02 september 2014

De Habsburgers

Catharina van Alexandrië, heeft niets met
de Habsburgers of het festival te maken.
Prachtig houtsnijwerk in het Catharijneconvent
Het houdt maar niet op; vanmorgen in alle vroegte met de trein van 8.58 naar Utrecht voor een lezing van een kunsthistoricus over de Habsburgers in het kader van het festival Oudemuziek te Utrecht. Het vond plaats in de foyer van het Vredenburg. Ik werd opgewacht en men vroeg of ik voor de "summerschool" kwam. Ik ontkende natuurlijk en zei dat ik voor de lezing kwam: "ja, de summerschool" dus. Ik moest er wel om grinniken; zoals wandelen tegenwoordig "trekking" heet, zo heet een lezing kennelijk tegenwoordig "summerschool", op het toegangsbewijs stond zelfs "zomerschool", hoe verzin je het. Mijn oude zwager Bart S. zou zeggen: "stop the world, I wanna get off". Het wordt steeds gekker lijkt het wel als je ouder wordt; is vast van alle generaties.
Maar goed, ik dwaal af. Het was een heerlijke lezing over de ontwikkeling van de Habsburgers, doordesemd met beelden van kunstwerken en een overzicht van het verband tussen historisch-politieke ontwikkelingen en ontwikkelingen in de beeldende kunst en de muziek. Keizer Rudolf II, die zich louter met kunst en wetenschap bezig wilde houden en gelukkig stierf voordat hij actief zou worden afgezet. De andere keizers die hun kinderen en kleinkinderen slim uithuwelijkten en vervolgens oorlog voerden om het ingehuwde bezit vast te houden. Opkomst en ondergang van de twee (Spaans en Oostenrijks) Habsburgse rijken. Keizerin Maria Theresa, de eerste vrouwlijke Keizer in de afstammingslijn betekende het einde van de periode van de Oudemuziek, en het begin van de barok.
Na afloop ben ik naar het Catharijneconvent gegaan om nog wat museale genieting op te doen en verder nog naar het universiteitsmuseum en toen weer naar huis met een forse hoofdpijn.
Vervolgens ben ik in Bilthoven naar de bieb gegaan en heb daar gezocht naar een boek over kunstgeschiedenis; het werd Kunstgeschiedenis voor dummies. En in een midddagje lezen op mijn balkon in het zonnetje heb ik al meer geleerd over de verbanden en de ontwikkeling van kunst daar waar ik als liefhebber van de schone kunsten tot nu toe alles fragmentarisch heb lopen bewonderen; heerlijk!
En 's-avonds lekker gegeten bij Roos en, hoe kan het anders, opnieuw naar een concert, pas om 22.30 en weer het Collegium 1704. De dirigent van het orkest kon zich nu op zijn primaat concentreren: het klavecimbel. Het concert was in kleine bezetting en vond plaats in de Hertz zaal, een goednieuwe, sfeervolle, kleine concertzaal met uitstekende akoestiek en overal goed zicht op het podium We hadden meer dan uitstekende plaatsen en we hebben bijzonder genoten. Helaas moesten we ons al tijdens het obligate staande applaus (het Utrechtse publiek geeft werkelijk overal een staande ovatie voor; je ziet de uitvoerenden er gewoon spottend om lachen; betekent niets meer) naar de trein spoeden. Om 00.30 waren we weer thuis. Poeh, hele onderneming zo'n festival, maar we genieten er steeds meer van. Morgen weer!

01 september 2014

Verhuizen, interview en concert. Wat een dag!

De verhuizing
Hugo zal wat mensen hebben geholpen met verhuizen, maar nu hij zelf moest verhuizen stond hij er samen met z'n lieve Marjorie alleen voor. Nou ja, alleen, ik had aangeboden om in dat (in mijn ogen onwaarschijnlijke geval) als vader hem in ieder geval bij te staan met het van de trap afsjouwen van z'n bankje; dat red je onmogelijk in je eentje. En die lieve Roos bood direct aan om ook mee te komen helpen.
Ik had een volle dag en Roos had ook een druk programma voor deze dag. Maar ruim voor de afgesproken tijd, 9.30 uur waren we in Zeist. Hugo belde onderweg dat hij de huurauto nog moest halen en dat het wat later zou worden, maar ja we waren al onderweg. Was geen ramp; we gingen eerst wat inkopen doen bij de uitstekende notenbar in Zeist en vervolgens wat in het park kuieren. Toen we terug liepen waren ze er nog niet, maar alras hoorden we een toeter en daar stonden ze met een enorme vrachtwagen voor mijn gevoel.
Eerst het bankje de trap afgesjouwd; ging redelijk snel en daarna een groot deel van "de zooi" twee trappen naar beneden, waarbij Roos de eerste trap, Hugo overloop en halverwege de tweede trap en ik het laatste stuk naar de auto en in de auto voor mijn rekening kwam. Zo tegen 11.00 uur stapten we weer op de fiets; het was prachtig weer.
Het "geboortehemd" nog half opgevouwen
Eenmaal thuis gekomen ging ik mij voorbereiden op mijn volgende programma; best spannend; Paul S. zou mij op mijn verzoek komen interviewen. Nog niet zo lang geleden kreeg ik via mijn broer Jan een mp3-tje met daarop een interview dat ergens in de zeventiger jaren was afgenomen van mijn vader; via een tapeje had iemand het vermp-3't, en kon het verspreid worden. Slechte kwaliteit geluid, maar het raakte mij om na al die jaren mijn oude vader te horen in het kader van de afsluiting van zijn radioprogramma (over jazz) bij de ziekenomroep.
De bedoeling van mijn interview was om een dergelijk, maar dan uitgebreid interview met beeld en geluid op te nemen voor "later", voor als ik ook dood ben, of zoveel eerder als dat de kinderen of anderen geïnteresseerd mochten zijn in mijn achtergrond en gedachten, overpeinzingen, een beetje zoals mijn daily blog.
Ik kleedde mij voor de gelegenheid in het "geboortehemd", dat is het overhemd dat ik toevallig aan had bij de geboorte van Joke en Hugo en toen ook heb aangetrokken bij de geboorten van Arja en Peter, vandaar de naam geboortehemd. Vond ik wel passen bij deze gelegenheid. Het lag er nog zo als Anneke het had opgevouwen en gestreken; ik moest denken aan haar lieve handen die dat nog voor mij hadden gedaan zoveel jaren geleden inmiddels.
Paul kwam rond 12.00 uur als afgesproken, installeerde de apparatuur en we gingen van start. Het liep als een speer vond ik zelf; mijn tongriem liet zich van zijn/haar beste kant zien en Paul stuurde mij enigszins volgens de vragenlijst die we samen hadden opgesteld.
Na afloop was ik wel doodmoe, maar er volgde nog meer.
Collegium 1704 tijdens de uitvoering van het oratorium
's Avonds gingen we naar het in de Blog van gisteren genoemde concert van Collegium 1704 en dat was fantastisch; de plaatsen waren deze keer prima en het concert was heel bijzonder. Eerlijk gezegd dacht ik dat het een concertante opera uitvoering was, maar dat werd een oratorium genoemd, een mis over een aards onderwerp, hoewel aards?! Het ging over een wrede, wantrouwige koning die de biechtvader van zijn echtgenote wilde dwingen om hem "de waarheid" te vertellen over wat zijn vrouw voor ontucht had "opgebiecht". Dat weigerde de later tot heilig verklaarde geestelijke uiteraard, en daarom werd hij geroosterd en uiteindelijk verdronken.
Een engel uit de hemel verheerlijkte zijn lijden; daar kon ik niet goed tegen. Roos vertelde mij later dat ik helemaal verstrakte toen het aardse lijden zo werd verheerlijkt; daar kan ik inderdaad niet tegen; staat mij bijzonder tegen. Maar in die tijd geloofde men nog dat na de dood een heerlijk leven zou wachten, en hoe meer lijden hoe beter de plek die god voor je bestemd heeft en dat is nou niet bepaald de wijze waarop ik tegenover leven en dood sta, vandaar.
Neemt niet weg dat de muziek en de uitvoering onvoorstelbaar goed waren; we genieten gelukkig steeds meer van het festival.

