05 juni 2014

Door de waterleidingduinen

Boomleeuwerik
Vandaag met Cyria S. door de waterleidingduinen gewandeld. Zij was ook deelnemer aan de Lesbos vogelreis 2014 van de SNP; dit gebied is voor vogelaars interessant, dus ondanks de wat sombere weersvoorspelling gingen we op weg. En ach, geen vogels dan toch altijd gezellig wandelen en kletsen. En inderdaad we hebben wat afgepraat over het boek van Jan Brokken over de pianist Egorov en over onze voorkeuren vwb literatuur. Ze had het toch vrij onbekende werk van Frank Westerman; "ingenieurs van de ziel" ook gelezen. De terreur van het Sovjet communisme kruist de laatste week merkwaardig genoeg steeds mijn pad. Het boek over Egorov, de lezing van Krielaars; merkwaardig toeval. Maar daarover kun je dan leuk van gedachten wisselen. Frits Bolkestein die veel beter dan de als intellectuelen beschouwde schrijvers als Harry Mülisch doorhad hoe slecht het Sovjet systeem, het communisme in de praktijk uitwerkte. Jan Brokken schaamt zich ervoor dat hij tegen de kruisraketten heeft geprotesteerd. Zo ver wil ik niet gaan, maar dat de Sovjet Unie zo pervers was konden we ons toch eigenlijk niet voorstellen. Hoe pervers het was kun je eigenlijk het beste zien als je "Goelag archipel" van Solzjenitsyn leest; huiveringwekkend.
Cyria had mij dit boek aangeraden; het las erg makkelijk en gaf veel aanknopingspunten voor gesprek. Niet alleen de USSR maar vooral de muziek.
Ondertussen zagen we de boomleeuwerik en de boompieper, de gekraagde roodstaart, allemaal vogels die ik nu aan mijn lijst kan toevoegen. Cyria probeerde mij ook de zang te doen onderscheiden; de zwartkop met zijn geluid van ketsende stuiters, dus niet de heggenmus zoals ik lang heb gedacht. Het valt niet mee.
Afgesloten met een kopje koffie resp. thee in "de Oase", een bijzonder sfeervolle uitspanning.
Nog vergeefs geprobeerd om bij Kathmandu een nieuwe rugzak aan te schaffen. Ik vroeg wat assistentie bij het maken van de keuze, maar de verkoper had er duidelijk geen sjoege van en wist niets beters in te brengen dan: "dat kunt u het beste maar zelf uitzoeken", mij achterlatend bij een rek met wel 60 verschillende dagrugzakken; het leek wel het schap met wasmiddelen bij AH (har har). Ik ga maar eens in Maarssen kijken; daar zit een interessante buitensportzaak heb ik begrepen.
Heb de eerste Opperdoesjes geschrapt, gekookt en gebakken; zoon Hugo kwam eten. Om 20.30 ging hij er weer vandoor. Gaf me even de tijd om een paar Bloggies te schrijven. Door de afgelopen vakantie loop ik behoorlijk achter en dat wil ik per se inhalen.

04 juni 2014

Gestaald publiek

Roos had me voor vanavond uitgenodigd voor een dansvoorstelling in het kader van het Holland  Festival. Onderweg liet ze me de folder zien: chereografie van de Keersmaeker op muziek van een contemporaine, Franse componist waarvan ik nog nooit had gehoord; dat beloofde wat.
Ik heb het niet zo op die moderne, nog niet uitgeschudde moderne kunstuitingen; vraag me altijd af wat hier over 25 jaar nog van resteert; denk dan aan die arme Schönberg die nog steeds niet breed wordt gewaardeerd.
Roos had prachtige plaatsen voor ons ingekocht; we zaten op rij 7 en hadden prachtig uitzicht op het enorme toneel van het theater in de Stopera. Er stonden stoelen en een vleugel opgesteld. De gong ging en iedereen zocht zijn/haar plaats op. Plotseling kwam een zevental muzikanten gedecideerd het toneel op en ging zonder poespas zitten met de instrumenten in de aanslag; geen welkomstapplaus?!
De fluitist dirigeerde met een hoofdbeweging en daar zette de ultramoderne muziek in; beetje minimalistisch, voortdurend zich herhalende toonreeksen met afwisselende ondertonen. Naar mijn gevoel was de vleugel merkwaardig genoeg niet zuiver gestemd, nee hij was gewoon vals. Kon me niet voorstellen dat een valse piano de bedoeling was. Het was voor mijn oren volstrekt ontoegankelijke muziek. Plotseling liepen alle musici weg van het toneel; alleen de pianist bleef doorspelen op zijn valse piano. Er kwamen dansers op die aanvankelijk heel minimalistische bewegingen maakten en af en toe ook helemaal stil stonden. Ook de pianist verliet het toneel. In een doodse stilte bewogen de dansers; in de zaal hoorde je het gepruttel van Stoma's.
Het bewegen ging zo langzaam dat mij het zelfde gevoel bekroop als bij het toneelstuk van Wim T. Schippers: toneelstuk voor vijf herdershonden, waarbij de toeschouwers een toneel voorgeschoteld krijgen met een bankstel waar een stel honden wat liggen en heen en weer lopen. Het publiek bleef muisstil daar waar ik op z'n minst wat gegiechel had verwacht.
Later kwamen de musici er weer bij; musici en dansers mengden zich; de valse vleugel werd rondgedraaid en over het toneel geschoven, iedereen bewoog in een soort langzame maalstroom, onderwijl de malle muziek producerend. Het fascineerde me wel maar ik vroeg me ook af wat lieden van niet-westerse culturen hier nu wel van zouden vinden.
Na een zeer minimalistische eindsprint eindigde het geheel plotseling en was er sprake van een geheel donker toneel. Het duurde wel 15 seconden voordat een aarzelend applaus opklonk.
Dat is bij de Mattheus passion wel anders; dat is een stuk waar applaus eigenlijk ongepast is, maar de laatste klank is nog niet weggestorven of een donderend, alle sfeer vernietigend applaus klinkt op.
Maar ook nu kregen dansers en musici terecht een donderend applaus en de tegenwoordig obligate staande ovatie. Ik was toch wel blij dat ik deze manifestatie mocht bijwonen hoewel niet echt mijn goesting; dankjewel Roos!

