lezend heb ik zowel begrip voor de mening van "Jan Publiek" als voor mijn eigen verbazing over de genoemde uitspraak. Ergens stuit ik op het begrip "wat is wetenschap?". En dan komt in mij de arrogante Bèta naar boven die alles wat geen natuurwetenschappen betreft niet echt als wetenschap kan kenmerken.
Het gaat mij te ver om de wetten van Newton, die uiteindelijk door Einstein met zijn relativiteitstheorie enigszins werd onttroond, te beschouwen als "maar een mening", ook al bleek zijn theorie niet geheel de juiste te zijn. Dat zelfde geldt wat mij betreft voor de evolutietheorie die, zeker door niet-wetenschappelijke, door de Bijbel geïnspireerde "gelovigen" (what's in the name) ook maar als een mening wordt neergezet. Het werk van Darwin, voortgezet in onze tijd door lieden als Stephen Jay Gould en Richard Dawkins en anderen spreekt toch voor zich!
Albert Einstein

De laatste tijd hoor je vooral uit de hoek van de gamma-wetenschappen van wetenschapsfraude; dat heeft de mening omtrent het betrouwbaarheidsgehalte van "de wetenschap" ook erg veel schade toegebracht. Dankjewel Diederik Stapel et al.
Maar eigenlijk denk ik dat het vooral weer die vermaledijde media zijn die graag verschillen van opvattingen tussen wetenschappers uitvergroten, het publiek in verwarring achterlatend. Een wetenschappelijke discussie is niet gebaseerd op verschillende meningen maar op verschillende interpretaties van harde gegevens, mogelijk zelfs verschillende hypotheses. Door de discussie worden wetenschappers gescherpt in hun meningen. Het verschil met de politiek waar het gaat om overtuigen zal niet voor eenieder even helder zijn en daar zit hem nu juist de kneep. In de wetenschap gaat het niet om de meerderheid, maar om de niet te falsifiëren "waarheid".
Trouwens heel grappig, Marten Toonder heeft ooit een verhaal uitgebracht waarin het juist wel de meerderheid was die besloot wat de uitkomst van een wetenschappelijk probleem was. Hij was een merkwaardige ziener die Toonder.

06 juli 2012

Nicolaus Cruquius

Eigenlijk heette hij Nicolaas Kruik en eigenlijk was hij geboren op Vlieland; we hebben het over Nicolaus Cruquius van Delft, de naamgever van het piepkleine plaatsje aan de Haarlemmermeer ringdijk bij het Cruquius gemaal aan de ringvaart van de Haarlemmermeerpolder.
Staand op de geniedijk bij een "scherfvrij onderkomen"
Afgelopen week hebben Huib en ik een wandeling gemaakt door een onwaarschijnlijk wandelgebied, van Hoofddorp naar Haarlem. Huib had een site ontdekt met allerlei wandelingen van verschillende lengten en vaak tussen NSstations, hetgeen voor het maken van onze wandelafspraken natuurlijk erg handig is. Eigenlijk had ik niet gedacht dat je in dit geïndustrialiseerde gebied, vlakbij luchthaven Schiphol zo leuk kon wandelen, want dat was het geval. Klick hier voor de GPX track. We begonnen over een militaire dijk; in mijn onnozelheid dacht ik nog dat de stevige zeedijk was aangelegd als geluidsscherm, maar hij heette niet voor niks de Geniedijk en was ooit, met veel kosten zo te zien, aangelegd om Amsterdam te beschermen d.m.v. inundatie. Is uiteraard nooit gebeurd, maar de militaire aanleg kon je nog duidelijk zien: hier en daar betonnen constructies in de dijk en halverwege een enorm fort. 
Kunstige gietijzeren constructie in het gemaal de Cruquius
aan de Haarlemmermeer ringvaart
Maar het pièce de résistance van onze wandeling was natuurlijk het Cruquius gemaal met haar legendarisch schepvermogen. Ik had het niet eerder gezien en was behoorlijk onder de indruk van de gigantische constructie. 64 ton water per slag en dat 5 keer per minuut kon worden overgezet om destijds de Haarlemmermeer, bekend als "de Waterwolf" leeg te pompen. (Download filmpje). Hiervoor verbruikte de Cruquius 20 ton steenkool per dag. Drie van dergelijke gemalen werden ingezet en die hadden er ruim drie jaar voor nodig om de gemiddeld 5 meter diep gelegen polder droog te krijgen. Staaltje van durf door de toenmalige koning Willem I die over de tegengestelde belangen heen de beslissing had kunnen nemen om het meer droog te malen; die dictatuur van de monarchie had destijds ook zo haar voordelen. De stoom techniek was nieuw en kwam uit Engeland. Klick voor meer foto's van dit industrieel erfgoed op deze link.
Verder gewandeld langs het Spaarne naar Haarlem. Om nog voor vier uur te kunnen inchecken moesten we er het laatste stuk stevig de pas inzetten; tien minuten voor vier kwamen we aan op het station Haarlem. Weer 22 kilometer van het Hollands landschap genoten. Wat is Nederland toch een prachtig wandelland!