31 augustus 2014

Klaviertijger

Prachtige klavecimbels, helaas niet perfect gestemd
Vanmiddag weer naar een concert in het kader van het Festival Oudemuziek in Utrecht geweest. Ik had me erg verheugd op een stevige middag klavecimbel; heerlijk instrument waar je een waterval van klanken aan kunt onttrekken. Denk maar aan het Brandenburger concert nr 5. Er zou muziek van de componisten Kerll en Froberger worden gespeeld door de Roemeense  Alina Rotaru op Klavecimbel solo.
Deze keer had ik werkelijk de beste plaats; eerste rij met vol uitzicht op het klavier van de beide prachtige klavecimbels.
Af en toe hoopte ik op een kleine schoonheid als in de Goldberg variationen, maar helaas het was weer een herhaling van saaie motieven en allemaal heel korte stukken waar het publiek, zichtbaar tot verbazing van de uitvoerder telkens voor klapte; vond ik storend.
Uitzicht over de Nieuwe gracht in Utrecht
Ik had sterk de indruk dat Alina wel wat meer kon dan deze simpele stukjes, maar goed, zo werd er kennelijk gecomponeerd in de 17e eeuw, zelfs aan het hof van de Habsburgers.
Terwijl ik dit schrijf zit ik heerlijk af te reageren met bovengenoemd concert van Bach op m'n oren (wat een enorm verschil, luister maar eens vanaf 6.30 minuten naar de grote klavecinist en organist Karl Richter). Het was prachtig weer; geen onweer zoals op de heenweg, maar een stralende zon. Ik liep door de vrolijke stad, over de twee grachten van Utrecht met hun fraaie uitzichten vanaf de bruggen.
Straks om 20.00 uur tweede bedrijf naar Ars Antiqua Austria met composities van Aufschnaiter en Biber. Ik ben benieuwd.
Helaas niet zo'n mooie foto van eem meer dan voortreffelijk
gezelschap!
Nou, dat was prachtig; we hadden goede plaatsen met vol uitzicht op koor en orkest en konden de solisten dus ook perfect horen. Jongenssopranen en zelfs een enkel meisje erbij. Klinkt zo mooi helder en zo authentiek; ik heb bijzonder genoten; dit maakt alles weer goed.
De zaal was maar half gevuld waarbij alle plaatsen achter het orkest leeg waren gebleven; de organisatie realiseert zich dus heel goed dat die achter-plaatsen de minste zijn; ik vind het een belediging naar het publiek om daar geplaatst te worden met deze renaissance muziek; die is te subtiel voor deze enorme zaal met z'n carré vorm.
Morgen gaan we weer naar Collegium 1704 en hebben we zo op het eerste gezicht weer rot plaatsen in de grote zaal. Nou ja, kan alleen maar meevallen dus; orkest en koor zijn van grote kwaliteit. 

30 augustus 2014

Housewarming en Staphorster stipwerk

We hadden een dubbel programma aan het eind van de middag: eerst om 17.00 uur naar het Festival Oudemuziek in Utrecht en daarna naar de Housewarming Party van Joke en Pieter in Gouda.
Met de stoptrein naar Utrecht en door naar de Geertekerk. Op mijn verzoek had Roos iets uitgezocht met trompetten; vrolijk instrument met een stevige klank. De Geertekerk is natuurlijk lang niet zo groot als de grote Vredenburgzaal. Het bleek een fors gezelschap te zijn bestaande uit een viertal violisten, orgel, paukenist, koperblazers en geheel voorin prominent een theorbe als een soort guitaar die last had van een priapismus; de steel kwam bijna tegen het plafond.
We zaten helaas weer ver achteraan, maar afgezien van de theorbe kon je het geheel aan klanken goed horen. Maar die renaissancemuziek is niet mijn goesting, ook niet van Roos. Wat een saaie muziek. Ik begrijp heel goed dat de latere barokcomponisten een begin nodig hadden om hun ontwikkeling op te baseren, maar om daar nou een heel festival mee te vullen?! De trompetten zetten aan en ik verwachtte de vrolijke, opgewekte, swingende muziek zoals ik die van Bach ken, maar niets van dat alles; ligt aan mij hoor, verkeerde keuze geweest.
Helaas speelden de violen noch de trompet erg zuiver, maar desondanks gaf het publiek de gebruikelijke staande ovatie. Wij vertrokken snel om naar het feestje van Joke te gaan. En dat was toch gezellig! Joke had het bezoek gevraagd om verkleed te komen; liefst in flower power kleren. Nou ja, die hadden we niet; afgezien van een bloemenslinger van plastic bloemen zag ik er bepaald niet flowerpowerig uit. Roos had daarentegen een Staphorster kostuum (zie haar Blog) bij zich en trok dat over haar kleren aan; ze had voor Joke als kadootje wat onderzetters met Staphorster stipwerk. Tot onze verbazing bleek dat er verder niemand ook maar enigszins verkleed was; zelfs Joke en Pieter hadden hun gewone kloffie aan.
Was reuze gezellig tussen al die jonge mensen; geanimeerd zitten praten met de broer van Pieter en zijn vrouw en Pepijn, hun zoontje van 3. Ook nog met een paar vrienden van Pieter en met vrienden van Joke die ik nog kende van vroeger.
Heerlijke afsluiting van een leuke dag. Hoewel ik een fototoestel bij me had heb ik helemaal vergeten om foto's te nemen, sufkop die ik ben.