03 juni 2014

Weer zo'n "Annejet van der Zijl"

Spraken we vroeger van "een nieuwe Wolkers" wanneer er weer een boek van hem was uitgekomen, daar heb ik nu de neiging om te spreken over een "nieuwe Annejet"; wat een geweldige schrijfster op basis van historisch uitstekend gedocumenteerd materiaal. Het laatste boek dat ik van haar las ging over Gerard Heineken, de grootvader van - en voorbeeld voor Freddy Heineken.
Annejet geeft gedetailleerd aan hoe uit de initiatieven van voorvaderen uiteindelijk het Heineken concern door zijn inzet tot bloei komt; zijn zakeninstinct en ondernemerschap zijn echt ongelooflijk. Maar niet alleen dat waren de verdiensten van Gerard Heineken, daarnaast stond hij aan de wieg van uiteenlopende zaken als het tot stand doen komen van het Rijksmuseum, de Telegraaf, het Noordzeekanaal, kortom, de stad Amsterdam stond hem zeer nauw aan het hart net als bij grote Amsterdammers als Sarphati. Het gaat om die zelfde stroomversnelling in de tijd van Amsterdamse ontwikkeling waar ook Daniël Josephus Jitta, die overigens niet genoemd wordt in dit boek aan heeft deelgenomen.
Grootvader Gerard is door de tijd, maar niet alleen dat, ondergesneeuwd geworden; mijn grootmoeder zou zeggen: "hij is door een strontkar overreden", oftewel iemand heeft hem zodanig besmeurd dat hij er maatschappelijk ernstig onder te lijden heeft gehad; wellicht heeft dat ook zijn onverwachte vroegtijdige dood veroorzaakt.
Zijn huwelijk bleek onvruchtbaar; uiteindelijk wordt er toch een kind geboren dat overduidelijk is verwekt door een huisvriend; misschien niet makkelijk te verteren geweest voor hem, maar aangezien de vriendschap is gebleven en Gerard blij was met de opvolger voor het bedrijf heeft het hem uiteindelijk waarschijnlijk wel genekt. Een schoft kruiste zijn pad; het onaantrekkelijke zusje van zijn echtgenote wordt verleid door een beroepsoplichter die uiteindelijk alle drek over de familie uitspuit; leest u vooral zelf hoe dat in zijn werk ging. Ergens komt het verhaal me bekend voor, zij het uit recenter hoek: raadt u zelf maar.
Annejet heeft weer een geweldig boek afgeleverd:
Titel: Gerard Heineken Ondertitel: De man, de stad en het bier
ISBN: 9789021455440
Een echt aanradertje. Ik leende het als "sprinter" van onze bibliotheek. Toen ik gisteren kwam om mijn eerder bestelde boeken op te halen kwam ik Roos daar ook tegen met dit boek, opgediept voor mij van de leestafel met sprinters. Ze voorspelde al dat ik het in één ruk uit zou lezen, waarvan acte! Ga het straks direct terug brengen zodat anderen het kunnen lenen; ik mocht het slechts een week thuis houden.

02 juni 2014

Het brilletje van Tsjechov

Afgelopen zaterdag maakten Roos en ik na het avondeten nog een ommetje naar het kerkje van Loutro. Daar zat op een bankje, in de laatste directe zonnestralen een wat oudere, naar later bleek bijzonder spraakzame maar toch interessante Belgische meneer. We raakten direct in een gesprek verwikkeld; tot onze verbazing luisterde hij zelfs en was er sprake van een echt gesprek!, maak je niet vaak meer mee; de meeste mensen vergeten dat we niet voor niets 2 oren om te luisteren, maar slechts 1 mond om mee te praten hebben. We spraken over de Belgische situatie van Vlamingen en Walen; hij had niets met de Franstalige politici, met de Vlaamse ook niet zo geloof ik.
Hij adviseerde ons met klem om ook eens naar het eilandje Gavdos te gaan; hij had daar voor de gelegenheid zelf een website over gemaakt.
We kwamen ook over literatuur te spreken; hij noemde enkele namen van schrijvers die door Roos ijverig werden genoteerd; wij houden wel van een gefundeerd leesadvies. Een grappige titel van een boek was: "het brilletje van Tsjechov", naam van de auteur klinkt nogal Belgisch, Michel Krielaars, maar het betreft een voormalig correspondent van de NRC aldus onze Vlaamse vriend.
Wie schetst mijn verbazing toen ik na thuiskomst bij het doorbladeren van het in twee weken in mijn brievenbus belande papierwerk in één van onze huis aan huis bladen een berichtje las dat Michel Krielaars vanavond een lezing zou houden in de boekhandel op de Hessenweg, alhier. En daar ben ik natuurlijk naar toe gegaan.
Een qua vorm en inhoud heel bijzondere lezing; leek wel een toneelstuk waarin Michel de onwaarschijnlijke gebeurtenissen in Rusland illustreerde adhv zijn ervaringen zoals in het boek zijn verwoord met als tussenspel Russische liederen die door zijn met een prachtige heldere sopraanstem begiftigde echtgenote ten gehore werden gebracht onder begeleiding van een gevoelig spelende accordeonist.
Na afloop nog een glaasje en nog wat nagepraat met toevallig aanwezige oude kennissen. 