05 juli 2012

Het Higgs boson

Gecopieerd uit het Wikipedia artikel van Internet

Elementaire deeltjes zijn fascinerend. In mijn studie als chemicus heb ik natuurlijk het proton, neutron en electron leren kennen. Maar daarnaast hoorde je dan ook van neutrino's, en andere deeltjes met exotische namen zoals quarks. Het Higgs boson wordt al vele decennia genoemd en voorspeld en het definitieve bewijs van het bestaan van dit magisch deeltje is nu geleverd. Van vriend Dick kreeg ik een link naar een artikel hierover in de NYT. Ik had moeite om de kern uit het verhaal goed te begrijpen ook al omdat ik het Engels niet helemaal begreep en meldde dat aan Dick die mij een verhelderend bericht terugstuurde. Dat wil ik de geïnteresseerde lezer niet onthouden. Dus hier hetgeen Dick mij meldde:


Dit is wat ik ervan begrijp:
Alle deeltjes in het heelal bevatten voornamelijk niks, niks en nog meer niks. Je zou zelfs the whole goddamn universe  in een vingerhoedje kunnen stoppen als je alleen de deeltjes zoals we ze kennen bij elkaar propt. Het punt is dat wij deeltjes met een bepaalde massa ervaren, zonder te begrijpen waar die massa vandaan komt. De higgs-boson was voorspeld als het deeltje wat die massa toekent, Je moet het zien als een soort stroop waar het ene deeltje zonder hinder dwars doorheen vliegt, en andere deeltjes (bijv lood, baksteen, veertjes) in meer of mindere mate worden afgeremd, blijven hangen, redelijk snel (veertjes) of heel traag (lood) door die stroop heen bewegen. Sommigen denken dat de ongrijpbare dark matter uit higgs deeltjes bestaat.En die traagheid die deeltjes krijgen van het ontmoeten van higgs-bosonen ervaren wij als massa, gewicht, en die massa veroorzaakt weer het zwaartekracht-effect met alle bijkomende gevolgen die wij al eeuwen kennen en interpreteren als het draaien om de zon etc.


Met dank aan Dick

04 juli 2012

Volgehouden, dat is groot!

Boter karnen

Mijn drang om zelf mijn dagelijks voedsel te bereiden is altijd groot geweest. Toen Anneke en ik pas in Bilthoven woonden en we een zuivelboerderij hadden ontdekt, zou ik wel eens zelf boter gaan maken. Zonder enige kennis overigens; ik dacht dat je gewoon langdurig in de volle melk moest roeren en dat er dan vanzelf klontjes boter zouden worden gevormd. Ik had een opstelling gemaakt; een statief met daarin mijn boormachine geklemd en van een stukje hardboard een wat lullig roermechanisme gefabriceerd. Het kostte nogal wat moeite om e.e.a. aan de gang te krijgen. Maar, vergelijkbaar met de al eerder genoemde elektriseermachine van Wimshurst (verhaal van WF Hermans), mislukte het experiment volledig en de opstelling stortte in elkaar. Ik heb toch staan schelden en tieren. Pas toen Anneke weer het vriendelijk geluid van mijn piano hoorde, durfde ze zich weer te vertonen. Natuurlijk had zij proestend van het lachen, zonder mij dat overigens te laten merken, de plaats delict verlaten, maar nu kwam zij weer te voorschijn en vertelde me wat ze eigenlijk had willen zeggen, of beter gezegd, had willen declameren:

Als het werk niet altijd lukt,
Leg dan niet te neer gedrukt,
Moe de handen in de schoot,
Volgehouden, dat is groot!