29 augustus 2014

Bij de bok gedouwd

Wie wel eens de stank van een ouwe bok heeft geroken die weet wat het betekent: bij de bok gedouwd; tekort gedaan, weggezet eigenlijk. Nou, zo erg als in het hok van de bok was het zeker niet, maar we voelden ons toch wel een beetje bekocht toen we gisteren ons plekje opzochten in de grote zaal van muziekcentrum Vredenburg. Enkele maanden geleden had ik in een vlaag van cultuurzucht voorgesteld om ons eens onder te dompelen in het festival Oude muziek dat al sinds jaar en dag 's-zomers in Utrecht wordt gehouden en er een stevig budget voor bestemd. Oude muziek, dat wil zeggen vooral rénaissance muziek, muziek voor de barok tijd, dus ook Middeleeuwse muziek.
De grote zaal van Vredenburg was, ondanks de acht jaar durende verbouwing nog exact de zelfde als vroeger; ook al die onoverzichtelijke gangetjes en trappetjes waren nog als vanouds. Ik ben overigens wel benieuwd naar de kleinere zalen. Misschien komen we daar nog gedurende het festival; we hebben voor iedere dag iets in de planning, maar er zijn vele locaties over de stad Utrecht waar concerten worden gegeven.
Destijds was het me eigenlijk nooit zo direct opgevallen dat deze zaal minder geschikt is als concertzaal, althans niet voor de wat kleinere gezelschappen zoals gebruikelijk bij de oude muziek. Een soort circusopstelling zoals carré in Amsterdam, maar onvergelijkbaar veel minder qua overzicht en geluid dan de zaal van het concertgebouw of van de Stopera, het fantastische muziektheater aan de Amstel. Misschien zijn we de laatste jaren wel te veel verwend geraakt, maar we konden er niet over uit daar hoog tegen het plafond, tientallen meters van het podium en dan ook nog achter het orkest; je had alleen goed uitzicht op de dirigent, maar je kon de solistische aria's nauwelijks horen. De zaal is vast geschikt voor symfonieorkesten, fanfare en carnavalsorkesten, maar voor rénaissance muziek?!
Overigens was het openingsconcert van het collegium 1704 onder leiding van de meer dan voortreffelijke dirigent Vaclav Luks prachtig. Helaas miste ik de volle klank doordat we zo hoog en dus zo ver van de spelers vandaan zaten en van de solistische zangers miste je iedere nuance omdat je naar hun rug zat te luisteren; ik heb toch al van die voor life uitvoeringen ongeschikte kleine oren; met mijn handen achter mijn oren ging het al iets beter, maar ik voelde me toch echt bekocht. Luister ik liever met de goede koptelefoon van Logintech via de computer of mp3 speler. Naast me zat een meneer die bekend was met de uitvoeringen van het Collegium 1704 en bijzonder onder de indruk was van de dirigent. Ook wist hij me te vertellen dat er erg veel van dit gezelschap op Youtube beschikbaaar is. En inderdaad, ik ga er stevig naar luisteren met mijn Logitech; heb ik tenminste geen last van die rare zaal in Vredenburg.
Morgen naar de Geertekerk; trompetmuziek, dus dat gaat 'm zeker worden; acoustiek en veel volume!

28 augustus 2014

De Biltse Lustwarande alweer dertien jaar geleden

Het bankje ter herdenking van de Stichtse Lustwarande met
inscriptieplaatje
Het oude bankje is vervangen door dit nieuwe exemplaar. Het oude werd geplaatst met het koperen gedenkplaatje ter gelegenheid van het vaststellen van het beeldkwaliteitsplan van verschillende gemeenten op de Biltse Heuvelrug. Het betrof het zoveel mogelijk eenheid proberen te brengen in de fraaie buitens die zijn gelegen aan de doorgaande weg over de heuvelrug voor zover het een aangelegenheid van de gemeenten betreft. Mijn toenmalige echtgenote Anneke was wethouder in die tijd en had dit plan getrokken.
Na een geanimeerde vergadering ging het hele gezelschap hier naar deze plek in het Houdringhebos om het aandenken te onthullen. Ik zie Anneke daar nog trots staan in haar vrolijke rode jurk; ik heb destijds foto's gemaakt en zal eens kijken of ik nog een foto kan vinden van deze gebeurtenis en dan bijplaatsen.
Bij mijn wandelingen door dit bos, de bekende "drietjes" kom ik altijd langs dit bankje en moet dan strijk en zet even denken aan die dag in mei 2001; de vernieuwing had ik niet verwacht; het bankje wordt weinig gebruikt door passanten; het was vuil van de alg, maar nog zeker stevig en niet verrot. Maar het verheugt me dat er nu een stevige, schone en degelijke bank is opgesteld mèt het bekende bordje van mei 2001, alweer 13 jaar geleden dus.

27 augustus 2014

Het Zevenwoudenpad, tweede etappe

De trekschuit lag op ons te wachten
Een hele onderneming vanmorgen; om 5 uur opgestaan; m'n rugzak stond al klaar met alles erop en eraan. Snel wat havermout gegeten, aangekleed, kop thee, kop koffie, nog een glas sinaasappelsap en de deur uit. Was als gewoonlijk veel te vroeg op het station. Met de stoptrein van 6.00 uur naar Zwolle, met de Intercity naar Groningen en met Arriva naar Buitenpost en tot slot naar Dokkumer Nieuwe Zylen waar we drie weken geleden waren geëindigd. Het was schitterend weer en dat zou het de hele dag ook blijven. We liepen al koutend eerst richting Dokkum; aardig stadje. De trekschuit lag op ons te wachten, maar wij besloten om na een kopje koffie aldaar toch maar verder te lopen. Dokkum lag op 13 kilometer van het begin, eigenlijk te kort om al te stoppen.
Beeld van de zendeling Bonifatius die in Dokkum werd vermoord
in 754 zoals wij op de lagere school leerden
We liepen verder door Dokkum; bij de stempelplek voor de Elfstedentocht kreeg Kees een geweldige bloedneus. Gelukkig was hij goed voorzien van verbandmateriaal alsof hij nog dienst te velde had, maar het zag er toch zo dramatisch uit dat een mevrouw ons vroeg of ze niet moest helpen. Inderdaad leek het wel of we elkaar te lijf waren gegaan. We gingen verder door de oude binnenstad, langs het bastion met de molen en uiteindelijk verlieten we de binnenstad. En daar kwamen we bij een monument van Bonifatius, de grote bekende van Dokkum ook al werd hij er vermoord. Zichzelf vroom beschermend met een bijbelboek staat hij daar in witte steen vereeuwigd. Jaren geleden heb ik in Fulda, alwaar Bonifatius begraven ligt, de met houwen beschadigde bijbel, of een facsimile daarvan  mogen aanschouwen in de begrafeniskerk. Maar nu dan ook de plaats waar hij is vermoord. Volgens mij is daar ook een bron ontstaan.
Het einde van de dagtocht hadden we het liefst bij het station, was wel een flink eind in totaal, maar prettiger om bij de volgende etappe weer te beginnen. We besloten om het hele stuk door te lopen naar station Veenwouden geloof ik. Tot dan toe hadden we, hoe kan het anders in Friesland, langs een breed water gewandeld over een fietspad; het was niet zo gek druk met fietsers en de paden waren in het algemeen breed, maar wandelen over gras of zand was er niet bij; de hele route zou over betonnen fietspaden lopen; geen probleem want dan schiet je wel lekker op. Na Dokkum zagen we zelfs bomen! dus werd de naam "Friese woudenpad" iets reëeler.
De goddeloaze singel?!
We hadden weer van alles te bepraten, zo gaat dat bij het wandelen is mijn ervaring; het helpt de eventuele vermoeidheid te vergeten en is gewoon vreselijk gezellig; dat zeiden we ook tegen elkaar. Kees en ik kennen elkaar eigenlijk nog maar kort maar we hebben het gevoel of we elkaar al jaren kennen; dat heb je soms; leuk!
Onderweg kwamen we nog, hoe kan het anders tussen die Friezen die ooit de heilige Bonifatius hebben vermoord, een laan tegen met de naam: "goddeloaze singel". Met gespeelde verontwaardiging sta ik op de foto die Kees op mijn verzoek heeft gemaakt.
Uiteindelijk bereikten we Veenwouden en strompelden we door naar het stationnetje. Arriva heeft daar een uitstekende dienst met overdag twee keer per uur een stoptrein in beide richtingen.
In Leeuwarden hebben we nog een biertje gedaan op het station en om 18.30 ingecheckt. Kees reed mee tot Heerenveen en wuifde mij uit. Tot Meppel ging alles goed maar daar moest ik verder met de bus naar Zwolle; iemand had zich van het leven beroofd. De stoptrein naar huis stond klaar. Ik had de spullen om nog even naar de sauna te gaan in m'n fietstas, maar kon toch de moed niet opbrengen; waarschijnlijk zou ik in slaap zijn gevallen. Dus naar huis, even wassen en wat eten en nog even naar Roos om na te praten in principe, maar in feite dus vechten om m'n ogen open te houden. Ik sliep voordat Roos het licht had uitgedaan. Heerlijke dag geweest!