01 juni 2014

De Eleonora's valk

Nee, ik heb deze vrij zeldzame vogel niet mogen waarnemen; zou me ook niet meevallen want ik kan nog geen kiekendief van een buizerd onderscheiden.
In het vliegtuig terug naar Eindhoven zat ik naast een aardige leeftijdsgenoot; hij moest naar Amsterdam en ook in de bus naar het vliegveld zat hij naast ons. We spraken wat en ik vertelde dat we ook naar vogels hadden lopen kijken. Hij nam het gesprek onmiddellijk over volgens de algemeen gevolgde sociale spelregels en vertelde dat hij bij een lezing aan de UvA een interessant verhaal had gehoord over vogels waaronder over de wespendief. Daarvan trekken de paartjes samen op, maar na de broedtijd scheiden hun wegen en gaat de ene naar "links" en de ander naar "rechts". Aldus was door wetenschappelijk onderzoek met zendertjes vastgesteld. Als de broedtijd aanbreekt dan zoeken ze elkaar weer op. Mocht het mannetje te laat zijn dan zoekt het vrouwtje een andere partner en moet het mannetje eventueel ook een andere partner zoeken. Nou ja, niet echt schokkend. Maar hij vertelde ook een verhaal over een valk waarvan hij alleen nog wist dat de soort de naam van  een koningin had. De naam schoot mij te binnen; Joost mag weten waarom, maar ik putte de naam Eleonora valk uit mijn geheugen En dat was 'm.

31 mei 2014

Vervelen in Chania

Aan de jus in Chania
En zo was dan weer onze laatste dag van de vakantie aangebroken. Met de bus van 7.00 uur vanuit Sfakion naar Chania. Over haarspeldwegen die zo hoog gingen dat het wel leek of je in een vliegtuig zat. En dan door een arcadisch landschap met herders en hun kuddes, kleinschalige landbouw en vooral veel rotsen. Wat een verschil met ons platte landje aan de zee.
Aangekomen in Chania gingen we de stad maar eens wat grondiger verkennen. We waren er al voor 9.00 uur; rustig op straat; dat zou snel veranderen. We zetten ons neder bij een leuk tentje en dronken de zo langzamerhand wat obligate fresh orange juice; die Griekse koffie kon ik niet meer zien.
Het begon merkwaardig genoeg te regenen. Het weer op Kreta was deze weken echt van slag. Volgens de lokalo's was het nooit zo koud (wij vonden het prima weer) en waaide de sirocco nooit na 20 mei; inderdaad waaide het een paar keer hard vanuit zee, de zuidenwind, in klassieke tijden de Zephyr genaamd. En dat het regende dat kon helemaal niet. "You call this rain?!", voegde ik de terrashouder toe; het miezerde een beetje. "In Holland we know rain". Nou dat beaamde hij; hij was in vroeger jaren voor studie zeer regelmatig in NL geweest en wist hoe het bij ons kon regenen. Leuke ontmoeting.
Ryanair dus keurig op tijd
En toen gingen we weer verder onze tijd stuk slaan in Chania. Op een bankje en door het centrum van de stad. En dat leek wel Hong Kong; allemaal stalletjes en winkeltjes die de zelfde toeristenrommel verkochten en daar liepen de toeristen verveeld zeer langzaam langs heen. Het verbaasde mij verschrikkelijk: "dat is toch geen vakantie houden?"  vroeg ik aan Roos. Maar kennelijk is dit voor heel veel mensen de geijkte manier om zich te vermaken. Ik werd er helemaal lacherig van.
Tot slot nog een happie eten ergens en toen met de bus naar het vliegveld. Keurig om 21.30 lokale tijd kwamen we in Eindhoven. Lekker gesnurkt in ons eigen bedje.

30 mei 2014

Loutro

Loutro vanuit de hoogte. Piepklein en slechts
met de boot bereikbaar.
Volgens een Engelsman was Loutro een erg leuke plek en volgens een hotelhouder in een plaatsje voor Loutro (eindpunt van de bekende Samariakloof) waar we noodgedwongen moesten overstappen naar een andere boot, was het helemaal niks: een piepklein strandje met restaurants erachter; hij wilde dat we bij hem zouden blijven natuurlijk. Misschien wel waar, maar wij hebben ons prima vermaakt in Loutro! Nog kleiner dan Sougia; geen verbindingsweg met het achterland; slechts bereikbaar per boot, afgezien van de mogelijkheid van wandelpaden. Dus geen auto's; transport vond per boot of met de kruiwagen plaats. Je had het straatje, de restaurants en de winkeltjes en dat alles werd verbonden door het straatje annex terras, de aorta van het dorp.
Roos had per internet een verblijf geboekt vanuit Sougia; was helemaal niet nodig want je kon nog overal kamers krijgen. Het eerste verblijf was niet slecht maar we vonden direct een veel aardiger plek. En zo verbleven we in totaal ook hier in Loutro 4 nachten.
Dat was wel een heel stevige afdaling. Gariezelig!
En daar hebben we toch "gewandeld", beter gezegd geklommen. En ik heb daar m'n status van hoogtevreesgevoelig moeten bijstellen; als het echt moet dan zet ik toch wel door.
Eén van de eerste dagen hebben we de Aradenakloof "gedaan". Eerst een enorme, langdurige klim door stenig terrein en daarna weer zodanig dalen dat wij platlanders het gevoel hadden dat we naar de Tartarus werden gevoerd. Leuk was trouwens dat we bij twijfel veel steun hadden aan de GPS; de (gratis verkregen!) onderliggende kaart was van uitstekende kwaliteit. Roos was bij die afdaling angstiger dan ik merkwaardig genoeg. Uiteindelijk kwamen we beneden in de kloof aan. Ongelooflijk mooi; oleanders. Maar het was geen  Samaria kloof zal ik maar zeggen (daar kun je nog met een rolstoel in afdalen har har).
Buitengewoon Imposant die enorme rots-
muren. Dat blauwe stipje is Roos
De afdaling ging enkele keren via een uitermate goed gemarkeerd (soms op iedere meter een teken!) pad van rotsblok naar rotsblok waarbij zo'n veertig meter naar beneden werd overbrugd. Ik vond het machtig en ook eng; het had weinig zin om te zeiken; we moesten toch verder. En we hebben er heel erg van genoten. Aangekomen bij de zee bleek echter dat het ergste nog moest komen. De E4 heeft hier een heel vervelend stuk waarbij een klif moet worden genomen. En dat was pompen of verzuipen. Het begon nog een beetje te miezeren ook. Opgelucht en trots bereikten we de overkant en liepen we door naar Loutro. De volgende keer nemen we wel het bootje daar vanaf het strandje. Overigens kwamen we een vader en dochter tegen die deze klif de afgelopen week drie keer hadden "gedaan".