Ze had verwacht dat ik de pot melk met boor en al dwars door het keukenraam had willen gooien; nou ja, zo impulsief ben ik nou ook weer niet. Maar het was goed dat ze even gewacht had, hoewel ik waarschijnlijk zelf ook had moeten proesten van het lachen.
Aan dit versje moest ik vanmorgen denken na de vreselijke afgang gisteravond na de Bridge avond in het kader van het zomerbridge van Bert Nijdam. We bereikten de 18e plaats in een veld van 20 met bijna 40%. Ik had het weer helemaal gehad met Bridge en was direct, gefrustreerd naar huis gefietst. Vanmorgen bij het wakker worden bedacht ik mij dat het toch wel een heel leuke denksport is en dat we gewoon aan ons spelpeil moeten werken! Arme Roos, met zo'n wispelturige bridgepartner.

03 juli 2012

Nooit meer slapen

W.F. Hermans

Een ouwe chagrijn; een misantrope mopperpot. Lang niets van gelezen; ik bedoel natuurlijk Willem Frederik Hermans, de schrijver van het geologisch getinte "Nooit meer slapen". In mijn middelbare schooltijd en vooral in mijn studententijd was ik een bewonderaar van Hermans. Dat wat mopperige sfeertje dat hij feilloos wist neer te zetten vond ik geestig. Maar inmiddels sadder and wiser begon ik weer eens aan genoemd boek. In het begin deed het me denken aan het geneuzel van Voskuil in "Het bureau". Er kwam maar geen tempo in het verhaal ondanks de hilarische gang van de hoofdpersoon langs allerlei karikaturale figuren van Noorse makelij; dat lage tempo kenmerkt overigens het gehele werk. Een stekeblinde, hoogbejaarde professor met dito blinde portier; een directeur "Walvisvlees"; de onmogelijkheid om de luchtfoto's, die absoluut noodzakelijk zijn voor het veldonderzoek boven water te krijgen. Ik had ondanks het hilarisch karakter van het begin toch wel de neiging om het boek weg te leggen. Maar vervolgens begon de beschrijving van de stoere tocht van vier volmaakt verschillende jonge mannen door het woeste Noorse landschap. Tussendoor worden zeer interessante filosofische kwesties aangesneden in de gesprekken van de mannen.
De quintessens van het verhaal is het vinden van bewijs voor het ontstaan van bepaalde ronde meren door meteoriet inslagen in plaats van door smeltend ijs, de meest gangbare en voor de hand liggende oorzaak van dit aldaar algemeen voorkomend verschijnsel. De hoofdpersoon, Alfred vecht tegen het zelfbeeld dat hem is opgedrongen door zijn omgeving; even geniaal te zijn als zijn, jong bij een val in een kloof overleden vader. Het spiegelbeeld van deze vader wordt min of meer gevormd door de alles kunnende reisgenoot "Arne". Wanneer Alfred de vondst had kunnen doen die de hypothese van de meteoriet had bevestigd maakt hij een cruciale fout; in plaats van serendipiteit te tonen toen zijn kompas afweek van de juiste richting, die door zijn alwetende compaan Arne was aangegeven, loopt hij eigenwijs de verkeerde richting in waarmee een eind komt aan zijn vergeefse zoektocht. Ze raken elkaar kwijt, komen elkaar weer tegen bij de meest voor de hand liggende plek, maar helaas, Arne is dood; uitgegleden, ongelukkig gevallen en schedel verbrijzeld.
De apotheose in het verhaal is wel dat hij op de laatste dag van zijn bezoek aan Noorwegen een enorme knal hoort met vuurverschijnselen, die, hoe kan het anders, door een meteoriet inslag zijn veroorzaakt. Toch wel weer leuk om allemaal te herlezen hoewel ik mij afgezien van de doodgevallen reisgenoot eigenlijk niets meer wist te herinneren van het verhaal.