26 augustus 2014

In limbo

Met als ondertitel: "Op de grens in het Midden Oosten". Weer zo'n indringend boek van Marcel Kurpershoek. Zijn wat kritisch ernstig, misschien zelfs wat spottend gelaat kijkt je vanaf de achterflap van het boek aan. Wat weet deze arabist en voormalig diplomaat ongelooflijk veel over de geschiedenis van het midden oosten; dat ontstond overigens onder deze naam pas honderd jaar geleden na de definitieve teloorgang van het Osmaanse rijk. De onderlinge strijd, haat en wat dies meer zij in deze streken is niet pas van onze tijd maar is er kennelijk altijd geweest. De schuldvraag is voor de betrokkenen simpel te beantwoorden: Sykes en Picot, wie kent deze Engelse en Franse diplomaten nog?
De onderlinge strijd kan door de spreekwoordelijke, maar in dit geval ook letterlijk met olie op het vuur, met moderne wapens worden gestreden; de aardolievondsten hebben erg veel dynamiek in dit wonderlijke mengelmoesje van culturen, stammen, religies en andere onderlinge (ver)/(ge)schillen gebracht. Daar merken we heden helaas alles van; wat een onrust.
Marcel fileert de geschiedenis op een wijze die hem de eretitel van historisch patholoog anatoom zou moeten verlenen. Hij heeft zo'n brede kennis omtrent de achtergronden van het gebied dat ik het uiterst merkwaardig vind dat hij niet veel breder wordt ingezet als commentator, zoals zijn tegenvoeter Maarten van Rossem dat doet voor Amerika. Waarschijnlijk wil hij dat gewoon niet en anders is het een blunder van "Hilversum". Overigens valt er van de maatschappelijke complexiteit niets te begrijpen als je dit boek leest; slechts de doordringende, akelige walm dringt tot je door.
In limbo, dat volgens de woordenboeken zoiets betekent als "op de grens van de hel", is precies wat de titel belooft, althans voor aardbewoners met een afwijkende achtergrond en cultuur. De tijd waarin we heden leven met een onrust in het MO die zijn weerga niet kent.
Ik raad het boek eenieder aan; leen het van de bieb of koop het tweedehands (heden voor 5 euro) bij bol.com of bij boekwinkeltjes.nl; je leert er meer van over het MO dan door iedere dag naar het nieuws te kijken.

25 augustus 2014

Afwisselende dag

Al vroeg was ik op pad; zaterdag voelde ik dat ik nodig weer aan mijn wandelconditie moest werken; voeten en benen een beetje moe, hoort niet bij mij; door het regenweer van de laatste tijd komt er te weinig van wandelen. Vandaag zou het ook regenachtig worden, maar dan vooral in de middag en dat klopte! Dus vroeg op weg; weeronline gaf aan dat het tot 11:05 droog zou zijn, op de radarbeelden zag ik nog helemaal geen wolken, dus hup op voor een "drietje". Door de aanhoudende regen van de laatste tijd kon je bij de ingang de smerige hondenpislucht van al die Utrechtse hondenliefhebbers die hier hun hond laten zeiken nauwelijks iets ruiken. Het bos ziet er prachtig uit na al die regen; het grasveld aan het begin, bij de IJsbaan is groen met uitgebloeid Jacobskruiskruid, de heide staat in bloei; heerlijk om zo dichtbij deze pracht te mogen wonen. Het drietje is 12 kilometer; binnen twee uur had ik het gered terwijl ik zelfs nog een boterham had zitten knagen op een bankje. Ondanks het bezwete hemd direct door naar Sportcity om ook de armspieren en de buikspieren een beurt te geven; het was nog steeds droog! In de sauna uitzweten en nog even buiten afkoelen. Op de terugweg begon het pas echt te regenen, niet hard, maar toch. Theo was er niet; ik had sla willen kopen. Het klaarde in de loop van de middag weer op, dus even snel naar Albert Heijn; had maar weinig nodig en kwam dus weer zwaar beladen thuis; ik heb vast ingekocht voor de spektaart die ik zaterdag moet hebben voor het feestje van Joke; bak er ook maar eentje voor als ik met Kees de volgende etappe van het Friese oerwoudenpad ga doen.
Nog een keertje langs bij Theo; nu was hij wel thuis; natuurlijk had hij sla en bieten voor me, maar ook pruimen en wel zo verschrikkelijk veel dat ik ze maar ga verdelen met Roos; zoveel kan ik niet tot jam verwerken.
Ik was eigenlijk van plan om capucijners te eten met gebakken speklapjes, maar het werd gulyas die ik nog had staan van zondag; buitengewoon smakelijk! En 'savonds heb ik op advies van Riet B. weer een aflevering van Zomergasten van de VPRO bekeken; nu was David Ruysbrouck (kan het Vlaamser) te gast. Was mij onbekend, maar dat zegt meer over mij dan over hem. Direct zijn magnus opus "Congo" bij de bieb besteld.
Een afwisselende dag met afwisselend weer.