29 mei 2014

Wandelen met "steenmannetjes"


Steenmannetje
Bij onze bezoeken aan Rhodos, Kos en Lesbos hebben we nooit fatsoenlijke wandelpaden kunnen vinden. Maar hier op Kreta wel; veel zeer goed met zwart-geel gemarkeerde paden. Verder vind je overal nog de zogenaamde steenmannetjes; stapels stenen die eveneens aangeven hoe de route verloopt.
Toeristen maken daar soms fraaie bouwsels van. De hier getoonde vond ik wel erg aardig met zo'n klein steentje bovenop.
Maar we vonden er ook een keer eentje waarbij het leek of een kleine vrachtwagen stenen had gelost.
De Polyphemosgrot hebben we met name dankzij de steenmannetjes niet mis gelopen; daarvoor waren we gewaarschuwd door een restauranthouder die we daarnaar hadden gevraagd.

28 mei 2014

Tot ziens Sougia

Het management van ons hotelletje
Na vier overnachtingen en een hoop wandelplezier gingen we toch maar weer verder en namen afscheid van Sougia. Achteraf bleek deze plek toch wel onze grote voorkeur te genieten. Leuk plaatsje met een fijn strand goede restaurants, groentenwinkel en je kon er goed wandelen. Het onderkomen was heel plezierig; we hadden een kamer met balkon op de begane grond. Als we er 's-avonds wat zaten na te praten over de dag, stegen de heerlijke bloemengeuren van de door eigenaresse intensief onderhouden tuin naar ons op. Maar ja, er is een tijd van komen en een tijd van gaan; de tijd van gaan was nu gekomen, maar we gaan (dit jaar?) vast weer terug naar Sougia. Oktober werd ons meerdere keren aanbevolen door lokalo's. Moesten we maar eens bekijken op de Ryanair site.
Het balkonnetje tussen de bloemen. 
We voelden ons ontzettend thuis op dit plekje; nauwelijks auto's, een aantal kloven waar je fraai kon wandelen in de buurt, een lekker visresataurantje waar je calamares kon eten zoals het vroeger werd geserveerd. De eigenaar bleek ook chemicus te zijn tot mijn verrassing. We hadden het over het mals maken van octopus en hij noemde naast het mals slaan ook invriezen wat ik natuurlijk direct begreep omdat de celwanden daarvan stuk gaan, hetgeen de malsheid doet toenemen. En toen bleek dat we uit het zelfde vakgebied kwamen!
Later zou ik in zijn keuken leren hoe je het best calamares kunt bakken. Lukt mij nooit echt goed. Volgt nog in een Bloggie.

27 mei 2014

Dat noemden ze "porno"

De open haard in Milia waarin menig pagina van
Lawrence'  boekwerk verdween
Zo rond m'n veertiende, vijftiende jaar ben ik een keer stiekem met een enkele jaren ouder vriendje naar de rosse buurt in Amsterdam geweest. Ik had geen idee wat zich daar eigenlijk afspeelde, maar dat het geheimzinnig was dat werd me wel duidelijk. Daar in een obscuur boekwinkeltje lagen "vieze boekjes" in de etalage, waaronder "Lady Chatterlies Lover", van de hand van D.H. Lawrence naar ik later begreep.
Vele, vele jaren later heb ik het boek geleend van de bieb en gelezen. Net als Turks fruit van Jan Wolkers is het een heel liefdevol boek; romantisch, realistisch, maar kennelijk kon dat niet in het begin van de zestiger jaren.
Nog niet zo gek lang geleden hebben Roos en ik in een filmhuis de prachtig opgenomen Franstalige film, gebaseerd op het romantisch gedeelte van dit boek gezien. De film was ook nog eens ontroerend; er waren jonge vrouwen die met tranen in de ogen de bioscoop verlieten.
Nu vond ik laatst bij Roos een onvertaald dus engelstalig exemplaar van dit boek, in pocketformaat en van het zelfde jaar als ik: 1948. Sterk verkleurd, bijna uit elkaar gevallen; leek me uitstekend geschikt om mee te nemen op vakantie en al lezend weg te donderen. Dat heb ik van vriend Dick overgenomen; je neemt een oud boek en je scheurt het deel dat je hebt gelezen gewoon uit; zo kun je een boek ook met meerdere personen lezen.
Tot mijn verbazing is het Leitmotiv van dit boek helemaal niet de overspelige sex waardoor dit boek in ieder geval vroeger zo graag gelezen werd. Het is een boek dat de klassemaatschappij van "good old England" aanklaagt, de schandalige werkomstandigheden van de arbeiders tijdens de industriële revolutie. Het handelt over de positie van de vrouw in de bloedeloze, emotieloze Engelse maatschappij van 100 jaar geleden waarin "the sex thing" een noodzakelijk kwaad was om de soort, vooral de klasse in stand te houden.
Ik heb het boek met genoegen gelezen, waarbij telkens delen met de van ouderdom knisperende bladeren in prullenbakken of open haarden verdwenen.
Ik zal andere boeken van D.H. Lawrence ook weer eens ter hand nemen.