02 juli 2012

Dieselstank

Kromme Rijn

Vandaag heb ik het er lekker van genomen. Laat opgestaan en rustig aan een paar Bloggies geschreven, koffie gedronken en de trein genomen naar Bunnik. Terug gewandeld langs de Kromme Rijn en door terug naar Bilthoven; altijd een fraaie en stille wandeling tot je bij "De Uithof" komt. Daar raast het autoverkeer je weer voorbij een akelige lucht achterlatend. Daar liep ik wat over na te denken. Ik heb maar het idee dat longkanker bij niet-rokers veroorzaakt moet worden door de luchtverontreiniging, met name door de radicalen in ultraverse uitlaatgassen; ik schreef dat al eens eerder op. Tot voor enkele decennia kwam longkanker gewoon niet voor bij niet-rokers en dat is tegenwoordig anders. Er moet dus een nieuwe factor zijn bijgekomen die longkanker veroorzaakt naast sigarettenrook. Nu las ik onlangs dat er in ieder geval is vastgesteld dat uitlaatgassen van dieselmotoren kanker verwekkende stoffen bevatten. Daar liep ik aan te denken toen ik door de tunnel onder de snelweg door wilde. Nu wilde het toeval dat daar juist een dieselgenerator stond te loeien vanwege de één of andere nieuwbouw die daar wordt gepleegd. De generator was zo geplaatst dat de uitlaatgassen (althans voor een deel) in de verlaagde fietstunnel terecht kwamen. Ik probeerde mijn adem in te houden om die vieze lucht niet te hoeven inademen, maar vergeefs. Tot het eind van de fiets/wandel tunnel was de stank heel duidelijk te ruiken. Niet erg handig van Koop Bronbemaling, de firma die met pronte letters op de apparatuur was vermeld; gaan zelf waarschijnlijk nooit met de fiets door de tunnel. Vlak voor me kwam een mevrouw met een heel jong kind voorop de tunnel uit; lekker fris die vieze lucht voor dat kindje, bah!
Door het Houdringhebos naar Bilthoven; even een uitstapje naar de Bieb om "het Drenthepad" terug te brengen (had ik al 9 weken geleend).
Even de kranten doorgekeken en gezien dat Roos op een foto in de Volkskrant stond als deelnemer bij het congres van gisteren van de Partij voor de Dieren; ze piepte net achter de rug van Marjan Thieme vandaan. Fiets opgehaald en terug gepeddeld. Lekker even in de zon gezeten in de tuin van Roos. 

01 juli 2012

Formica's in Ommen


Mischa, Sjoerd, Rudolph en André bij een nest
van Formica Exsecta, de satermier
Kennelijk was het buitje van gisternacht nogal plaatselijk geweest; alleen in Utrecht en omgeving had het kort geregend. Maar gelukkig niet in de omgeving van Ommen, de plek waar de excursie van de Mieren Werkgroep plaats zou vinden; prima mierenweer dus. We begonnen bij een plek waarvan bekend is dat er zich een tweetal minder frequent voorkomende soorten bosmieren bevinden: de Formica truncorum, oftewel de stronkmier en de Formica Exsecta, de satermier.
Beide mieren vormen oppervlakkige nesten en niet die bekende enorme koepelnesten van de veel frequenter voorkomende bosmiersoorten als de Formica Polyctena en de Formica Rufa. Ja ja, ik hang volstrekt ten onrechte de deskundige uit. Die deskundigen waren bij deze excursie de andere deelnemers, afgezien van Sjoerd, die net als ik vooral meeging voor het genoegen en voor het aanleggen van een verzameling. En dat lukte; in totaal had ik na afloop van de excursie de beschikking over 13 verschillende soorten mieren, veilig opgeborgen in Eppendorf buisjes met alcohol. Die ga ik binnenkort eens bekijken onder mijn binoculair, het laagvergrotende microscoop dat ik enkele jaren geleden heb aangeschaft. Daarbij zal ik het boek van Peter Boer "Mieren van de Benelux" hanteren om de kenmerken van de verschillende soorten in beeld te krijgen.
Rudolf onderzoekt een kolonie
van Tetramorium Caespitum op
parasietmieren
Het ligt helaas in mijn karakter besloten dat ik stop met een activiteit op het moment dat ik het gevoel krijg dat ik iets essentieels daarin nooit onder de knie zal krijgen. En dat was sterk het geval bij het determineren van mieren. Vooral het onderscheid tussen de verschillende soorten Myrmica's (knoopmieren) kon ik niet onder de knie krijgen. Maar tevens zit in mijn karakter besloten dat ik die activiteit dan later weer oppak! En dat is met het determineren van mieren heden het geval. Het zal me vast veel plezier opleveren, net als het herkennen van vogels aan hun geluiden. Daar wist André trouwens ook verschrikkelijk veel van en niet alleen van mieren. Hij is niet zomaar voorzitter van de Mieren Werkgroep!