24 augustus 2014

Een "nieuwe Wolkers"

Tot m'n dertiger jaren was ik een grote fan van schrijver Jan Wolkers; vooral Turks fruit en Brandende liefde vond ik geweldig, maar zijn eerdere boeken heb ik zeker ook gelezen. Mijn vader had Jan Wolkers al vroeg in het vizier; zowel zijn eerste boeken als zijn vroege beeldhouwwerk (Leda en de zwaan te Zaandam geplaatst) kende hij.
Maar na mijn dertigste had ik het zo'n beetje gezien; Wolkers schreef ieder jaar een nieuw boek; het was mijn goesting niet meer zo en vanaf die tijd heb ik geen nieuw werk meer van hem gelezen.
Afgelopen vrijdag waren we op de markt en gingen we even naar de bieb; ik wilde een bepaald boek opzoeken en slaagde daar in met hulp van de bibliothecaresse; het nieuwe systeem moet je even door hebben en dan kun je het gewenste boek vinden; was me tot nu toe niet gelukt. Maar al zoekend viel mijn oog ook op het rijtje van Jan Wolkers en ik besloot om een boek te lenen dat ik nog niet eerder las of zo lang geleden dat ik het inhoudelijk was vergeten: "de Walgvogel".
Gisteravond ben ik erin begonnen en kwam tot pagina 200; vanmorgen voor en na het ontbijt ben ik verder gaan lezen en vanavond het laatste stuk en ik had het boek met z'n 400 pagina's uit.
Een goed geschreven, voortdurend boeiend boek, handelend over de tijd van de jonge Wolkers, ondergedoken in Leiden en werkend in het atelier, ongeveer het deel dat hij beschrijft in "Kort Amerikaans", maar nu vooral gelardeerd met een warme liefdesgeschiedenis die zeer abrupt eindigt wanneer de vader van het meisje, Lien genaamd erachter komt. Een oom Hendrik die van alles vertelt over Indië; een communistische buurman die hem een lesje maatschappijkritiek geeft; zijn vriendenkring.
Dan een wending in het verhaal dat hij niet onderduikt maar naar Indië gaat om Lien opnieuw te ontmoeten; een beetje gekunsteld onderdeel van het verhaal, maar het zij hem vergeven. Intussen beschrijft hij op bijzonder indringende wijze het leven van Jan Soldaat in Indië; hij doet dat met een bittere saus van maatschappijkritiek die mijns inziens heel terecht is; het ging zogenaamd om de bevrijding van het Indische volk, maar feitelijk natuurlijk om de opbrengsten van het wingewest!
Uiteindelijk gaat het verhaal wel erg op Turks Fruit lijken in die zin dat hij om een eind aan het boek te maken de hoofdpersonen laat sterven; de jaloerse echtgenoot schiet Lien dood en de hoofdpersoon schiet deze echtgenoot met een welgemikt schot precies tussen de ogen eveneens naar de volgende wereld.
Ik heb het 400 pagina's dikke boek in één adem, binnen 24 uur uitgelezen dus het hoeft geen betoog dat ik het bijzonder boeiend vond; iedere zin is raak, net als bij Nabokov of Thomas Mann.
Alleen is het mij een raadsel waarom het boek "de walgvogel" heet; komt nergens voor of ik moet eroverheen hebben gelezen.

23 augustus 2014

De Ankeveense plassen

Prachtige wolken en vergezichten
Al een tijd geleden had Roos ons opgegeven voor een boottocht over de Ankeveense plassen met Natuurmonumenten; vandaag was het zover. Nogal optimistisch dacht Roos dat we uitgaande van station Hilversum Mediapark wel in anderhalf uur in Ankeveen zouden kunnen zijn. Maar we raakten de weg een beetje kwijt op het Mediapark, de GPS vertoonde kuren en het bleek toch verder lopen dan we hadden gedacht. Verder was het noodweer toen we bij 'sGraveland, bij het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten waren; een heftig onweer met stortregen belemmerde onze voortgang, we konden daar schuilen; het onweer redde ons tripje ook uiteindelijk, want aldaar was men zo vriendelijk om voor ons te bellen naar de organisatie van de boottocht en men zou op ons wachten tot we er waren. Ruim een kwartier later dan de officiële vertrektijd kwamen we bij de boot aan. Naar bleek was ook een stel dames te laat omdat ze al fietsend eveneens door het noodweer waren overvallen. Niemand vond het een probleem gelukkig. Er zaten zo'n vijftiental mensen, waaronder vijf kinderen in de boot. Een vrijwilligster van Natuurmonumenten verzorgde de trip en liet ons van alles zien onderweg; zij was opgeleid tot natuurgids door het IVN zo vertelde zij ons. En als een echte IVN'er trok zij allerlei waterplanten uit de bodem en vertelde daar van alles bij; leuk om te weten.
Relaxed genieten van het boottochtje
De rietzoom was al behoorlijk versleten; het lijkt ook wel herfst met al die wind en regen; er stond wel wat te bloeien zoals de kattestaart en het leverkruid. Verder in het water de waterlelie en de dotterbloem. Kikkerbeet, watergentiaan en krabbescheer hebben we niet gezien.
De gids vertelde over de historie van dit gebied; de legakkers die steeds smaller werden gemaakt en uiteindelijk door weer, wind en de ganzen zijn verdwenen. Soms resteren zodanige ondiepten dat de boot erop vast kan lopen.
De twee uren op het water vlogen om; het was behoorlijk koud; ik was blij dat ik een trui had meegenomen. Op de terugweg kregen we een lift van een andere deelnemer aan de tocht; gezellig gekout over vakantie in de natuur; hij was in Noorwegen en Zweden geweest met zijn gezin.
Vanaf Naarden-Bussem waren we in een ommezien weer in Bilthoven; lekker stuk gebakken vis gescoord en thuis opgegeten; nog een bak yoghurt en lekker begonnen aan een Wolkers die ik vrijdag in de bieb heb gehaald. 

22 augustus 2014

Jan Jaap Goedebeurt en Piet Tuttelman

Een hilarisch boek als het niet zo echt was wat er zich in afspeelt; deze keer van de hand of beter van de scherpe pen van "de vrouw van" Marcel Kurpershoek, de schrijver van "Het woeste Arabië". Het boek waar ik nu op doel is: "Achter Mekka" en geschreven door Betsy Udink. Zij beschrijft het leven dat zij moest lijden, of nee sorry, leiden in Saoedi Arabië, als vrouw van de tweede man van de NLse ambassade in Riad, hoofdstad van Saoedi Arabië.
Niet alleen de sociale context waarin je als vrouw een sterk gesegregeerd bestaan hebt om niet te zeggen een hondenleven hebt, maar ook nog eens als "vrouw van" niet van de ambassadeur zelf maar van de tweede man op de ambassade; nogmaals op abjecte wijze te worden neergezet door de "vrouw van" de ambassadeur zelf, maar dan binnen de eigen heel erg "vaderlandse" cultuur. De enige normale persoon die zij in het boek ontmoet is de echtgenote van onze voormalige minister-president Ruud Lubbers, inderdaad, dat was een leuk mens weet ik nog.
De schertsfiguren Goedebeurt, die stenciltjes met gedragsregels uitgeeft voor de ambassademensen en in de laatste hoofdstukken de heer Tuttelmans, de man die namens het ministerie van BZ komt controleren worden weergaloos beschreven. De benamingen lijken wel ontleend aan Marten Toonder, geweldig geestig als de rest van het boek niet zo troosteloos was.
Arme Betsy is toch vooral het gevoel dat ik van dit boek heb overgehouden.