26 mei 2014

De grot van Polyphemos

Het portret van Polyphemos, de cycloop
Wie kent niet het verhaal van Polyphemos en Odysseus. Voordat ik deze zomer naar Griekenland zou gaan heb ik het bekende verhaal van Homerus, in de onvolprezen vertaling van Imme Dros weer gelezen; de Odysseia, het blijft een schitterend verhaal.
Vanuit Sougia kon je de grot van Polyphemos bereiken; de E4, het kustpad voerde je er langs. Volgens de restauranthouder van het visrestaurant moest je wel op de steenmannetjes letten want de officiële E4 ging er boven langs. Het was weer een hele klim naar boven; een stel druk doende, prachtig wit/zwarte vogels bij een hek en fladderend van boom naar hek, en verder geiten en prachtige uitzichten over de grillige kustlijn met hier en daar een strandje. De zuidkust van Kreta is werkelijk schitterend zeker wanneer de zon krachtig schijnt en dat was deze dag het geval.
Het was duidelijk een attractie want er liepen relatief veel mensen over de route; geen hordes maar je kwam toch af en toe iemand tegen. Daardoor konden we de gezochte grot ook niet missen. We hoopten maar dat Polyphemos niet thuis zou zijn har har. En ja hoor, daar doemde hij op; een grote grot, vol met geitenstront, zwart geblakerd plafond. Natuurlijk is het allemaal maar een mythe en hebben cyclopen slechts in de fantasie bestaan maar ik geniet er ontzettend van dat de door mij zo geliefde verhalen hier lijken te hebben gespeeld.
De grot van Polyphemos met geiten en al
Ook gisteren met het bootje heb je het gevoel dat je dicht bij de belevenissen bent van "de man van duizend listen"; het breinzoute water met z'n diep blauwe, bijna purperen kleur; de zuiden wind, destijds de Zephyr genoemd en nu de Cirocco; Gavdos, het eiland van Calypso, de godin met de mooie vlechten die Odysseus zeven jaar lang "dwong" om iedere nacht met haar het bed te delen; om medelijden mee te krijgen har har.
Het is er allemaal en je kunt er in stilte van genieten want erg druk is het er niet; als er al toeristen zijn dan houden die in het algemeen niet zo van wandelen. Maar in mei is het nog geen seizoen en is alles sowieso rustig.

25 mei 2014

Met de boot naar Lissos

In alle rust voer hij ons door de woelige baren
Vanuit het haventje van Sougia kon je dagelijks om 10.00 uur met een bootje naar het strandje van Lissos; dat wilden we graag doen en dan terug lopen via de klim naar boven, de vlakte die we eerder deden en dan weer via de kloof terug. Het waaide een beetje; in de haven merkte je daar niet veel van, maar eenmaal buitengaats wiebelde het notendopje krachtig op de golven. Roos zat er relaxed bij terwijl ik me met witte knokkels vasthield aan de railing. Bij een grote golf keek de schipper wel even naar ons hoe we het hadden.
Eenmaal aangekomen bij de landingsplaats was het wel duidelijk dat het niet veel harder moest waaien; het varen gaf dan wel geen problemen, maar aanleggen en uitstappen was een stuk moeilijker; de schipper vroeg dan ook of we terug zouden gaan lopen. Kennelijk was het maar de vraag of er 'smiddags wel geland zou kunnen worden; de wind wakkerde nog steeds aan. We namen afscheid van hem en daar schommelde hij weer terug.
We gingen lekker gestrekt in ons nakie op het strandje; eerst even een uurtje zonnen. Daarna gingen we de oudheden van Lissos bekijken. Met behulp van de GPS konden we het pad snel vinden; de onderliggende kaart was van uitstekende kwaliteit. Het meest imposant waren toch wel de overblijfselen van de tempel van Asklepios. Deze was behoorlijk goed geconserveerd, mede dankzij (sic) een aardbeving waarbij de resten waren bedekt totdat zij enkele decennia geleden werden opgegraven. De mozaïek vloer lag er nog behoorlijk goed bij na al die honderden jaren. We hebben er met aandacht doorheen gelopen en hebben foto's gemaakt.
Mozaïekvloer van de Asklepiostempel te Lissos
Even verderop was een bronnetje waar wij onze hoofden hebben verfrist en onze flessen hebben gevuld; er gaat toch niets boven natuurwater!
En toen de terugtocht; een enorme klim waarbij Roos zich afvroeg of ik het niet akelig vond. Gelukkig was dat helemaal niet het geval; de paden waren behoorlijk breed en dan heb ik eigenlijk nergens last van. De rest was bekend; de kale vlakte boven, de afdaling naar de Lissoskloof en dan de kloof tot we weer in het gezellige Sougia aankwamen bij ons leuke onderkomen met het balkon met de vele sterk geurende bloemen. Die tuin was de lust en leven van de eigenaresse die hier haar hele leven had gewoond.

24 mei 2014

De irinikloof

Is hij niet prachtig?!
Eigenlijk waren we heel iets anders van plan om te gaan doen toen we werden aangesproken door een Franse meneer die ons vroeg hoe je precies bij de irinikloof moest komen met de auto. Roos kende de omgeving en adhv onze kaart kon ze hem precies vertellen hoe hij moest rijden. We overlegden heel kort en vroegen vervolgens of we misschien mee konden rijden; dat was niet aan dovemansoren gevraagd vanwege onze kaart. En inderdaad konden we dankzij de kaart direct naar deze door iedereen aangeraden kloof toe rijden.
Deze kloof was weer verrassend anders dan de kloof van Lissos; een opmerkelijke zeer donkere bloem, een soort Aronskelk leek het wel, stond prominent in verschillende stadia van bloei en vruchtontwikkeling. Halverwege was zelfs een bankje en een waterkraan. We gingen daar zitten en aten kersen; die Griekse kersen zijn overheerlijk, dat had ik in Lesbos al ervaren.
We liepen verder totdat het einde in zicht kwam en draaiden toen om. We gingen opnieuw van de omgeving genieten op het bankje. En daar kwamen de twee Canadese mensen die we de dag tevoren ook kort hadden ontmoet in de kloof van Lissos. We raakten genoeglijk met elkaar in gesprek; ik vroeg hen wat hen trok naar deze streken aangezien Canada ook zo'n wilde natuur kent. Ze kwamen graag naar Kreta en naar de rest van Europa vanwege de afwisseling en de kleinschaligheid in vergelijking met eigen land. De schoonheid van het kloven landschap (Kreta heeft zo'n 100 kloven; echt een kalklandschap met karst verschijnselen) trok hen. Hij had ook last van hoogtevrees, net als ik; daarom liep hij een bepaalde kloof dan ook niet. Gelukkig stond die ook niet op ons programma.
Leuk klauteren door de Irinikloof
We liepen weer terug en namen een heerlijk glas vers uitgeperst sinaasappelsap en spraken een Duits echtpaar aan of we met hen terug mochten rijden naar Sougia. Onderweg gezellig met hen gepraat over het Sauerland waar zij vandaan kwamen. Moeten we ook maar eens heen gaan!

23 mei 2014

De kloof van Lissos

Op de boot naar Sougia
Lissos bestaat niet meer; het is een al eeuwen geleden verlaten antieke stad. Maar wat is gebleven is de naam die je ook terug vindt in de naam van een strandje en in de naam van de kloof.
We gingen met de ochtendboot van 8.30 uur naar Sougia; een leuk, zeer rustig, klein toeristenplaatsje met een strandje, winkels, restaurantjes en een prachtige wandeling in de genoemde kloof. Die wandeling maakten we de eerste middag. Van beneden naar boven. Eerst had ik een zak kersen gekocht en daar liep ik van te snoepen; en een mooie houten lepel van olijfbomenhout. Beetje onhandig om die mee te nemen bij deze wandeling want je moest behoorlijk klauteren. Dus verstopte ik beide bij het begin van de klim. Prachtig zo'n kloof. De natuur is er zo afwisselend.
Halverwege de kloof rezen de wanden heel hoog en kaarsrecht boven ons uit. Daar zaten allemaal mussen; dit is kennelijk de natuurlijke habitat van deze vogels die ik slechts ken als stadsbewoners.
Enorme steile wanden van de kloof
Ergens houdt de wandeling in de kloof op en voert zij verder stijl naar boven. Held die ik eigenlijk niet ben heb ik dat met veel genoegen gedaan. Boven gekomen op de vlakte liepen we richting Lissos. Van bovenaf kon je de antieke stad in de vorm van ruïnes zien liggen. Daar gaan we een keer naar toe met het bootje alzo besloten wij. Op de terugweg vonden we in het bos een enorme keverlarve; wellicht van een vliegend hert of een andere grote tor. Lijkt net een rups maar heeft niet van die schijnvoetjes. Mooie natuur daar.
We zagen ook veel plantensoorten en we hoorden allerlei vogelgeluiden. We waren vrijwel alleen in deze kloof; dat verhoogt het plezier wel ontzettend. Deze plek werd kennelijk ook gebruikt door de hier en daar los lopende geiten als overnachtings- of schuilplaats; er lag een grote hoeveelheid ingedroogde keutels; het leken wel kattenbakkorrels maar bij verpulvering was duidelijk dat het om keutels ging.

22 mei 2014

Anidri

Het terrasje van binnenuit gefotografeerd
Vanuit Paleachora gingen we een wandeling maken naar een paar bergdorpjes. We kwamen na een stevige klim over een asfaltweg in het dorpje Anidri. Daar was een ontzettend leuke gelegenheid om iets te nuttigen. We namen een groot glas vers uitgeperst sinaasappelsap; geen frisdrank, maar je wordt er wel dik van. We kozen een mooi plekje uit bij de railing van het terras met uitzicht over de kloof naar zee. Naast ons zat een viertal Limburgers nogal luidruchtig hun onvrede te uiten over het vaderlandse gezondheidszorgsysteem. Jammer, maar zachtjes praten is niet voor iedereen weggelegd helaas. We vertrokken en liepen verder omhoog naar een volgend bergdorpje. Uiteindelijk gingen we weer terug naar dat leuke terrasje en hebben er ook wat gegeten. Het was gevestigd in een voormalig piepklein schooltje; het interieur hebben we uitvoerig bekeken en gefotografeerd. Ik bestelde een heerlijke creatie van spek, vijgen walnoten en honing; echt de producten van het land en de combinatie smaakte fantastisch.
Daarna gingen we even het kerkje bekijken. En daar zagen we een aanwijzing hoe je naar het strand kon lopen. Roos had dat al ergens gezien dat er een pad liep van het hoog gelegen dorp Anidri naar het strand via de Anidri kloof. Het leek mij onmogelijk dat je die scherpe helling zou kunnen lopen, maar ja. Het begon al goed met een afstap die er niet om loog; de schrik sloeg mij om het hart en ik besloot om weer gewoon via de weg terug te gaan. Roos ging via de kloof.
Onderweg haalde ik me van alles in m'n hoofd; dit soort landschap zou niks voor mij zijn; waar was ik aan begonnen en ik zat in m'n rats over Roos.
Maar aangekomen in het hotel, nog geen kwartier later kwam Roos ook aangelopen; volgens haar was de kloof helemaal niet zo stijl en juist heel erg mooi om af te wandelen. Kortom, problemen. We zijn er gelukkig uitgekomen zoals latere wandelingen uitwezen. Ze liet me de foto's zien die ze had gemaakt en dat zag er allemaal schitterend uit. Ik moest ook maar eens zo'n kloof gaan proberen. Dat zou de volgende dag gaan gebeuren. Eerst gingen we nog even naar het strand en 'savonds weer lekker eten. Voor de lijn moet je niet naar Griekenland gaan, want het eten is zo lekker dat je ondanks al het wandelen kilo's aankomt.