21 augustus 2014

Mijn eerste mantelzorg

Hugo boent de keukenvloer
Vandaag heeft Hugo mijn badkamer, keuken en balkon grondig gereinigd. Dat was heel hard nodig; het was vooral in de keuken een smeerboel geworden. Ben ik al niet zo'n held in het schoonmaken daar kan ik er op een zeker moment niet meer overheen kijken en wordt het een chaos.
Hugo werkt al sinds zijn tienerjaren, vanaf zijn 16e op de zaterdagen bij slager van Loo; hij doet daar van alles; staat geroutineerd klanten te helpen, doet werk "achter", d.w.z. in het deel waar e.e.a. wordt voorbereid en maakt daar ook vaak schoon. Dat is bij een slager geen sinecure.
Met enige schroom had ik hem gevraagd of hij ook een keer bij mij wilde komen schoonmaken, en goeie zoon als hij is heeft hij dat vandaag gedaan.
"Is dit nou mantelzorg pap?", vroeg hij ironisch lachend. Ik moest even slikken maar moest toen toch ruiterlijk toegeven dat dit het geval was; ik krijg het gewoon niet voor elkaar om de keuken toonbaar te houden.
Ik had de vorige dag en 'smorgens alles zoveel mogelijk uitgeruimd; badkamergordijn afgehaald, schapje met scheer- en andere spullen ontruimd. In de keuken de pannen weggehaald en in de "bijkeuken" (het kleine kamertje) gezet. Koelkast uitgezet, uitgedroogd, spullen eruit gehaald.
En daar ging die goedzak aan de gang; hij heeft natuurlijk een conditie als een paard, maar ik stond er met bewondering naar te kijken hoe hij het aanpakte. Rigoureus alles verplaatsen; emmers sop met bleekwater; borstels, lappen, dweilen. In een uur was de badkamer schoon en rook lekker fris; alle voegen tussen de tegels weer ontdaan van aanslag, tegels glad. Terwijl Hugo de badkamer deed, maakte ik de koelkast schoon.
Zelfs het achterbalkon is weer toonbaar
Toen de keuken; samen de kastjes leegmaken, hij maakte alles schoon. Spullen weer terug gezet.
De vloer van de keuken maakte hij grondig schoon met een harde borstel en sop. Nadweilen en het was spik en span!
Tot slot het balkon achter; was ontzettend smerig geworden met alggroei. Ook dat heeft hij omgetoverd.
Het enige wat ik heb gedaan is de koelkast goed schoonmaken waarbij Hugo liet zien hoe deze veel verder gedemonteerd kon worden dan ik voor mogelijk hield. Ik dacht dat de koelkast stuk was; hoewel ik hem pas had schoongemaakt liep het condensbakje alweer snel vol. Ik vreesde al dat ik een nieuwe moest aanschaffen. Maar bij nader inzien bleek dat het afvoergaatje voor het condenswater helemaal volzat met viezigheid; ik voel me soms net zo'n varken in dat soort dingen. Hij heeft nog lekker gegeten bij me; had nog een bak nassi voor hem staan. Hij bleef nog even gezellig 'savonds; hij comploeteren en ik wat lezen; warm en gezellig bij elkaar, vader en zoon.
Huugie ik ben je verdomd dankbaar voor deze eerste mantelzorg! En ..... er vliegen geen bananenvliegjes meer in de keuken!
Mafkees, moest een zogenaamde mantel aan om mantelzorg te kunnen geven aan zijn bejaarde vader.

20 augustus 2014

Weissenbruch

Weissenbruch
Gisteren, voor het opstaan had ik mij bedacht om er eens een lekker museumdagje van te maken; het Gemeentemuseum Den Haag was het eerste dat bij me opkwam. Maar het liep anders; terwijl ik aan m'n boterhammetje zat te knagen belde Roos of ik zin had om vandaag naar het Dordts museum te gaan; stond ook nog op mijn verlanglijstje. Daarna wilde ze door naar Eindhoven om iets weg te brengen; uitstekende gelegenheid om weer eens naar het van Abbe museum aldaar te gaan. En zo geschiedde.
Het Dordts museum is langdurig in de verbouw geweest; vroeger ging ik er wel eens langs. Een aantal zalen met Hollandse meesters van de 18e eeuw, verder Ary Scheffers met een hele zaal, een enkele van de 17e, zelfs een Rembrandt. Ik was erg onder de indruk van een schilderij van een hofje van de kwast van Weissenbruch; ik dacht dat het een mij onbekende Vermeer was, zo mooi geschilderd. Maar ook Willem Maris met een fraai landschap met koeien waar ik altijd zo bij weg kan dromen en een schilderij met kinderen die schooltje speelden met leien, klompen; mooi impressionistisch geschilderd; ik heb ervan genoten.
Schooltje spelende kinderen
En toen door naar het van Abbe in Eindhoven. Dat heeft nieuwbouw gepleegd; een architectonisch schitterend gebouw herbergt de collectie. Grappig genoeg een sociaal entomologische opstelling van projectie-microscopen met daarin insecten, boeken over insecten en instrumentarium voor entomologen; leuke opstelling. Veel video-kunst, met (oude) reportages; daar heb ik met plezier naar gekeken. Meest bijgebleven is een reportage van Joris Ivens over de nieuwe tijd in de communistische landen; een rij lieden die met hun zeisen een veld maaiden; had ik een bepaalde voorstelling van naar aanleiding van het boek "Anna Karrenina", de dubbel roman van Tolstoj; in het tegenverhaal komt een episode van landarbeid voor waarin een groep mannen een weiland met de hand hooit. Nu heb ik gezien hoe dat destijds ongetwijfeld is gegaan.
Verzadigd en behoorlijk vermoeid sloot ik de dag af met een uitmuntend smakende zoute haring op Hoog Catharijne op het CS van Utrecht.

19 augustus 2014

Mirsaal en Dindaan

Eerder las ik op advies van Jaap C., de broer van Peter C. het boek: "Volg de wolken", van de hand van Marcel Kurpershoek. Dit handelt over de tocht van Xenophon door het huidige Anatolië met zijn tienduizend Griekse huursoldaten, beschreven in de Anabasis.
Het boek vond ik fascinerend, de schrijver was mij onbekend maar daar heb ik verandering in gebracht. Kurpershoek is niet zomaar een schrijver van goede boeken, maar arabist, spreekt arabisch, kent de cultuur en heeft wetenschappelijk onderzoek gedaan, is verbonden aan de ambassade van Saoedie Arabië, speciaal gezant en feitelijk oren en ogen van onze minister van BZ!
Deze week las ik het boek "Het woeste Arabië" van zijn hand.
Hij beschrijft een avontuurlijke rondreis door Saoudi Arabië die als doel had om vaak eeuwenoude gedichten in de landstaal te verzamelen. De dichters of degenen die de gedichten nog kennen vormen de laatsten in een rij van voorvaderen; de kennis staat op uitsterven en wordt door de almachtige Islamitische geestelijken min of meer als subversief beschouwd, enerzijds omdat zij niet puur Islamitisch zijn en anderzijds omdat zij de tegenstellingen tussen de Bedouïenenstammen bezingen.
De odyssee die Kurpershoek moet maken om nog de laatste resten van deze gedichten te achterhalen wordt meesterlijk beschreven; de oneindigheid van de zandzeeën, de verzengende hitte van de zon, de band van de bedouïenen met hun dieren, kortom de hele cultuur. Maar deze cultuur, die volledig doordesemd is met de Islam leidt tot een bevolking die, zoals Kurpershoek dat beschrijft de antipode is van de NLse. In alle opzichten verschillend, als deeltjes en anti-deeltjes. Ik heb daar geen goed gevoel bij; je kunt elkaar niet begrijpen maar slechts veroordelen en dat leidt tot niets vrees ik.
Uiteindelijk blijf ik met een bijzonder onbestemd gevoel zitten na lezing van dit boek, dat verhaalt middenuit de arabische, islamitische cultuur.