21 mei 2014

Door naar Paleochora

Roos voor ons onderkomen in Milia
Na twee nachten in Milia gingen we door naar Paleochora. De avond tevoren hadden we uitgezocht hoe we precies moesten lopen om bij de volgende grote weg te komen waar we een bus konden pakken naar genoemde stad.
We hoopten dat we het eerste stuk met iemand mee konden liften en ja hoor, we waren nog maar nauwelijks op weg of we werden achterop gereden en uitgenodigd om mee te rijden met de Servische meneer die in het complex werkzaam was of misschien zelfs wel de chef was. Hij bracht ons tot de kruising waar we twee dagen tevoren uit de bus waren gestapt.
Leuke wandeling, dwars door het geaccidenteerde landschap over een rustige landweg; enkele, vaak piepkleine dorpjes onderweg. En daar kwamen we bij de volgende grote weg; ach, grote weg, er komt af en toe een auto langs. Er stroomde een forse beek.
Beek bij de afslag van de grote weg
 Naarmate je verder naar het zuiden van Kreta gaat wordt het steeds rustiger. het landschap wordt ook steeds weerbarstiger. Naar Paleochora valt het v.w.b. de ruigheid nog wel mee, maar later zouden we ervaren hoe ruig het landschap hier is.
Roos bedacht nog een uitstapje; de bus zou nog lang niet komen dus tijd genoeg. Maar na een forse afdaling bleek het ons niet duidelijk of we wel goed zaten; ook de GPS gaf geen uitsluitsel. Later bleek ook dat we een afslag te vroeg hadden genomen. Maar de afdaling was wel de moeite waard; we kwamen langs een beek, een merkwaardige ervaring in dit verder zo droge landschap. En daar zagen we gedurende enkele seconden een paar heel bijzondere vogels.
We gingen terug en zetten ons neer om op de bus of een taxi te wachten. Na een kwartiertje kwam er een taxi en even later zaten we in hotel Aris waar Roos had besproken voor 2 nachten. Leuk plaatsje waar de boot naar Sfakion, Sougia en Loutro vertrekt.
We hebben 'savonds heerlijk gegeten en na een vermoeiende wandeldag ook prima geslapen. Dat wandelen over asfaltwegen ligt mij wel; geen enge afgronden. Eigenlijk ben ik maar een schijterd in die berggebieden.

20 mei 2014

Naar Vlatos, nee niet flatus?!

Het bronnetje van Milia
Vanmorgen vroeg opgestaan en op weg naar het busstation van Chania. Was niet ver; onderweg nog een kopje koffie gescoord met een nog van huis meegenomen (bruine, zelf gebakken!) boterham met rollade van slager van Loo. En toen een spannende rit naar de wereldplaats Vlatos, ergens halverwege de route naar een zuidelijk strand waarvan de naam me is ontschoten. Roos hield haar vinger bij de kaart en wist de chauffeur er feilloos op te wijzen dat we er uit moesten. En ja hoor; daar begon de vakantie pas echt. Doodse stilte na het lawaai van de autobus die zich op wonderbaarlijke wijze over de smalle en langs ravijnen lopende route had gemanoeuvreerd; knap van de chauffeur; is toch anders dan van Harderwijk over de Veluwe naar Apeldoorn.
Vlatos lag een stuk verderop, maar eerst een uitspanning bij een honderden jaren oude plataan. Grappig, zo'n hoog bejaarde boom; de zeer dikke takken, waarvan er eentje zelfs van binnen was uitgebrand, toonden verse uitlopers; wat is het leven toch krachtig! Bij de uitspanning een "dakos", een keihard broodje met tomatenmoes gegeten met een glas sinaasappelsap en onze eerste Griekse koffie.
En daarna door naar onze werkelijke bestemming: Milia, een heropgebouwd, eens verlaten piepklein dorpje. Roos had het adres gevonden in een gids van National Geographic waarin ecologische onderkomens waren vermeld. Milia was de enige in Griekenland.
Het was een stevige wandeling, bergop en het was nogal heet; ik had de verrekijker meegenomen en nu omgegord, helaas voor niets want ik zag niet of nauwelijks vogels. Voor niets 2 kilo extra bagage meegenomen dacht ik al; viel mee want later hebben we veel plezier gehad met de kijker, zij het niet met vogels kijken.
Het was een leuk onderkomen; fijne appartementjes zonder al te veel luxe, maar wel CV. Maar vooral, een heerlijke keuken. Ik vond het een aardig concept waar veel buitenlanders afkomstig van uithoeken van de wereld op af kwamen, waarschijnlijk vanwege de genoemde gids.
De omgeving was wel aardig; voor ons platlanders hoge bergen met wat mogelijkheden om de benen te strekken. De meesten gingen er met de auto vandoor; in de buurt was niet zo veel te doen, maar ontbijt en diner waren meer dan voortreffelijk.
De tweede dag van ons verblijf in Milia kwamen we een NL's echtpaar tegen dat hier aan het wandelen was; kennelijk stond het hier wel bekend als wandelgebied ondanks de zeer beperkte mogelijkheden. Leuke ontmoeting; ook hij was werkzaam bij ASML en hij vertelde wat technische zaken die mij versteld deden staan.

19 mei 2014

Opweg naar Kreta

Vandaag begon onze vakantie naar Kreta; Roos was er nooit geweest en ik zo'n dertig jaar geleden. Iedereen riep over de Samariakloof die we moesten gaan lopen. Hadden An en ik destijds ook gedaan, maar het zou anders verlopen.
We vlogen pas laat, dus rustig aan en halverwege de ochtend op weg naar Eindhoven. We vlogen, zoals het Ryanair betaamt, keurig op tijd, om 15.30 uur en kwamen zo'n drie uur later om pakweg 19.30 uur lokale tijd aan op de luchthaven Chania. Onderweg nog wat gesproken met een jonge medepassagier; hij was een liefhebber van kate-surfen (met zo'n vlieger weet je wel), maar was geblesseerd en zou nu gaan zeilen met een stel vrienden. Hij was werkzaam bij ASML. Ik vertelde dat ik als NLer trots ben dat we zo'n superbedrijf  herbergen in ons land; een volle dochter van Philips dacht ik.
Bij aankomst was alles goed geregeld; een stadsbus bracht ons naar het stadje, dat me al jaren geleden door vriend en collega Mattees vD was aangeraden: Chania. Roos wist precies de weg; we liepen zo naar het haventje, naar het hotelletje dat ze had geboekt en even later liepen we over het rustige haventje met talloze restaurantjes en nog veel meer terrasjes. Nauwelijks gasten dus iedereen liep aan ons te trekken. Net als op Kos vond ik de meeste tentjes niet aantrekkelijk, maar gelukkig vonden we er eentje die naar later bleek ook echt, origineel Grieks eten voorzette. Een stel jongens zong en speelden de simpele Griekse muziek gezeten op stoeltjes die de restauranthouder voor hen ter beschikking had gesteld.
We hebben heerlijk Stifado gegeten met een raki als afsluitertje.
Leuk begin van de vakantie.

18 mei 2014

De lokale economie van Skala Kalloni

De kreeftjes op de kar bewegen nog, zo vers zijn ze.
Het haventje van Skala Kalloni is het bezoeken meer dan waard; bootjes en werkende vissers die de netten herstellen. De kleurige bootjesmaken het tot een vrolijk tafereel. Daar tussendoor rijdt een wagentje dat de verse vis opkoopt en vervolgens in het dorp gaat verkopen.
Verderop bij het haventje heb je de bakker; hij bakt in een echte houtoven die gestookt wordt met takkenbossen. Als de oven heet genoeg is wordt daar brood en gebak in afgebakken. Iedere morgen gaat het gezelschap van vogelaars langs bij de bakker om applepie en ander lekkers bij hem af te nemen. De auto's ruiken in de ochtend steevast naar kaneel en appel; heerlijke lucht.
Ruud moet altijd lachen om wat hij noemt de lokale economie. De vis die bijna nog spartelend in de straten van Skala Kalloni en het veel grotere Kalloni wordt verkocht. Het kan niet directer.
In de verschillende supermarktjes van Skala Kalloni kun je ook van alles kopen dat direct op Lesbos is geproduceerd: vijgen van Eresos (de plaats waar Sappho heeft geleefd), honing, tomaten, walnoten. Ik kocht voor thuis een forse hoeveelheid walnoten, witte bonen en knoflook; echt "biologische" producten.

17 mei 2014

Teempraten

Van vroeger jaren herinner ik me nog dat mijn ouders een kleuterjuf in de kennissenkring hadden; een lieve vrouw die heel goed met kinderen kon opschieten. Zij had echter één beroepsdeformatie zoals ik het tegenwoordig zou noemen: zij sprak je altijd aan alsof je een klein kind was, een beetje vanuit de hoogte, een beetje neerbuigend misschien, nu zou ik zeggen: "temerig".
En wat me tegenwoordig opvalt is dat ouders niet meer op een normale manier met hun jonge kinderen praten; het gaat meestal op zo'n temerige manier, alsof je hun toestemming vraagt. Dan zie je zo'n joch van een jaar of 5-6 met een ontevreden gezicht, valhelm op, gloednieuwe fiets en dan moeder die op overdreven vriendelijke toon zijn instemming vraagt voor iets heel normaals. En dat joch maar ontevreden en verongelijkt blijven doen.
En bij de supermarkt; zo'n vader van de achterbankgeneratie, aan z'n gezicht te zien zelf ook altijd verwend geweest vermoed ik, die bij de boodschappenband staat met twee kleuters: "Jan Kees jij mag de broccoli op de band leggen", "Pieter leg jij de yoghurt op de band". En dan het bijleggen van de onmin die tussen de broertjes ontstaat op een toon waarbij mijn tenen gaan krullen. Ik word te oud voor dat gezeik merk ik; ik was een behoorlijk rechttoe rechtaan vader; geen gezeik.
Overleggen, en nog eens overleggen; proberen te overtuigen van iets volstrekt normaals en op een toon of je een hele inspanning van hen vraagt om het ermee eens te zijn. Ik word er niet goed van en ervaar het als "teempraten".
Maar nu was ik afgelopen maandag in het rijksmuseum; een groep jonge mensen, middelbare scholieren denk ik, werd daar toegesproken door een vrouwelijke gids. Dat ging ook op zo'n manier als een kleuterjuf alsof je anders niet meer tot die jonge mensen door zou kunnen dringen; spreek toch normaal met jonge mensen, het zijn toch geen babies.
Moest ik even opgemerkt hebben.