18 augustus 2014

Reinbert de Leeuw in "Zomergasten"

Reinbert de Leeuw in Zomergasten
Huib maakte mij er afgelopen woensdag op attent dat er een heel interessante aflevering van Zomergasten (natuurlijk) van de VPRO was geweest; Reinbert de Leeuw, exponent van het NLse muziek establishment had de gelegenheid gehad om 3 uur lang over muziek en alles wat daaromheen leeft te vertellen. Degenen die mij kennen weten dat ik geen TV heb en het zelfs niet meer op kan brengen om ernaar te kijken, maar zo'n drie uur durend interessant praatprogramma, gepresenteerd door zo'n interessante vent als Reinbert de Leeuw, daar ga ik graag voor zitten.
Dus op mijn kleine groom-PC-beeldschermpje, met mijn uitstekende Logitech koptelefoon heb ik van deze aflevering geluisterd via "Uitzending gemist"; de techniek van internet vind ik geweldig!
Onder leiding van een modern kaalgeschoren, bruinhoofdige, mij uiteraard volstrekt onbekende presentator, die spreker kordaat bij de les moest houden, verhaalde Reinbert, struikelend over de superlatieven over Igor Stravinsky, le Sacre du printemps (prachtig ballet trouwens!); daarmee zette hij wel de toon want zijn voorkeur voor (vaak ultra-) moderne, voor niet-kenners volstrekt onverteerbare muziek stak hij niet onder stoelen of banken. Het schandaal dat deze muziek veroorzaakte bij de eerste opvoering in Parijs waarbij het publiek elkaar met wandelstokken te lijf ging; het deed hem zichtbaar plezier. Schönberg passeerde met zijn muziek, maar gelardeerd met inhoudelijke informatie over het einde van de harmonie; Brahms die Wagner een brief schreef met een waarschuwing dat hij de harmonie stuk maakte; fantastisch om hierover te vernemen. Wenen aan het begin van de 20e eeuw, broeinest van vernieuwing op allerlei terrein; Schönberg met de Verklärte Nacht, de Gurrelieder; strijkkwartet nr 2, opus 10 liet hij horen en zien, merkwaardige muziek waar ik nog eens intensief naar ga luisteren.
Een stomme film als presentatie van een ballet van Yiri Kilian, "Car men" genaamd, verrassend harmonisch en vooral geestig.
Tot slot een droevige déconfiture van Louis Andriessen of van het concertgebouworkest, het is maar hoe je het bekijkt. Een in mijn oren en duidelijk ook in de oren van een aantal concertleden en zo te zien ook van de dirigent, krankjorem klinkend klankenspel werd opgevoerd in aanwezigheid van de componist zelf. Vriend en collega Reinbert had er geen goed woord voor over dat een orkest niet de volle concentratie opbracht voor de muziek ook al was het niet ieders smaak. Die weinig professionele houding kan ik eerlijk gezegd ook niet begrijpen.
Maar tot slot, de apotheose werd het mooiste wat op muziekgebied was geschreven aldus Reinbert ten gehore gebracht en dat was "Erbarme Dich", uit de Mattheus Passion van Johann Sebastian Bach. Reinbert kon zijn handen niet stil houden en ik dacht zelfs een traan te zien op zijn door het vele roken diep doorgroefde wangen. Zijn bewondering voor Bach doorbrak alle grenzen van de superlatieven voor de moderne muziek; met zichtbare instemming noemde hij de naam van een componist die een "Bach Passion" had geschreven.
Intussen ben ik Reinbert dankbaar dat hij mij heeft geholpen om mijn grenzen voor de moderne muziek verder op te rekken. In de 80-er jaren heeft vriend Dick mijn smaak met enkele decennia opgerekt; waren het Chopin en Beethoven en een beetje Bach in die tijd, daar werd het van Schütz tot Debussy opgerekt. Schönberg moet zich nog een plaats veroveren in mijn smaak, maar daar ga ik aan werken dankzij Reinbert de Leeuw.
Dank VPRO (ben ik lid van, zonder gids terwijl ik helemaal nooit TV kijk en ook nooit naar de radio luister; dit vanwege het soort inhoudelijke produkties als Zomergasten). En dank moderne techniek waarmee je vanuit je huiskamer "on demand" niet alleen de uitzending voor je neus kunt toveren maar ook al die muziek direct onder handbereik hebt via Youtube.

17 augustus 2014

Gesprekken in de sauna

Afgelopen week was het tussen de buien door best lekker weer; alle reden om naar Sportcity te gaan voor een saunaatje en vooral om even lekker na de sauna in het zonnetje te relaxen (chillen heet dat tegenwoordig geloof ik). Dat hadden meer leeftijdsgenoten bedacht en die zaten genoeglijk met elkaar te kouten. En waarover spraken zij? Tja, ik hoorde voortdurend woorden als: medicijnen, huisarts, ziekenhuis, specialist, verzekering; ik krijg er een sik van; altijd als je lieden op middelbare leeftijd met elkaar hoort praten dan gaat het over gezondheidsklachten. Slechts één opmerking bleef bij me hangen over een meneer die iedere dag een schepje bruine bonen nam voor zijn gezondheid: "hij is chemicus, dus hij weet wel wat hij doet", aldus werd gezegd. Daar moest ik inwendig natuurlijk wel om lachen, tenslotte ben ik zelf ook chemicus en verbeeld me wat van gezondheid en voeding af te weten.
En ik eet relatief veel bonen en uien; mijn nieuwste recept, op basis van de boontjes van Theo: een stevige ui fijn snijden en bakken in een flinke lepel reuzel of eendevet met klein gesneden stukjes ontbijtspek en een rode peper. Als de uien glazig zijn een grof gesnipperde teen knoflook zachtjes meefruiten; vuur laag en met deksel erop laten nagaren. De dag tevoren een stevige hand witte bonen in de week zetten; 40 minuten koken. Een flinke portie sperziebonen koken (12 minuten). Tot slot witte bonen en sperziebonen afgieten en bij het uimengsel voegen. Goed roeren, op smaak brengen met zout en smullen. Gezond en bijzonder goed voor de stoelgang en dus voor de gezondheid; beter dan medicijnen.

16 augustus 2014

Friterie An en Piet in Gulpen

Wie regelmatig met de Interliner 50 tussen Maastricht en Vaals of Aachen rijdt kent het busstation van Gulpen. En daar het markante stel An en Piet; zij een kordate dame die zich de kaas niet van het brood laat eten en met haar sappige Limburgs de scepter zwaait in de snackbar. Piet is een zo te zien goedaardig, rustig mens; hij staat er ook niet zo vaak, althans ik zie hem de laatste tijd niet meer in de zaak. Ze bakken hier de lekkerste friet die ik ken; alleen in Albanië heb ik vorig jaar nog lekkerder friet gegeten en vroeger in Vlissingen.
Een aantal jaren geleden, ik werkte nog bij OmniHis, d.w.z. ik was met langdurig ziekteverlof wegens zware overspanning, gebeurde het volgende. In het kader van de ziektebegeleiding had ik een gesprek met iemand van OmniHis. Daarna zou ik doorreizen naar Vaals, naar Dick waar Roos ook naar toe was gegaan. Namens de OmniHis organisatie kreeg ik een grote bos bloemen; goed bedoeld, maar wat moest ik ermee; de hele reis naar Maastricht en door naar Gulpen zat ik een beetje in m'n maag met die bloemen; ik heb ook helemaal niks met bloemen, die horen in de natuur vind ik en niet in huis in een vaas; ik vind het ook gewoon lastig in huis hoewel het wel erg vrolijk staat als ik zo af en toe een bos of een krans van mijn buurvrouw of van bezoek krijg; buurvrouw is helemaal gek op bloemen en af en toe mag ik daarvan meeprofiteren in "ruil" voor erwtensoep of andere winterkost. Neemt niet weg dat ik niet goed wist wat ik met die bos bloemen moest.
Maar eenmaal uitgestapt op busstation te Gulpen, waar ik uiteraard een frietje moest scoren vanwege de uitstekend kwaliteit aldaar, wist ik wat ik met de bloemen moest doen; ik gaf ze gewoon aan An die daar stond met een andere dame. Ik vertelde haar dat ik aan de wandel wilde en een beetje in m'n maag zat met die bos bloemen: "Mag ik ze aan u geven". Nou dat viel in goede aarde: "O, dat is leuk, wat zullen onze mannen jaloers zijn?!"
Ik kon met vrije handen aan de wandel gaan en ontmoette Dick en Roos ergens onderweg of op de flat, dat weet ik niet meer. Maar die bloemen kwamen goed terecht. Later heb ik er nog eens naar gevraagd aan An en ze wist het zich nog goed te herinneren: "we hebben gezegd dat we ze van een bewonderaar hadden gekregen", wist ze me te vertellen. Zal wel har har.

15 augustus 2014

Foto van man met kind

In mijn opruimwoede kwam ik ook een paar oude foto's tegen waaronder eentje waarvan ik echt niet meer wist dat ik die had: een oudere man waarvan je het achterhoofd ziet en die een hand geeft aan een lief klein meisje van een jaar of vijf. Het meisje lacht de man vriendelijk toe met haar blonde haartjes en gekleed in een lief zomerjurkje. Aan die foto zit een verhaal.
Jaren geleden ging ik voor het schrijven van ingewikkelde nota's vaak naar Luxemburg, Kautenbach, hotel Huberty. PC mee, al wandelend inspiratie opdoend en tussendoor het rapport schrijven. Was een efficiënte manier van doen. 'sMorgens werkte ik eerst de aantekeningen van de vorige middag uit; vervolgens bedacht ik welke paragraven ik zou gaan doordenken en dan ging ik aan de wandel. Tijdens het wandelen sprak ik mijn gedachten in in een "lulijzer", oftewel een dictafoon. Die werkte ik dan uit tot aantekeningen en die verwerkte ik dan in een paragraaf van het rapport. Zo heb ik een indrukwekkend rapport geschreven onder de titel "Huisarts en Informatisering 2000" weet ik nog. Dat was in m'n DHV tijd en vooral gebaseerd op mijn kennis en ervaring, opgedaan in mijn KPMG tijd. Maar dit eigenlijk ter zijde.
Ik zat dan enkele dagen in het hotel, buiten het toeristenseizoen, dus weinig mede-hotelgasten.
Op een ochtend, na het ontbijt kwam ik aan de praat met een tweetal heren die daar ook verbleven. Zij bleken beiden geestelijken te zijn, pastores en feitelijk op vakantie of misschien beter gezegd voor één van hen, op ziekteverlof. De oudste van de twee zat in een diepe depressie; dat kon je aan zijn blik duidelijk zien maar vooral aan zijn uitspraken. Hij had er zo ontzettend veel spijt van dat hij zijn hele leven had opgeofferd: "aan wat eigenlijk?" Hij had achteraf veel liever een gezin gehad; hij miste duidelijk iets. Ik had verschrikkelijk met hem te doen en we wisselden adressen uit.
Later heb ik hem enkele keren weer gesproken en bij die gelegenheid gaf hij me de boven beschreven foto: "dat was het gelukkigste moment van mijn leven", vertelde hij, "een kind dat naar me lachte". Destijds emotioneerde die uitspraak mij nogal, zeker omdat ik zelf in de gelukkige omstandigheid verkeerde van vader van een jong gezin. Dat ging door me heen toen ik deze foto zo onverwacht weer tegenkwam.

14 augustus 2014

De sluizen van IJmuiden

De grote zeesluis, gebouwd in 1930 op hedendaagse
"PanMax" breedte van 50 meter. 
Een waterwerk van jewelste; NL op z'n best, de zeesluizen in IJmuiden maar ik had ze nog nooit bewonderd. Eerlijk gezegd kende ik ze slechts van een vrij scabreus liedje dat m'n eerste schoonvader wel eens zong maar waarvan ik de tekst hier niet ga plaatsen!
Vandaag heb ik een genoeglijke dag, met wandeling genoten samen met vriend Peter C. We hadden afgesproken in de wereldstad Driehuis alwaar zijn dochter en schoonzoon wonen; op hun huis zou een dakkapel worden geplaatst en daar moest Peter als architect natuurlijk het zijne van weten. Imposant toen de dakkapel met een grote hijskraan over het dak heen, heel precies aan de achterkant van het huis geplaatst werd. Wat is er technisch toch veel mogelijk; de kraandrijver had het bedieningspaneel gewoon op z'n buik en bediende op afstand met drie joysticks het enorme gevaarte tot op de mm nauwkeurig.
Eerst nog even bij Peters' hoog bejaarde moeder langs; ik kan het altijd goed met haar vinden en had Peter gevraagd of we niet even bij haar langs konden gaan. Was gezellig; ze kletste weer honderduit; niet te geloven dat een 96-jarige nog zo bij de pinken kan zijn.
En daarna naar IJmuiden waar ik als gezegd niet eerder was. Het sluizencomplex is imposant; we staken vier verschillende sluizen over; zijn al in de 19e eeuw gegraven. De grote zeesluis is van 1930; er zal een nieuwe sluis worden gemaakt nu het Panamakanaal geschikt wordt gemaakt voor grotere zeeschepen; iedere zichzelf respecterende zeehaven zal zich moeten aanpassen, dus ook Amsterdam. Peter heeft zijn werkzaam leven voor een belangrijk deel in de Amsterdamse haven gesleten en weet er dus veel van.
Cementfabriek
Na het passeren van het sluizencomplex liepen we verder door het industrieterrein. Natuurlijk de hoogovens van Tatasteel; verder een enorme cementfabriek met een zandopslagplaats die zelf wel een strand leek. En het laatste stukje naar de pont; Peter zag nog een heel gebouwencomplex dat hij in de tachtiger jaren zelf nog als architect had ontworpen; nu lichtelijk verroest, maar leuk om zoiets te zien! We staken het NZ-kanaal over en liepen weer terug naar de auto. Was bij elkaar zeker 10 kilometer. tot slot hebben we ons tegoed gedaan aan een zooitje haring; heerlijke afsluiting van een gezellige dag.